'De Planeten' - Dava Sobel

'De Planeten' van Dava Sobel, een voormalige wetenschapsjournaliste van The New York Times, is prettige literatuur voor wie weinig weet over wat er aan het uitspansel is te zien.

(tijd) Sobel, die een bestseller scoorde met 'Lengtegraad', vertrekt vanuit haar eigen kinderlijke fascinatie voor de planeten, die ze 'toverbonen en edelstenen' noemt. Die fascinatie is natuurlijk zo oud als de mensheid en dus verweeft de auteur mythologie, oude wereldbeelden, astrologie en poëzie door haar verhalen. Het belet haar niet om er ook de laatste onderzoeksresultaten over de planeten van de onbemande ruimtetuigen in te verwerken. Na een inleidend stuk over het ontstaan van het zonnestelsel, passeren alle planeten en onze maan één voor één de revue.

Lange tijd ging men er vanuit dat er maar zes planeten rond de zon draaiden. Tot sir William Herschel in 1781 de planeet Uranus ontdekte. De onregelmatigheden in de beweging van deze 'ijsreus' zette twee theoretici, Urbain Jean-Joseph Leverrier en John Couch Adams, onafhankelijk van elkaar aan het rekenen. In 1845 uitten ze zowat gelijktijdig het vermoeden dat een planeet aan de buitenzijde van het zonnestelsel verantwoordelijk was voor de grillige baan van Uranus. Die planeet was Neptunus, een wat kleinere ijsreus die voor het eerst werd waargenomen op 23 september 1846.

Toen waren ze dus al met acht. Maar andere cijferaars meenden dat er nog een negende planeet in het spel moest zijn om de koers van Uranus te verklaren. Achteraf bleek dat niet waar te zijn, maar de verwachting leidde wel tot de ontdekking van de planeet Pluto in 1930.

Voor elke planeet, en dus elk hoofdstuk, zoekt de auteur een wat andere invalshoek. Wel komen dezelfde ingrediënten, mythologie, astrologie, geschiedenis, poëzie, volksgeloof en wetenschappelijke feiten in verschillende doseringen terug. Het hoofdstuk over de Aarde, focust vooral op het in kaart brengen van de wereld, te beginnen bij Ptolemaeus. Terloops grasduinen we in de logboeken van ontdekkingsreizigers van Columbus tot Cook, terwijl de mens stilaan zijn plaats begint te kennen in een heliocentrische wereld.

Het verhaal van Mars wordt in de eerste persoon verteld door de meteoriet Allan Hills 840001. Deze Marsmeteoriet, 4,5 miljard jaar oud, werd in 1984 door geologen in Antarctica gevonden. Even werd geloofd dat het brokstuk sporen bevatte van buitenaardse levensvormen. Maar de laatste jaren vermoedt men dat de microfossielen die men meende te zien een gevolg zijn van laboratoriummanipulaties om monsters te prepareren voor onderzoek.

Ondertussen dromen anderen over de kolonisatie van Mars. Ook dat komt in het boekje van Dava Sobel aan bod. Er is niets onder de zon dat ze niet ter sprake brengt, al hadden echte astronomieliefhebbers misschien meer harde feiten gewild.

Dava Sobel - De Planeten. 2006, Amsterdam, Ambo, 231 blz., 16,95 euro, ISBN 90-263-1779-4.

Eric BRACKE

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud