'Onze snijmachines bepalen hoe honderden miljoenen mensen eten'

©Dries Luyten

Het Belgische FAM maakt snijmachines voor alle grote fruit-, vis-, groente-, aardappel-, kaas- en vleeswerwerkende bedrijven ter wereld. 92 procent is export. ‘Onze machines worden tot op de vijs in China gekopieerd. Gelukkig weten ze daar nog niet wat ze kopiëren.’

‘Deze machine kan 6 ton kaas per uur versnijden in blokjes van 4x4x4 millimeter’, zegt CEO Mark Van Hemelrijk fier als hij ons binnenloodst in de ‘afgesloten’ onderzoeksafdeling van zijn snijmachinebedrijf FAM in Kontich. De machine ziet er ‘gewoon’ uit, ‘maar dat lijkt alleen zo’, zegt hij. ‘Dit is toptechnologie. Verschillende gelaste inox onderdelen zijn met een precisie van 5 honderdsten van een millimeter afgewerkt. Naadloos, zonder bouten. Sommige oppervlaktes zijn in gepolijste inox. Alles moet extreem poetsvriendelijk zijn om besmettingsgevaar met salmonella, listeria of andere bacteriën tegen te gaan.’

De machine van 1.400 kilogram, met een prijskaartje van 145.000 euro, is bestemd voor de grote Amerikaanse kaasproducenten die dagelijks tonnen gemalen kaas leveren aan de zes Amerikaanse pizzamultinationals, die miljoenen pizza’s per dag maken. De ontwikkeling van de machine nam meer dan drie jaar in beslag.

‘Amerika kijkt heel streng toe op de hygiëne in voeding’, zegt Van Hemelrijk. ‘Toen we de machine - de grootste in ons gamma - voorstelden, kregen we van het USDA, het ministerie van Landbouw, wel 200 opmerkingen. Beetje bij beetje hebben we die weggewerkt. Uiteindelijk keurde het USDA de machine goed en nu wordt ze beschouwd als een van de voedselveiligste ter wereld. Dat leverde grote klanten op.’

Schaatsen

Het Belgische FAM is wereldleider in de assemblage van snijmachines voor voedingsproducten. De messen voor die machines komen van het zusterbedrijf Stumabo. Beide zijn onderdeel van de Hifferman-holding van de families Van Hemelrijk-Vandebroeck.

FAM, voluit Fabricatie & Advies voor Machinebouw, begon na de Tweede Wereldoorlog met oogstverwerkings- en afvulmachines voor de eerste grote conservenfabrieken zoals Marie Thumas, maar ging nadien focussen op snijmachines voor de voedingssector. Na enkele eigenaarswissels kwam het in handen van Hifferman.

0,02 mm
Frieten van McDonald’s worden gesneden met een precisie van 2 honderdsten van een millimeter. FAM levert de machines daarvoor.

‘De grootvader van mijn vrouw - ik ben van de kouwe kant (lacht) - bouwde na de oorlog met Stumabo schaarmessen om staal te knippen. Hij maakte ook schaatsen, en dat was de eerste stap naar de productie van hoogwaardige voedingsmessen. Jaarlijks verkopen we er 2,8 miljoen. FAM was al jaren een van onze grote klanten en in 1997 hebben we de twee samengebracht. Het was de sleutel tot groei.’

‘Beide bedrijven zijn al heel lang internationaal bezig. Born global, zou men nu zeggen. We hebben toen een gemeenschappelijk strategisch plan opgesteld, de knowhow en het distributeurs- en agentennetwerk samengevoegd en vijf buitenlandse filialen opgericht. Altijd met native speakers om de culturele eigenheid van een land goed te begrijpen.’

Profiel FAM en Stumabo

FAM, Stumabo en hun filialen hebben 117 eigen medewerkers en 49 agenturen/distributeurs wereldwijd, waar 95 personen dagelijks werkzaam zijn.
Omzet: FAM (2019): 30 miljoen euro. Stumabo: 15 miljoen.
Bedrijfsresultaat: FAM: 2,4 miljoen euro. Stumabo: 3,4 miljoen.
Vestigingen in Frankrijk, het VK, Spanje, Polen en VS.

92 procent van de machines van FAM gaat naar het buitenland. Naar 97 landen op alle continenten. De rest is bestemd voor de Belgische groente-, kaas-, vlees- en frietverwerkers. Die mondiale aanwezigheid leverde het bedrijf onlangs de Leeuw van de Export op.

‘Een mooie bekroning’, zegt Van Hemelrijk. ‘Ik durf het soms niet te zeggen, maar hier ontwikkelen een handvol mensen machines die bepalen hoe honderden miljoenen mensen de volgende jaren eten. Overal ter wereld waar je gesneden friet eet, is de kans groot dat die door onze machines en messen is gesneden. McCain, de grootste frietproducent ter wereld, is klant. Ik schat dat de helft van de frietproductie in de wereld door onze machines gaat.’

‘Bijna alles wat op je pizza ligt of wat je vindt in de supermarkt - in glas, in blik, vers, diepgevroren, groenten, fruit, vis - is door onze machines gesneden. We snijden het stukje Herta-ham op je ontbijtbord, het fruit in je Materne-confituur, de sla en de frietjes bij je McDonald’s of andere fastfoodhamburger, het fruit in je Danone-yoghurt en de patat voor je Croky-chips waarmee je ’s avonds voor de tv in slaap valt. Dat geldt wereldwijd. Voor frieten alleen al hebben we messen met een 70-tal snijvormen.’

‘Waarom het allemaal zo precies moet? Mensen staan er niet bij stil, maar de frieten voor McDonald’s worden gesneden met een precisie van 2 honderdsten van een millimeter. Frietproducenten willen precisie. Ze deden onderzoek naar de meest optimale opname van vet en het ideale bakproces. De frieten moeten overal dezelfde zijn. Idem voor kaas. Kaas op pizza’s moet juist gesneden zijn, want de smelttijd is tot op een fractie van een seconde berekend. Anders kan hij verbranden.’

Chinese kopies

FAM levert wereldwijd. Ook in Azië, dat net als de VS goed is voor 15 procent van de omzet. Dat heeft zo zijn gevolgen. ‘In China worden onze FAM-machines gretig gekopieerd. Tot op de vijs. Gelukkig weten ze niet altijd wat ze kopiëren. Meer dan eens zijn ze zich niet bewust van wat belangrijk is, waarom alles zo precies moet of is hun contaminatiekennis ontoereikend.’

De Chinese kopies worden vooral afgenomen door lokale producenten. Grote internationale spelers met heel strenge milieu- en kwaliteitsnormen hebben volgens Van Hemelrijk een voorkeur voor FAM-machines of die van een grote Amerikaanse concurrent.

‘De vraag is hoelang nog. De enige manier om die voorsprong te behouden is met innovatie. Daarom zetten we enorm in op kennis. Kennis vandaag is vluchtig. Je moet de markt telkens opnieuw ter discussie stellen. Eetgewoontes veranderen constant. Daarom kijken we nooit verder vooruit dan enkele jaren.’

Om die kennis op peil te houden ontwikkelde Van Hemelrijk in zijn bedrijf een ‘kennispiramide’. Dat klinkt als ‘marketingtalk’, maar is het volgens hem helemaal niet. ‘De basis wordt gevormd door onze technologiespecialisten. O&O-mensen, visionairs, goeroes die met gloednieuwe dingen afkomen en patenten indienen. Die hebben we nodig voor revolutionaire ideeën’.

Dan komt de engineering. Die bekijkt hoe de FAM-machines naadloos inpassen in de productielijn van de klant. Daarna komen de marketwatchers, die foodtrends capteren. Van Hemelrijk: ‘Chips bijvoorbeeld zijn een beetje oldskool aan het worden. In de diepvriesafdeling van de supermarkt vind je sinds enkele maanden ‘dippers’ van een grote frietproducent, gootvormig gebakken aardappelvormpjes waarmee je sauzen oplepelt. Die zijn hip. De frietproducent heeft ons gevraagd snijmachines voor die dipchips te maken. Onze ingenieurs hebben die ontwikkeld en geassembleerd voor de hele wereld. Daar zijn we jaren mee bezig geweest.’

Kaas en aardappelen worden volgens ons de voedingsproducten van de toekomst. Vleesvervangers zoals tofu worden belangrijker.
Mark Van Hemelrijk
CEO FAM en Stumabo

Voor zijn ‘kennisvergaring’ wierf FAM enkele jaren geleden een bio-ingenieur en een doctor in de biochemie aan. Die trekken de wereld rond om alle mogelijke snijdbare voedingsproducten tot op het bot te analyseren. Hun data worden opgeslagen in een door het bedrijf ontworpen digitaal ‘kennisboek’, dat via verschillende ‘lagen’ toegankelijk is voor leveranciers, klanten en werknemers.

‘Daar ben ik heel fier op’, zegt Van Hemelrijk. ‘Enkele voorbeelden. Er zijn honderden aardappelvariëteiten. Onze mensen onderzoeken het zetmeelgehalte, hoeveel water ze opnemen in welk seizoen, enzovoort. Ze kijken naar het verschil tussen een aardbei uit Hoogstraten, uit China en uit Noord-Afrika. Voor een aardbeienleverancier van pakweg Danone is het belangrijk te weten dat Noord-Afrikaanse aardbeien beter gesneden worden op -4 graden Celsius en die van bij ons op -8 graden.’

‘We zijn een wereldspeler in het snijden van inktvisringen. Dan moet je er alles over weten. Kaas die een uur ouder is, snijdt anders. Kaas en aardappelen worden volgens ons de voedingsproducten van de toekomst. Aziaten eten steeds meer aardappelen in plaats van rijst. De ecologische voetafdruk van rijst is vijf keer groter: per kilogram aardappelen heb je 500 liter water nodig. Voor rijst 2.500 liter. Ook vleesvervangers zoals tofu worden belangrijker. Dat stoppen we allemaal in ons knowledge book en zo geven we onze klanten de kennis die ze nodig hebben voor hun productieproces. Dat is de basis om aan de top te blijven.’

FAM is niet van plan zijn productie naar het buitenland te verhuizen. ‘Midden jaren 90 hadden we een Chinese ingenieur aangeworven om te kijken of we productie van de fabriek van Stumabo naar China konden verhuizen. Al gauw bleek dat we alles, tot de koelolie toe, vanuit België moesten leveren. Toen hebben we beslist hier te blijven. De maakindustrie in Vlaanderen is wereldtop. We halen al onze machineonderdelen binnen een straal van 30 kilometer.’

Overnameprooi

Technologie en succesvolle internationale aanwezigheid wekken interesse. Van Hemelrijk krijgt af en toe de vraag of zijn bedrijven te koop zijn. ‘We krijgen geregeld private-equitymensen over de vloer. Maar het is niet aan de orde. FAM en Stumabo boeren goed en hebben een goede balans. Mijn familie en ik zijn niet klaar voor een verkoop. De werknemers ook niet. Het zou de ziel van ons bedrijf kapotmaken. Private equity wil vooral levelen.’

‘Covid heeft de omzet van FAM en Stumabo met respectievelijk 15 en 8 procent doen dalen en ook ons orderboek kreeg een deuk. Maar ik slaap nog goed. We spartelen er ons wel door. We zitten niet in de hoek waar de zware klappen vallen. Voeding blijft belangrijk. We hebben voldoende reserves. Maar ik zou niet goed slapen mochten we eigendom zijn van een private-equitygroep en elke maand zware leningen moeten terugbetalen. De groei is er gekomen omdat we een familiebedrijf zijn. De afgelopen vijf jaar is onze omzet verdubbeld naar 30 miljoen euro. Alles wordt opnieuw geïnvesteerd in het bedrijf. Ik doe dit met plezier.’

Of hij ergens wakker van ligt? ‘Ik ben positief ingesteld. Je kan wakker liggen van de brexit en de dollarkoers - onze grote concurrent is Amerikaans - maar dat heeft geen zin. Je kan er weinig aan doen. De dingen waar we wel iets kunnen aan doen, proberen we zo goed mogelijk in te schatten, met de nodige maatregelen. Met een bevolking die tegen 2050 naar 9,8 miljard stijgt, groeit de behoefte aan voeding automatisch. Er zijn dus veel opportuniteiten.’

‘Hoelang ik nog CEO blijf? Dat weet ik niet. (lacht) Ik ben 62. Ik ben in 1983 begonnen bij Stumabo en werd nadien ook CEO bij FAM. Mijn zoon en schoonzoon werken al in het bedrijf. We zien wel wat de toekomst brengt. We willen vooral een familiebedrijf blijven.’

Hifferman en L’Origine du Monde

Mark Van Hemelrijk bracht in 1997 zijn twee bedrijven FAM en Stumabo onder in de holding Hifferman, een fictieve naam waar hij nog altijd vragen over krijgt. ‘Toen ik een gepaste naam zocht, las ik in de krant dat ze in de kelders van een museum het schilderij ‘L’Origine du Monde’ van de Franse schilder Gustave Courbet hadden opgediept. Dat doek veroorzaakte controverse omdat het een close-up is van de schaamstreek van een vrouw. Ik las dat Courbets Ierse maîtresse, Joanna Hifferman, model had gestaan. Ik vond dat een achternaam die vertrouwen wekt. Later - Wikipedia bestond toen nog niet - bleek dat de journalisten zich hadden vergist en dat de vrouw Hiffernan heette.’ (lacht)
Onder de Hifferman-koepel zitten nog een vastgoedbedrijf (Origo) en een wellnessbedrijf (Relex). ‘Waarom wellness? Twaalf jaar geleden werd ik 50 en dan doen mannen wel eens gek. Ze kopen een motor of zoeken een andere partner. Dat was voor mij geen optie.
(grinnikt) Ik wilde eens iets anders dan staal en machines. Mijn vrouw en ik gingen soms naar een wellness en ik dacht: hier kan ik nog iets betekenen.’
‘Ik reisde naar Japan en Zweden om te kijken hoe het moest. Ik dacht er een dag in de week als hobby mee bezig te zijn. Maar al vlug zag ik in dat een wellnesscentrum een bedrijf is als een ander. Het heeft ook werknemers, een boekhouding en problemen. Alleen het voorwerp is anders. Net als bij die motor of dat lief is het iets waarvan je je achteraf soms afvraagt waarom je het hebt gedaan.Maar het centrum draait behoorlijk.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud