'Hoge Raad Justitie is leeuw zonder tanden'

Hoogleraar Paul Van Orshoven neemt ontslag bij de Hoge Raad voor de Justitie. Dat vernam De Tijd. Van Orshoven was nog maar een jaar aan de slag bij de Hoge Raad en had nog drie jaar te gaan. Hij vertrekt ‘omdat hij zich wil toeleggen op zijn academisch werk’, maar bekritiseert ook de werking van de Hoge Raad.

Vorig jaar begon een nieuwe lichting van 44 magistraten, advocaten, professoren en vertegenwoordigers van het middenveld aan hun mandaat bij de Hoge Raad voor de Justitie. Ze moeten enerzijds magistraten voordragen voor benoemingen, en anderzijds klachten van burgers onderzoeken, evenals eigen audits uitvoeren over andere problemen bij justitie. Een van de bekendste leden was - naast ex-CD&V-senator Tony Van Parys - Paul Van Orshoven (63), in de huis­kamers bekend als de hoogleraar publiek recht van de KU Leuven. Van Orshoven groeide uit tot een van de actiefste en bekwaamste leden van de ‘advies- en onderzoekscommissie’ van de Hoge Raad die adviezen geeft over wetswijzigingen en alle klachten en wantoestanden onderzoekt.

Maar na amper een jaar geeft Van Ors­hoven er de brui aan. Zijn ontslagbrief is al bezorgd aan de voorzitster van de Senaat, Sabine de Bethune, die er ‘met spijt’ akte van heeft genomen. ‘Ik heb ontslag genomen om persoonlijke redenen. Het blijkt niet combineerbaar met mijn job als hoogleraar’, vertelt Van Orshoven. ‘Ik wil de laatste drie jaren voordat ik met emeritaat ga, nog academisch werk leveren. Dat is de enige reden van mijn vertrek. Maar dat neemt niet weg dat ik geen vrede heb met de manier waarop de Hoge Raad voor de Justitie moet werken. Het is een leeuw zonder tanden.’

De Hoge Raad, die na de ‘Witte Mars’ van 1996 het vertrouwen in justitie moest doen herwinnen, faalt volgens Van Orshoven op meerdere vlakken. ‘Wat gebeurt met de ­audits en de adviezen die de Hoge Raad uitbrengt? Niets. Ik betwijfel zelfs of de minister van Justitie onze adviezen over wetswijzigingen leest. Het is niets meer dan een obligaat nummertje. Alleen voor de benoeming van magistraten is de Hoge Raad nodig. Zonder voordracht kan de minister zo’n benoeming niet doen. Meer niet.’

Wat met de audits over wantoestanden bij justitie? En de honderden klachten die de Hoge Raad elk jaar krijgt over justitie? ‘Die zijn alleen goed voor de ‘tribune’. Als er een crisis opduikt, bieden ze een mooie uitweg om het brandje te blussen. Maar als zo’n audit na verloop van tijd klaar is, gebeurt er niets mee. Ik ben zeker ontevreden over de manier waarop de buitenwacht omspringt met de Hoge Raad.’

‘Met de klachten van burgers kan de Hoge Raad niets meer doen dan noteren of de klacht gegrond is of niet. De Hoge Raad heeft gewoonweg niet de bevoegdheid om iets te doen met de klachten die gegrond zijn. Ondanks de inspanningen van de Nationale Tuchtraad, waar ik trouwens ook in gezeteld heb, gebeurt weinig of niets met de tuchtdossiers tegen magistraten.’

Ook de interne werking van de Hoge Raad neemt Van Orshoven op de korrel. ‘Na mijn korte passage bij de Hoge Raad ben ik er steeds meer voorstander van om justitie te defederaliseren. Hier zitten 22 Nederlandstaligen en 22 Franstaligen. Maar die denken totaal anders over justitie. De ene gaat links, de andere rechts en het resultaat is dat we in het midden stil blijven staan.’

Over het werk van de 43 andere leden van de Hoge Raad voor de Justitie wil Van Orshoven alleen kwijt dat ‘het zowel vermogen als godsvrucht vergt om nuttig werk te leveren’. ‘Je moet met andere woorden zowel kaas gegeten hebben van de materie, als het werk ernstig nemen. Als specialist van publiek recht in de ruimste zin, dus ook gerechtelijk recht, had ik natuurlijk de handen vol bij de Hoge Raad. Ik betreur dan ook dat ik sommige collega’s nu in de steek laat. Maar het kerkhof ligt vol met mensen die onmisbaar waren.’

Van Orshoven hoopt dat de Senaat zijn vervanging aangrijpt om ook de problemen met de samenstelling van de Hoge Raad aan te pakken. Zo blijkt al enige tijd dat twee niet-magistraten aan Franstalige zijde niet op een wettelijke manier benoemd zijn door de Senaat. In totaal moest de Senaat elf Franstalige niet-magistraten benoemen, van wie er vijf gekozen moesten worden uit een namenlijst die de advocatenordes en universiteiten hebben opgesteld. Maar in eerste instantie zijn slechts drie kandidaten uit die lijst gehaald, wat pas later is bijgestuurd, met alle onzekerheid voor de (belangrijke) benoemingen van magistraten die sindsdien aan Franstalige zijde zijn gebeurd.

‘Ik heb ook mijn wenkbrauwen gefronst toen ik het verhaal hoorde achter de benoeming van Michèle Loquifer als lid van de Hoge Raad. Zij is de echtgenote van ex-­minister Philippe Busquin (PS). Ze was tot voor kort voorzitster van de rechtbank van eerste aanleg van Nijvel. Maar er liep een gerechtelijk onderzoek tegen haar. En toch heeft de Senaat haar voorgedragen. Ze werd zelfs benoemd tot voorzitster van de Franstalige benoemingscommissie. Dat is hallucinant.’

Intussen is Loquifer wel geschorst bij de Hoge Raad, nadat in maart bekend geraakt was dat ze in verdenking was gesteld voor ‘intellectuele valsheid’. Het onderzoek tegen Loquifer, die haar onschuld staande houdt, begon naar aanleiding van een klacht van een andere magistraat. Die was kandidaat voor de vacature van rechtbankvoorzitter maar greep naast de post. Loquifer bezorgde een evaluatie van de magistraat aan de minister van Justitie. Dat rapport zou niet overeenkomen met het rapport dat de algemene vergadering van de rechtbank had bekrachtigd. Van politisering heeft Van Orshoven niets gemerkt. ‘Maar ik zat daar dus in heel leuk gezelschap.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n