Italiaans parlement grootste poenpakker

De Italiaanse premier Mario Monti, tijdens de voorstelling van zijn besparingsplannen in de Senaat - Foto AFP

De best betaalde parlementsleden in Europa wonen in Italië. Dat blijkt uit een onderzoek in opdracht van de Italiaanse regering. De Spanjaarden komen er het bekaaist vanaf, de Belgen zitten in de middenmoot.

De Italiaanse regering gaf de voorzitter van het Italiaanse instituut voor de statistiek (Istat), Enrico Giovannini, enkele maanden geleden een dubbele opdracht: klaarheid scheppen in de 'jungle van vergoedingen' voor parlementsleden en de kosten van overheidsinstellingen in kaart brengen.

Samen met vier academici en een vertegenwoordiger van Eurostat - het Europese bureau voor de statistiek - verdiepte Giovannini zich weken aan een stuk in een cijferlawine. Behalve Italiaanse getallen doorploegden de leden van de commissie ook Italiaanse, Franse, Duitse, Spaanse, Nederlandse, Oostenrijkse en Belgische cijfers.

In een 37 pagina's tellend tussentijds rapport komen de onderzoekers tot de conclusie dat de Italiaanse parlementsleden veruit het best betaald zijn in Europa.

Bruto

Bruto verdienen leden van de Italiaanse Kamer en Senaat meer dan 16.000 euro per maand. Daarmee geven ze de Fransen (13.500 euro) en de Duitsers (12.600 euro) ruim het nakijken.

De Nederlandse parlementsleden zijn met iets meer dan 10.000 euro bruto per maand iets beter af dan de Belgische collega's. Die moeten het zien te rooien met 9.200 euro bruto per maand.

De Oostenrijkers moeten tevreden zijn met 8.650 euro bruto per maand. Dat is nog altijd een pak meer dan de Spanjaarden die maandelijks 'slechts' 4.630 euro opstrijken.

Reiskosten

In de bedragen zijn behalve het maandelijkse brutoloon onder meer ook reis- en transportkosten verrekend.

Het rapport van de commissie-Giovannini zal ongetwijfeld stof doen opwaaien in Italië. De Italiaanse parlementsleden keurden in een jaar tijd immers vier besparingsplannen goed.

De Italianen voelen de crisis dan ook steeds meer in hun portemonnee. De kans dat ze na de publicatie van het tussentijdse rapport-Giovannini de straat optrekken om ook loonsverlagingen voor hun parlementsleden te eisen, lijkt reeël.

De Istat-voorzitter publiceert op 31 maart de definitieve conclusies van het onderzoek.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud