Rechtbank Antwerpen spreekt wielerbondscoach De Cauwer vrij -update

(bega) - De correctionele rechtbank van Antwerpen heeft dinsdag ontslagnemend wielerbondscoach José De Cauwer (46, foto Belga) vrijgesproken van handel in en bezit van amfetamines. De rechtbank oordeelde dat de feiten lastens hem ofwel verjaard ofwel niet bewezen waren. Het openbaar ministerie had tegen hem een celstraf van drie maanden met uitstel en een boete van 5.000 euro gevorderd.

Hoofdbeklaagde Marc C. uit Deurne kreeg acht maanden met uitstel. Hij leverde in totaal 236 potten cocktails van dopingproducten. Volgens de rechtbank had hij een wijdvertakte handel in amfetamines opgezet. De rechtbank tilde er zwaar aan dat hij nog steeds begeleider is van een jeugdploeg. Zijn vrouw Maggie P. kreeg opschorting van straf.

Vijf andere beklaagden kregen een werkstraf van zestig uur opgelegd. Voor Ronny W. was een celstraf van drie maanden met uitstel weggelegd. Sigi R. kreeg geen bijkomende bestraffing, omdat hij al voor gelijkaardige feiten veroordeeld was tot tien maanden, waarvan de helft effectief.

Al deze figuren uit de wielersport hadden tussen augustus 1995 en oktober 2000 amfetamines geleverd aan de verslaafde amateur-wielrenner Ronny Vansweevelt. Ze deden dit hoofdzakelijk om in hun eigen gebruik te kunnen voorzien.

De zaak ging aan het rollen toen Vansweevelt op 31 oktober 2000 na een verkeersongeval probeerde te vluchten voor de politie. Na een wilde achtervolging werd hij in de boeien geslagen. Hij had amfetamines op zak en bekende dat hij sinds 1995 de 'pot belge' gebruikte. De wielrenner, die uiteindelijk geïnterneerd werd, babbelde zijn leveranciers aan de galg en daarbij viel ook de naam van José De Cauwer.

De nu 56-jarige wielerbondscoach had Vansweevelt naar eigen zeggen als eerste in contact gebracht met amfetamines toen zijn carrière in het slop dreigde te geraken. De Cauwer gaf hem in augustus 1995 het restant van een pot belge, zodat hij het seizoen kon uitrijden. Toen Vansweevelt steeds meer wilde, belde de bondscoach voor hem naar de Nederlandse verzorger Cees Matseurs. Hij gaf de wielrenner ook het telefoonnummer van 'Schele Cees'. Die kwam met Vansweevelt overeen dat ze de brievenbus van De Cauwer als doorgeefluik zouden gebruiken voor de leveringen van de pot belge.

Volgens het openbaar ministerie gebeurde dit alles tussen 1 augustus 1995 en 30 april 1996, maar de advocaten van de bondscoach meenden dat de feiten zich eerder in 1993 en 1994 hadden afgespeeld, waardoor ze verjaard zouden zijn. De rechtbank volgde hen daarin en sprak De Cauwer voor die tenlastelegging vrij.

De bondscoach moest zich daarnaast ook nog eens verantwoorden voor een cortisonespuit die in 2001 bij een huiszoeking in zijn tuinhuis werd gevonden. Het spul was al sinds 1993 vervallen en De Cauwer beweerde dat hij niet eens meer wist dat de spuit daar lag. Aangezien de rechtbank over geen bewijzen beschikte die het tegendeel konden aantonen, werd hij ook daarvoor vrijgesproken.

De Cauwer maakte eind september, na het WK in Madrid, bekend dat hij stopte als bondscoach. Vanaf volgend jaar staat hij in voor de coördinatie van de jeugdwerking bij Davitamon-Lotto.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud