Reeks Nederland: Nederlanders kiezen in opperste verwarring nieuw parlement

Over zes dagen gaat Nederland naar de stembus. Sinds 2002, toen de rechtspopulistische Pim Fortuyn de verkiezingen won, ligt het Nederlandse consensusmodel helemaal aan diggelen. De christendemocratische minister-president Jan Peter Balkenende bracht het land geen politieke stabiliteit. Maar de CDA-voorman vraagt de kiezers toch om een nieuwe ambtstermijn.

Minister-president Balkenende slaagde er maar niet in stabiliteit te brengen in de Nederlandse politiek en versleet drie kabinetten - foto belga

(tijd) - Balkenende trad enkele maanden na de tumultueuze verkiezingen van mei 2002 aan als minister-president. Hij was als grote winnaar uit de verkiezingen gekomen, samen met de Lijst Pim Fortuyn (LPF), van de gelijknamige rechtspopulistische politicus die enkele dagen voor de verkiezingen was vermoord. Het christendemocratische CDA van Balkenende en de LPF vormden een regering met de rechtsliberale VVD, die tot dan deel had uitgemaakt van de paarse coalitie.

Sindsdien heeft Balkenende al drie kabinetten versleten. Zijn coalitie met de LPF hield 89 dagen stand. De vele ruzies in de parlementsfractie van de LPF maakten dat Balkenende niet meer aan regeren toekwam. Na tussentijdse verkiezingen in 2003 smeedde Balkenende een coalitie met opnieuw de rechtsliberale VVD, en met de linksliberale partij D66.

In de zomer van dit jaar viel dat kabinet over het beleid van de rechtsliberale minister van Immigratie Rita Verdonk. Sindsdien leidt de minister-president een minderheidsregering van het CDA en de VVD.

Zeldzaamheid

Het is maar weinig politici in de Nederlandse geschiedenis gelukt in vier jaar tijd drie kabinetten te verslijten. Een kabinetscrisis was tot begin deze eeuw een zeldzaamheid in de Haagse politiek. De meeste kabinetten zaten de volle rit uit. Nederland was een toonbeeld van rust in Europa. De consensus heerste over de polder.

Maar sinds 2002 ligt het harmoniemodel aan diggelen. De onvrede over de grootscheepse immigratie kwam tijdens de verkiezingen dat jaar als een vulkaanuitbarsting naar buiten. De verloedering in de migrantenwijken en de relatief hoge criminaliteit onder allochtone leidden tot het failliet van het multiculturele beleid, waarin alle bevolkingsgroepen hun gang mochten gaan. De kabinetten-Balkenende eisten van migranten dat ze snel inburgerden, en gooiden de grenzen dicht voor nieuwkomers.

Estafettestakingen

Ook op sociaaleconomisch vlak sneuvelde in de jongste jaren de consensus. Het zogenaamde poldermodel, gekenmerkt door uitputtend overleg tussen ondernemers, overheid en vakbonden, oogstte in de jaren 90 nog bewondering bij wereldleiders als Bill Clinton en Tony Blair. Stakingen waren in Nederland net zo zeldzaam als een regeringscrisis. Bonden waren altijd bereid om, in ruil voor sociale regelingen en medezeggenschap op regeringsniveau, hun looneisen te matigen.

In het najaar van 2004 trokken Nederlandse werknemers echter massaal de straat op. De vakbonden organiseerden een reeks estafettestakingen die uitmondden in een grote manifestatie. De bonden wisten 200.000 demonstranten op de been te brengen. Hun grieven waren vooral gericht tegen het kabinet-Balkenende. Dat wilde eenzijdig de brugpensioenen afschaffen, en snoeien in de werkloosheids- en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen. Ook in werkgeverskringen was er onvrede over de eigengereide wijze waarop de regeringsleider die maatregelen wilde opleggen. Het conflict met de bonden kon pas worden opgelost toen Balkenende met ziekteverlof ging en zijn ministers het roer even overnamen.

Zure appel

Balkenende was er niet de man naar Nederland weer stabiel te maken. Stabiliteit was voor hem van ondergeschikt belang. Zijn belangrijkste doelstelling was de Nederlandse verzorgingsstaat af te slanken, en de burgers meer verantwoordelijkheid te geven.

Dat beleid ging gepaard met pijnlijke ingrepen. Tussen 2002 en 2006 hebben de Nederlanders elk jaar koopkracht moeten inleveren. De werkloosheid steeg over een reeks van jaren. De economische groei bleef achter bij de rest van Europa. De centrumrechtse coalitie hield de Nederlanders voor dat ze door de zure appel heen moesten bijten, en dat dan vanzelf de zon weer zou gaan schijnen.

Het tij is net op tijd gekeerd voor de regeringspartijen. Sinds begin dit jaar groeit de Nederlandse economie met een kleine 3 procent, en is de werkloosheid met 60.000 personen gedaald. De christendemocratische partij van Balkenende en de rechtsliberale VVD schrijven dit succes gretig op hun conto.

Balkenende vraagt de Nederlanders nu ongegeneerd om een nieuwe termijn als premier, ondanks de persoonlijk blunders die hij beging. Zo was de minister-president rechtstreeks verantwoordelijk voor de val van zijn tweede kabinet in de zomer, naar aanleiding van de rel over het paspoort van VVD-parlementslid Ayaan Hirsi Ali. Balkenende wist minister Rita Verdonk - bijgenaamd 'IJzeren Rita' - niet in toom te houden, toen ze de Somalische politica het paspoort afnam.

Ook wist Balkenende geen raad met rellen over het Nederlandse koningshuis. Volgens de peilingen gunt het electoraat hem desondanks een nieuw premierschap. Nederland blijft een land op drift.

Maarten BAKKER

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud