Unesco keurt cultuurconventie goed

(afp/tijd) - De Unesco, de cultuurafdeling van de Verenigde Naties, heeft met een verpletterende meerderheid de conventie over culturele diversiteit goedgekeurd. Dat betekent dat cultuur niet onder de regels van de vrije wereldhandel valt. Landen mogen hun eigen filmindustrie subsidiëren en paal en perk stellen aan het percentage Amerikaanse producties op radio en televisie.

De Unesco, de VN-dochter voor onderwijs, cultuur en wetenschap, nam de conventie voor culturele diversiteit met een verpletterende meerderheid aan. Van de 154 bij de vergadering in Parijs aanwezige landen, stemden 148 voor. Alleen de VS en Israël stemden tegen.

Aan de stemming gingen jarenlange onderhandelingen vooraf. Centraal stond de vraag of cultuur (boeken, films, muziek, enz.) net als andere goederen en diensten onder het systeem van vrije wereldhandel moet vallen, waarbij de Wereldhandelsorganisatie (WHO) elke vorm van staatssteun of protectionisme kan verbieden.

Voor de meeste Unesco-landen was het antwoord duidelijk 'neen'. 'De culturele goederen en diensten mogen niet behandeld worden als louter commerciële producten', luidde het Unesco-communiqué gisteren. Frankrijk nam het initiatief voor de conventie. De Fransen vrezen al decennia dat hun eigen cultuur zou worden overspoeld door de Amerikaanse popcultuur. Daarom subsidieert de Franse regering de eigen filmindustrie fors en reserveert ze een belangrijk deel van de zendtijd op radio en televisie voor lokale muziek en films. De Fransen hadden een trouwe bondgenoot in Canada, dat zich ook al lang zorgen maakt over het verlies van een eigen identiteit door de dominante zuiderbuur.

De andere lidstaten van de Europese Unie schaarden zich achter Frankrijk. Dat geldt ook voor het Verenigd Koninkrijk, nochtans een trouwe bondgenoot van de VS. De Britse regering pompt fors subsidies in de Britse filmsector, een belangrijke werkgever in Londen. In Vlaanderen zijn de subsidies van het Vlaams Audiovisueel Fonds een belangrijke bron van inkomsten voor lokale films en televisieproducties.

Het is niet verbazend dat de Verenigde Staten zich sterk tegen de conventie kantten. De VS hebben alle belang bij vrijhandel in cultuur aangezien de Amerikaanse film- en muziekindustrie een van de belangrijkste economische sectoren is. Hollywood neemt ongeveer 85 procent van de wereldmarkt voor films voor zijn rekening. Het buitenland wordt voor Hollywoodstudio's bovendien steeds belangrijker, aangezien het bioscoopbezoek in eigen land in crisis verkeert.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud