Het subtiele spel van vraag en aanbod in Dranouter en Lokeren

Wanneer starten organisatoren met de voorbereiding voor hun festival? Welke spelers oefenen druk uit op vraag en aanbod, met het oog op een droomaffiche? De reeks 'Zomerfestivals': Lokerse Feesten en Dranouter.

(tijd) Vrijdag openen twee festivals de deuren waarvan de profielen dermate ver uit elkaar liggen dat ze mooi de diversiteit van ons festivallandschap aantonen. De ondertitel van het driedaagse Dranouter Folkfestival in het Heuvelland luidt 'The New Tradition'. Dranouter verscherpt zijn profiel een beetje na twee lastige jaren, al blijven ze in West-Vlaanderen zweren bij het beproefde mengsel van traditionele folkmuziek en rootsmuziek uit de rand van de rock. Lou Reed past daar niet meer in, Jamie Cullum nog wel.

De Lokerse Feesten vormen op allerlei vlakken de absolute tegenpool van Dranouter: het tiendaagse stadsfestival is, in tegenstelling tot Dranouter, volledig zelfbedruipend. De Feesten bevinden zich op de doorsnede tussen Marktrock in Leuven en het Cactusfestival in Brugge. 'Ik wil een zo breed mogelijk publiek bereiken', zegt organisator Peter Daeninck (35).

De voorbereiding begon vorig jaar. 'Twee edities vloeien netjes in elkaar over, ook al is Dranouter een eenmalige gebeurtenis. Dat geldt trouwens voor de meeste festivals', vertelt Marnique Deswarte, de programmaleider van Dranouter. 'Meteen na afloop wordt het festival geëvalueerd met alle medewerkers. In september starten dan de nieuwe logistieke onderhandelingen met de leveranciers, die vaak maanden kunnen aanslepen. We leggen ook een eerste vislijntje uit bij de boekingskantoren, vooral om te checken welke grote artiesten beschikbaar zijn.'

Marnique Deswarte is een van de zes voltijdse werkkrachten van de vzw Folkfestival, die een heel jaar betaald worden. Daarnaast ontvangen vier mensen een halftijdse verloning. Op de festivaldagen schakelt Dranouter ongeveer 2.000 vrijwilligers in. In Lokeren zijn er dat 600. Voor organisator Daeninck zijn de Lokerse Feesten een uit de hand gelopen hobby. Ondanks de toegenomen nationale uitstraling werkt hij nog steeds als commercieel bediende bij Techni Quarz in Temse. Zijn jaarlijkse vakantie loopt iedere zomer gelijk met de openingsavond van de Lokerse Feesten.

De praktische voorbereidingen gebeuren 's avonds na de dagtaak, thuis in zijn bureau met zijn computer en telefoon. Van daaruit voert Daeninck zelf de onderhandelingen met het stadsbestuur, leveranciers, managers en agenten. Hij nam dit jaar voor het eerst een bezoldigde halftijdse werkkracht aan, die de boekhouding en de sponsorcontacten verzorgt. 'Dat vergt meer tijd dan het samenstellen van de affiche. De aanwerving is vooral een garantie voor onze toekomst', zegt Daeninck.

Programmatie

Tot daar het logistieke plaatje van de twee festivals. Hoe komen de affiches tot stand? In Dranouter schrijven ze vlak na de zomervakantie een eerste longlist op een krijtbord. Op die lijst staan artiesten waarmee de eerste voorzichtige contacten zijn gelegd, broederlijk naast de grote kanonnen. Droomartiesten, zeg maar. 'Maar tussen droom en daad staan heel wat praktische bezwaren', zegt Deswarte. 'De uiteindelijke line-up is vaak een doorslagje van dat droomscenario.'

De programmamakers scouten hun artiesten op concerten en vak- en muziekbeurzen en luisteren heel het jaar door naar honderden cd's en demo's . Ze houden op het internet nauwgezet in de gaten wie en vooral wanneer op tournee gaat. 'Als ik ergens een gaatje zie, duik ik er meteen in', stelt Daeninck van de Lokerse Feesten.

Het subtiele spel van vraag en aanbod tussen festivalorganisatoren en boekingsagenten of managers begint meestal met een bod van de organisator. Een vraagprijs voor rockartiesten bestaat in principe niet (of hij wordt niet vrijgegeven), tenzij de groep een jaarlijkse klant is in het zomerfestivalseizoen. In dat geval circuleren de oude prijzen sowieso op de markt, en weten de agenten natuurlijk dat ze de organisatoren geen rad voor de ogen kunnen draaien.

Trouwe klant

De Lokerse Feesten zijn een trouwe afnemer van de catalogus van boekingsagent Live Nation. Omdat het evenement naar muziekbusinessnormen in een festivalluwe periode plaatsvindt, moet Daeninck soms in een kartel stappen met een buitenlandse collega om niet naast een grote naam te grijpen. Dat gebeurde vorig jaar met The Cure en dit keer opnieuw met de Britse funkgroep Jamiroquai. De band van Jay Kay treedt twee dagen na Lokeren aan op een groot festival in Oslo.

25 van de 35 groepen op de Lokerse Feesten komen uit de stal van Live Nation. De rest boekt Daeninck bij kleinere, meestal Belgische agenten. Duwt die afhankelijkheid van een grote promotor hem niet in een kwetsbare positie? 'Voor de komst van Live Nation werden dezelfde artiesten vaak door drie of vier concurrerende agenten aangeboden. Zij speelden het spel van vraag en aanbod tot de laatste snik. Nu zitten de meeste groepen exclusief bij Live Nation. De transparantie is veel groter.'

Verzakelijking

Dranouter moet ook eerst langs Live Nation passeren, althans voor voor het commerciële deel van de affiche. De sector van de traditionele volksmuziek, de tweede pijler van het Dranouter-programma, onderging het voorbije decennium een grondige verzakelijking. Deswarte: 'Vroeger kon ik de Chieftains persoonlijk opbellen, terwijl ik nu eerst voorbij een heleboel binnen- en buitenlandse contactpersonen moet. Tegenwoordig laat zelfs de kleinste Ierse folkgroep haar zaakjes door een agent of een manager behartigen. Die mensen weten maar al te goed hoeveel hun artiest waard is. Ze zwaaien lustig met exclusiviteitseisen en dwingen zo hogere gages af.'

Deswarte (55) is die omstandigheden beu, maar hij geeft ook toe dat Dranouter ze zelf heeft gecreëerd omdat het festival elk jaar wilde blijven groeien: 'De folkscene dreigt het slachtoffer van ons succes te worden.' Omdat hij 'de dwaasheid' niet meer aan kan, geeft hij de fakkel binnen enkele jaren door aan Geert Gombeir en Bavo Vanden Broeck. Zij draaien al enkele mee als medeprogrammatoren. Het kost beide dertigers duidelijk minder moeite om in die commerciële logica mee te draaien. Gombeir: 'Die logica haalt misschien de charme uit de folkscene, maar veel groepen geraken zo na jaren aanmodderen vaak over de barrière van de onbekendheid.'

Thomas PEETERS

Foto: Belga

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud