Het goede gevoel bij een passie van Johann Sebastian Bach

De weken voor Pasen staan in de klassieke muziekwereld traditiegetrouw in het teken van de passiemuziek. De Johannes- en de Mattheuspassie van Johann Sebastian Bach behoren tot het summum van dat genre. Opvallend is dat in een periode dat het kerkbezoek fors afneemt, de belangstelling voor die kerkmuziek bijzonder groot is.

(tijd) De Johannes- en de Mattheuspassie ontstonden rond 1720 toen Bach als cantor in de Thomaskerk in Leipzig werkzaam was. Maar de werken kregen pas echt een plaats in het standaardrepertoire toen Felix Mendelssohn in 1829 een succesrijke uitvoering van de Mattheuspassie dirigeerde en zo een belangrijke duw gaf aan de Bachrevival. Omdat Mendelssohn Bach vanuit zijn eigen 19de-eeuwse uitvoeringspraktijk benaderde, bleef men de werken tot diep in de 20ste eeuw uitvoeren met grote koren en orkesten, aangevuld met een schare solisten. Maar Bach beschikte helemaal niet over grote koren, ontdekten musicologen de voorbije jaren.

Discussie

'Toch blijft er discussie bestaan over de grootte van het koor bij Bach', legt musicoloog Ignace Bossuyt uit. Hij schreef een luistergids over de Mattheuspassie en informeert het publiek bij de uitvoering in het Concertgebouw van Brugge.

'Er zijn historisch gezien veel argumenten voor de solistische bezetting. Maar omdat er van de Johannespassie vier versies bestaan en er soms sprake is van extra instrumenten voor bepaalde gelegenheden, kan men toch niet voor 100 procent aannemen dat het werk steeds in een kleine solistische bezetting werd uitgevoerd. Sigiswald Kuijken doet heel mooie dingen met zijn solistische bezetting, maar ik heb ook geen probleem met een iets grotere koorgroep.'

'De discussie mag vooral niet te fundamentalistisch gevoerd worden, en het resultaat moet overtuigend klinken. Toch pleit ik er niet voor terug te keren naar een koor van 50 zangers. Het is ook geen goed idee om commerciële redenen steeds op zoek te blijven gaan naar nieuwe benaderingen. De uitvoeringen van de Bachpassies die vandaag voorhanden zijn, zijn reeds van zeer hoog niveau.'

De afgelopen jaren mocht het publiek bij uitvoeringen van de Bachpassies ook wel eens de tussengevoegde kerkliederen, de zogenaamde koralen, meezingen. Ook bij de uitvoering van de Mattheuspassie in Brugge onder leiding van Ivan Fischer, zal men dat na een voorafgaande repetitie aanmoedigen.

'Er zijn geen waterdichte bewijzen dat men dat in Bachs tijd deed,' zegt Bossuyt, 'maar het is ook niet uitgesloten. Het gaat over gemeenschapsliederen, die een toepassing zijn van elementen uit het lijdensverhaal op het geloofsleven. De aria's zijn daarentegen eerder een individuele reflectie. Men moet wel opletten dat door het meezingen van het volk de melodiestem niet al te veel gaat overheersen op de drie onderstemmen. Want ook in de onderstemmen heeft Bach heel wat tekstuitdrukking en harmonische finesse verwerkt.'

Schoonheidservaring

Het blijft opmerkelijk dat in een tijd waarin het kerkbezoek minimaal is, de belangstelling voor de Bachpassies toch bijzonder groot blijft. 'Bij Bach heb je zoveel interpretatiemogelijkheden, zodat iedereen er zijn gading in kan vinden', legt Ignace Bossuyt uit. 'Er is een diepe religieuze boodschap, maar Bach hecht ook belang aan het puur muzikale. Zo kan het gevoel van een schoonheidservaring ontstaan, maar ook het besef dat het dagdagelijkse overstegen wordt en dat men geconfronteerd wordt met een zinvolle boodschap. Lijden is ook iets waar we allemaal mee te maken hebben. Een ervaring na een goede uitvoering van een Bachpassie is veel meer dan het gevoel alleen maar van muziek genoten te hebben.'

Behalve de Bachpassies is er de jongste jaren ook heel wat alternatieve passiemuziek aan de oppervlakte gekomen. Zopas verschenen twee 18de-eeuwse passies van Bachs zoon Carl Philipp Emanuel Bach en van Paisiello voor het eerst op cd, en in deSingel voert men de Mattheuspassie van Heinrich Schütz uit. 'Boeiende passiemuziek is te vinden van het gregoriaans, over Lassus, Telemann, Schütz en Bach, tot hedendaagse werken van Gubaidulina en Distler', zegt Bossuyt.

'Bach is natuurlijk de absolute supertop, maar dat mag de aandacht niet afleiden van de kwaliteit die daar net onder zit. De meeste van die componisten hebben in hun passiemuziek het beste van zichzelf gegeven. Vaak hebben ze zich overtroffen in hun passiemuziek.'

TE

Johannespassie, Collegium Vocale o.l.v. Philippe Herreweghe

  • Bozar (Brussel), zo. 25 mrt., 15u. tel. 02/507.82.00
  • deSingel (Antwerpen), ma. 26 mrt., 20u., tel. 03/248.28.28
  • de Bijloke (Gent) di. 27 mrt., 20u., tel. 09/269.92.92
  • Concertgebouw (Brugge), vr. 6 apr., 20u. tel. 070/22.33.02
  • Mattheuspassie, Orchestra of the Age of Englightenment o.l.v. Ivan Fischer
  • Concertgebouw (Brugge), za. 31 mrt., 20u., tel. 070/22.33.02

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect