analyse

Hoe bang moet big tech zijn voor monopoliebrekers?

De CEO's van de Big Tech-bedrijven tijdens een digitale hoorzitting. ©AFP

Nu ook de Amerikaanse overheid haar pijlen richt op de monopoliemacht van Big Tech, rijst de vraag hoe groot de bedreiging is voor de verdienmodellen van Amazon en co. Marktwatchers verwachten geen al te ingrijpende impact, al beloven nieuwe overnames erg moeilijk te worden.

Ditmaal is het menens. Met de rechtszaak van het Amerikaanse ministerie van Justitie tegen Google-moeder Alphabet openen de VS ruim 20 jaar na Microsoft nog eens de aanval op een prominent bedrijf dat ervan beschuldigd wordt zijn monopoliemacht te misbruiken. En daar stopt het niet. Facebook zou nog voor het jaareinde een soortgelijke rechtszaak aangesmeerd krijgen, terwijl er onderzoeken lopen naar Amazon en Apple .

Enkel Alphabet slaat munt uit sterke cijfers

Net het bedrijf waartegen het Amerikaanse ministerie een rechtszaak begon, presenteerde het kwartaalrapport dat bij beleggers het meest in de smaak viel. Alphabet, de moeder van Google, zag de omzet in het derde kwartaal 14 procent hoger springen. In het tweede kwartaal slikte Alphabet nog een historische omzetkrimp omdat gesloten bedrijven niet meer adverteerden. Maar vorig kwartaal vonden deze adverteerders weer massaal de weg naar de zoekmachine Google en naar het videoplatform YouTube. Terwijl Nasdaq vrijdag onderuitging, steeg Alphabet met 3 procent.

Apple, Amazon en Facebook gingen tussen 4 en 6 procent de diepte in na de resultaten donderdag nabeurs. Nochtans klopten ze allemaal ruim de verwachtingen van de analisten, net als Microsoft dinsdagavond. ‘Hun business is waanzinnig stabiel’, zei een handelaar.

Maar na de stevige run van de beurskoersen - Amazon noteert dit jaar meer dan 60 procent hoger - hadden beleggers blijkbaar meer verwacht. Bovendien vielen de vooruitzichten tegen. Apple durfde geen omzetprognose te geven voor het vierde kwartaal. Amazon verwacht ‘waanzinnige eindejaarsverkopen’, maar waarschuwde ook voor oplopende coronagerelateerde kosten. Facebook verklaarde dat 2021 ‘moeilijker’ wordt.

Dat deze vier uitgegroeid zijn tot fabelachtige winstmachines bewezen ze donderdag nog eens door met sterke kwartaalresultaten uit te pakken (zie inzet). De coronapandemie lijkt hen allesbehalve te deren. Integendeel, hun businessmodellen krijgen een extra boost nu het leven noodgedwongen digitaler verloopt. Voor de strijders tegen de monopoliemacht van big tech verhoogt het nog de urgentie om in te grijpen.

Die strijders hebben het momentum duidelijk aan hun kant. Nadat Europa eerder al de strijd aangebonden had met big tech - met 8 miljard euro aan boetes voor Alphabet als gevolg - groeide de jongste jaren ook in de VS de argwaan. Het Huis van Afgevaardigden beet zich vast in de materie en concludeerde begin oktober in een vernietigend rapport van 450 pagina’s dat het viertal zijn monopoliepositie misbruikt. ‘Er is nood aan actie om de concurrentie te herstellen, de innovatie te bevorderen en de democratie te beschermen’, klonk het.

Lina Khan, een vooraanstaande concurrentiespecialist van Columbia University die als raadgever optrad voor het rapport, zei woensdag in een webinar dat Amerikaanse rechters dringend de wetgeving weer moeten toepassen én dat nieuwe regelgeving nodig is. Ze wees op de opvallend coulante houding van rechters in concurrentiezaken de jongste decennia.

Zulke rechtszaken zijn sowieso al moeilijk te winnen voor de overheid. Daar komt nu bij dat de traditionele focus op prijzen - die de monopolist onbelemmerd kan verhogen ten nadele van de consument - ditmaal niet van toepassing is. Google en Facebook geven hun product gratis weg.

Justitie argumenteert dat Alphabet niettemin de innovatie en de productkwaliteit ondermijnt door een speler als Apple 8 tot 10 miljard dollar per jaar te betalen om de Google-zoekmachine als standaard in te stellen op iPhones en in de browser Safari. Concurrerende zoekmachines, die bijvoorbeeld meer respect hebben voor de gebruikersprivacy, staan daardoor buitenspel. Het resultaat is minder keuze voor de consument, die Googles voorwaarden over het gebruik van zijn persoonlijke data moet aanvaarden. Volgens specialisten pakte Justitie het slim aan door de rechtszaak te focussen en niet de limieten van de huidige wetgeving op te zoeken. Maar de afloop blijft onvoorspelbaar.

Veel onzekerheid

Net die onvoorspelbaarheid maakt het voor beleggers moeilijk de impact in te schatten van concurrentierechtszaken en van eventuele nieuwe wetgeving. ‘Je weet niet wat de focus van elk onderzoek zal zijn tot er een rechtszaak is, je weet niet welke maatregelen opgelegd zullen worden. Je hebt ook nog eens verkiezingen met de vraag hoe de volgende regering ernaar zal kijken. Kortom, er is veel onzekerheid, wat niet goed is voor aandelen’, zegt Quirien Lemey, die voor Degroof Petercam Asset Management (DPAM) enkele techgeoriënteerde fondsen beheert.

Nu het tijdperk van onbelemmerde overnames voorbij is, zal dat op het groeipotentieel van Big Tech wegen.
Frederic Fayolle
Fondsbeheerder DWS

Het roept de vraag op in welke mate de aandelenkoersen van Alphabet, Amazon, Apple en Facebook rekening houden met de impact van concurrentiemaatregelen. ‘Veel van dat regelgevende risico is al ingeprijsd’, zegt Sumant Wahi, fondsbeheerder bij Fidelity. Zo wijst de koers-winstverhouding van bigtechaandelen in vergelijking met hun vrijekasstroom volgens Wahi op een korting in hun waardering. Ook Lemey ziet een impact. ‘Als morgen alle regel- gevende issues zomaar zouden verdwijnen, zou je die aandelen fors zien stijgen.’ Vooral het Alphabet-aandeel, dat dit jaar achterbleef tegenover de andere drie, gaat volgens sommigen gebukt onder regelgevende dreiging, al ondervond Alphabet eerder ook druk op zijn advertentie-inkomsten als gevolg van de coronacrisis.

Intussen weegt de controverse op de duurzaamheidsrating die de bigtechaandelen krijgen van spelers als Sustainalytics, signaleert Lemey. ‘Voor Amazon bijvoorbeeld is het niveau van controverse al hoog. Vanaf een bepaald niveau zijn wij verplicht te verkopen en dat geldt ook voor de groeiende groep beleggers die aandacht hebben voor duurzaamheid.’

Bij een verplichte opsplitsing kan de som van de delen veel meer waard zijn dan het geheel.
Sumant Wahi
Fondsbeheerder Fidelity

De controverse kan nog lang boven de aandelen hangen, want een Amerikaanse concurrentierechtszaak neemt algauw twee tot drie jaar in beslag. In de tussentijd zullen de advocaten van big tech zich stevig verweren. Volgens Frederic Fayolle, fondsbeheerder bij DWS, kunnen ze mogelijk overtuigende argumenten aandragen.

‘Het rapport van het Huis van Afgevaardigden doet uitschijnen dat er geen concurrentie is, maar alles hangt af van hoe je de markt definieert’, zegt hij. ‘Amazon is bijvoorbeeld uitgegroeid tot een belangrijke zoekmachine voor e-commerce, maar dat wordt niet meegeteld bij het bepalen van Googles marktaandeel. Amazon ondervindt dan weer stevige concurrentie van spelers als Shopify en Chewy (onlineverkoop van dierenvoeding, red.). De voordelen blijven ook onderbelicht: het gaat om innoverende bedrijven die prijzen transparanter maken en tevreden consumenten hebben.’

Opslitsing geen drama

De rechtszaak tegen Alphabet heeft volgens waarnemers wel degelijk verdienste, maar zelfs als het tot een veroordeling komt, is volgens Fayolle de grote vraag welke maatregel opgelegd wordt. De meest drastische actie - de opsplitsing van het bedrijf door het verplicht afstoten van activiteiten - is volgens veel marktwatchers onwaarschijnlijk. Er wordt gewezen naar Microsoft, dat zijn rechtszaak in 2001 wist te schikken en wegkwam met een boete in plaats van structurele ingrepen zoals een opsplitsing.

‘Er bestaan erg weinig precedenten’, zegt Fayolle. ‘Bovendien zou de overheid moeten bewijzen dat een overgenomen activiteit die ze weer wil afsplitsen - zoals Facebooks overname van Instagram - als onafhankelijk gebleven entiteit even hard gegroeid zou zijn. Dat is heel moeilijk.’ De Republikeinse partij is gekant tegen opsplitsingen en weigerde het rapport van het Huis van Afgevaardigden te tekenen, dat zo het Democratische standpunt vertegenwoordigt. Eventuele nieuwe wetgeving om opsplitsingen van techbedrijven te vergemakkelijken lijkt niet evident, omdat in de Senaat waarschijnlijk een compromis tussen Democraten en Republikeinen nodig zal zijn, ongeacht de verkiezingsuitslag.

Een opsplitsing hoeft geen drama te zijn voor beleggers. Het kan integendeel waarde naar boven pompen. ‘De som van de delen kan veel meer waard zijn dan het geheel’, zegt Wahi. Hij verwijst naar Alphabet en zijn zelfrijdende technologie Waymo of de advertentiebusiness van Amazon. Beide activiteiten zouden nu ondergewaardeerd zijn. De laatste keer dat een prominent Amerikaanse bedrijf werd opgesplitst - de telecomspeler AT&T begin jaren 80 - steeg de waarde van de nieuwe entiteiten boven het vroegere geheel uit.

Een Apple-zoekmachine?

Met een opsplitsing van tafel kan de rechtszaak tegen Alphabet uitdraaien op het schrappen van de overeenkomst met Apple. ‘Daar lig ik niet echt wakker van’, verzekert Fayolle. Net als Wahi en Lemey wijst hij erop dat Alphabet er beter van kan worden. De Google-moeder zou 8 à 10 miljard dollar uitsparen die het jaarlijks aan Apple betaalt. Als Apple daarna iPhone-kopers de keuze zou geven tussen verschillende zoekmachines, zullen de meesten alsnog voor Google kiezen. Dat leert de ervaring in Europa, waar een schikking Alphabet in 2018 verplichtte op mobiele telefoons met zijn eigen Android-software gebruikers de keuze te geven tussen zoekmachines. De impact was verwaarloosbaar: Google bleef veruit dominant.

Apple zou een eigen zoekmachine kunnen ontwikkelen en aanbieden, en er zijn signalen in die richting. Maar Wahi gelooft niet dat Apple de kloof met Google - dat dankzij superieure data een betere zoekmachine heeft - kan dichten. Microsoft heeft dat tevergeefs geprobeerd met Bing.

Apple dreigt dan ook de verliezer te worden van het schrappen van de deal met Alphabet, die goed is voor liefst 10 procent van Apples winst na belastingen. Volgens Wahi is dat niet verrekend in de koers van Apple, dat bovendien al een concurrentieonderzoek door de Europese Commissie aan zijn been heeft voor de App Store en de Apple Pay-app. De macht die Apple over appontwikkelaars heeft met zijn App Store-platform vormt volgens zowel Lemey als Fayolle zeker een juridisch risico.

Het ergste wat de bigtechspelers finaal te vrezen hebben, lijken boetes en gedragscodes die bepaalde praktijken verbieden. Zoals Google dat zijn eigen ‘producten’ zoals hotelzoekresultaten prominent in de kijker zet en Amazon dat profiteert van de inkijk in alle data op zijn platform om populaire producten te detecteren en er een eigen versie van in de markt te zetten. De rechtszaak tegen Alphabet kan daartoe nog uitgebreid worden: openbare aanklagers van diverse Amerikaanse staten voeren een eigen onderzoek.

Verminderde overnamecapaciteit

In afwezigheid van echt structurele ingrepen en met boetes als niet meer dan een vervelende ‘cost of doing business’ ligt het belangrijkste gevolg van de monopoliejacht elders. ‘Het zal voor big tech veel moeilijker worden om overnames te doen. Daarmee vergeleken zijn boetes niet belangrijk’, zegt Lemey.

Voor Fayolle is de impact duidelijk negatief. ‘Deze bedrijven puurden veel waarde uit overnames. Nu het tijdperk van onbelemmerde overnames voorbij is, zal dat op het langetermijngroeipotentieel van big tech wegen.’ Vooral Facebook en Alphabet profiteerden van gerichte overnames. Mark Shmulik, analist van het beurshuis Bernstein, meent dat de verminderde overnameactiviteit zich binnen vijf tot tien jaar zal laten voelen. ‘Er zullen dan concurrenten oprijzen in nieuwe activiteiten met nieuwe inkomstenbronnen. Het zal een rem zetten op de innovatie door big tech’, aldus Shmulik.

Naast een kritische blik op overnames dreigt big tech ook minder vrijheid te krijgen om zijn tentakels uit te spreiden naar steeds meer aangrenzende markten. Denk aan gezondheidszorg, dat een volgende wingewest is voor een bedrijf als Alphabet. ‘Zeker als de Democraten de verkiezingen winnen, verwacht ik dat bigtechbedrijven toestemming nodig zullen hebben om in een aangrenzende markt aan de slag te gaan’, zegt Wahi. ‘Een nieuwe toezichthouder voor de techsector is een optie. Voor big tech lijkt dit negatief. Voor de innovatie mogelijk ook, omdat je daar soms veel data voor nodig hebt.’ Al kan dat laatste verholpen worden door de dataschat van big tech open te stellen voor andere bedrijven.

Voor een laatste potentiële impact wordt verwezen naar de ervaring van Microsoft. De jarenlange juridische beslommeringen zouden het bedrijf afgeleid hebben, waardoor Google aan de weg omhoog kon timmeren en Microsoft de trein van mobiele technologie miste. Bovendien kan het besef dat elke stap van een bigtechbedrijf de komende jaren onder de microscoop ligt remmend werken. Wahi verwacht alvast meer concurrentie in zaken als apps, muziek en telegeneeskunde. ‘De techsector zal meer versnipperd worden, maar dat biedt actieve beleggers meer keuze tussen bedrijven’, denkt hij.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud