‘Als de wereld ooit artiesten nodig heeft, dan is het nu’

Expressionist Arshile Gorky schildert de muren van Newark Airport in de VS.

Leidt de coronacrisis straks tot radicaal nieuwe artistieke ideeën? Als we onze samenleving willen heruitvinden, zal een stevige dosis creativiteit nodig zijn, zo gaan steeds meer stemmen op. ‘We hebben dringend een stimulusprogramma voor kunst nodig.’

Vreselijke crisis, grote kunst. Tumultueuze tijden zijn in het verleden wel vaker een vruchtbare voedingsbodem gebleken voor creatieve genialiteit. Pablo Picasso schilderde het meesterwerk ‘Guernica’ als antwoord op de Spaanse burgeroorlog. De Eerste Wereldoorlog bracht de wereld dadaïsme en surrealisme, de Tweede Wereldoorlog het existentialisme. In de nasleep van de gezondheidscrises met tbc en de Spaanse griep vonden architectuur en design zichzelf opnieuw uit. Belooft de wereld postcorona opnieuw creatieve grenzen te verleggen? En hoe kan dat eruitzien?

Er zijn van die momenten dat een samenleving klaar is voor een revolutie. Een gezondheidscrisis kan zo’n moment zijn.
Patrick Moore
Directeur The Andy Warhol Museum

Niemand wil zich vooralsnog wagen aan voorspellingen over een heuse culturele renaissance. Een aantal experten tempert zelfs de verwachtingen. De verkiezing van Donald Trump tot Amerikaans president - als climax van het populisme - leidde ook niet tot een artistieke revolte, benadrukt de Russisch-Amerikaanse kunstcritica Anna Khachiyan. Haar verklaring: de kunstwereld is in de greep van de economische logica. En zolang de rijke collectioneurs het systeem blijven voeden, zal van radicalisme geen sprake zijn.

Architectuur als sanatorium

De Villa Savoye van Le Corbusier. ©Rory Hyde

De Villa Savoye werd gebouwd door Le Corbusier tussen 1929 en 1931, in de nasleep van een aantal gezondheidscrises: de Spaanse griep, tuberculose en een reeks uitbraken van cholera. Hygiëne werd daarop een hot topic. Dat drukte een stempel op de moderne architectuur. Overal doken designtrends op die teruggrepen naar gezondheidsthema’s. Witte, klinische en rechte muren zoals in sanatoria of hospitalen. Strakke meubels, lichte ruimtes, balkons en terrassen om in de zon te zitten. De Villa Savoye in Poissy, nabij Parijs, is een van de bekendste voorbeelden daarvan. De villa staat op palen, veilig boven de ‘onzuivere’ grond. Centraal in de inkomhal staat een wastafel, als een ‘altaar van hygiëne’. Het modernisme putte uit nieuwe doorbraken in de wetenschap en de techniek, met een obsessie voor gezondheid.

Niet iedereen is even cynisch. ‘Het is nog te vroeg om te zeggen, maar er zijn van die momenten dat een samenleving klaar is voor een revolutie’, zegt Patrick Moore, de directeur van The Andy Warhol Museum. ‘Een gezondheidscrisis kan zo’n moment zijn.’

Roaring twenties

Katalysatoren voor artistieke disruptie zijn er genoeg. De pandemie heeft existentiële stress in de hele samenleving veroorzaakt. Komt er net als met de opkomst van de art deco in de roaring twenties een tegenreactie van bevrijding op die zwarte periode? Of komt er een donkerder weerbots, als een snel economisch herstel al te hard contrasteert met de diepe wonden die bij velen zijn geslagen?

Herdenken we, zoals met het modernisme destijds, de relatie met de ruimte rondom ons, nu die zo drastisch is dooreengeschud? Herorganiseren we onze steden, hoe we wonen, hoe we omgaan met de natuur? Of leidt vooral de versnelde digitalisering tot verandering, nu die in alle aspecten van ons leven is doorgedrongen?

‘The next art will be the art of the next society’, voorspelt de Duitse cultuursocioloog Dirk Baecker, en die is volgens hem meer dan ooit gemediatiseerd. Wat ingrijpende gevolgen heeft, misschien nog zonder dat we het beseffen. Een simpel voorbeeld: videocalls. ‘Plots zien we onszelf als deelnemer aan de conversatie’, zegt Baecker. ‘Tot nu was ons eigen oog een blinde vlek. Dat betekent een niet te onderschatten shift in ons zelfbewustzijn.’

Verzet tegen de bierbuikcultuur

'Schnitt mit dem Küchenmesser Dada durch die letzte Weimarer Bierbauchkulturepoche Deutschlands' van Hannah Höch. ©© Bildarchiv Preußischer Kulturbesitz / Nationalgalerie, SMB / Jörg P. Anders

In haar opvallende collage ‘Schnitt mit dem Küchenmesser Dada durch die letzte Weimarer Bierbauchkulturepoche Deutschlands’ (in het Nederlands: Snede met het keukenmes Dada door het laatste tijdvak van de bierbuikcultuur van Weimar Duitsland) verknipte de dadaïste Hannah Höch in 1919 beelden uit de massamedia, als duidelijke kritiek op de politiek en de heersende tijdgeest. De kunstenaars van dada reageerden radicaal op de gruwel van de Eerste Wereldoorlog: de falende ‘beschaafde wereld’ - inclusief de heersende culturele tradities - moest op de schop. Ze beschouwden zich als antikunstenaars. Ze werkten met collages, zoals Höch, met assemblage of bestaande voorwerpen, zoals de readymades van Marcel Duchamp. Het dadaïsme was een korte, reactionaire maar erg invloedrijke stroming, die het pad effende voor veel latere kunststromingen.

Welke creatieve vertaling gegeven wordt aan de crisis en of die in retrospect zal leiden tot nieuwe culturele stromingen, valt dus af te wachten. Veel hangt uiteraard ook af van de impact die individuele artiesten hebben. Maar hoe dan ook gaan steeds meer stemmen op om cultuur een prominente plek te geven bij het herdenken van onze samenleving en onze economie.

25 miljoen
Commissievoorzitter Ursula von der Leyen droomt van een ‘nieuwe Europese Bauhaus’. Architecten, kunstenaars en wetenschappers moeten mee de Green Deal vormgeven. Voor vijf pilootprojecten is 25 miljoen vrijgemaakt.

In een internationaal opgepikt opiniestuk pleit de Zwitserse curator en schrijver Hans Ulrich Obrist ‘voor een groots opgezet stimulusprogramma voor kunst’. Obrist, artistiek leider van de Londense Serpentine Galleries en een belangrijke stem in de kunstwereld, verwijst daarbij naar het culturele luik van de New Deal van Amerikaans president Franklin D. Roosevelt in de jaren 30.

Als onderdeel van de Amerikaanse relance na de Grote Depressie van 1929 werden kunstenaars op verschillende manieren aan het werk gezet in publieke projecten. Een bekend voorbeeld was de expressionist Arshile Gorky, die tussen 1935 en 1937 tien enorme muurschilderingen maakte op de gebouwen van Newark Airport.

De winst was dubbel: de werkloze artiesten konden alsnog een inkomen verdienen en het brede publiek kreeg toegang tot cultuur. Het programma, dat vijf jaar liep, triggerde een ongeziene productie van kunst in de Verenigde Staten: meer dan 15.000 publieke werken werden gecommissioneerd. Miljoenen mensen volgden allerlei ‘arts and crafts’-cursussen die waren opgezet. Opkomende talenten als Willem de Kooning en Mark Rothko konden hun carrière starten dankzij de steunprojecten.

Glamour versus uniform

Het Bar Suit-silhouet van Christian Dior. ©Getty Images

Op 12 februari 1947, een koude winterdag in het naoorlogse Parijs, presenteerde de ontwerper Christian Dior een collectie die gezien werd als een revolutie in de modewereld. Centraal in zijn ‘New Look’ stond het Bar Suit-silhouet: een wollen zwarte rok en een klokkend wit jasje. Een symbool van vrouwelijkheid, extravaganza en glamour: de rok stond letterlijk bol van het vele materiaal dat ervoor gebruikt werd, het zijden jasje accentueerde de taille. Dior zette zich af tegen de mannelijke, monochrome uniformen uit de oorlogstijd en de grijze staat van Parijs op dat moment. De stad likte haar wonden, er was armoede en tekorten, kranten waren in staking en steenkool was schaars. De New Look markeerde het startpunt van de heropstanding van Parijs. Veel ontwerpers zouden later voortbouwen op Diors progressieve stijl.

‘Het idee is hoogst relevant voor deze tijd’, gelooft Obrist. ‘Als er ooit een tijd was dat de wereld artiesten nodig had, dan is het nu. In de nasleep van het virus, wanneer de wereld zich moet heropbouwen, moeten overheden investeren in een infrastructuur voor verandering. Het kunstenprogramma van de New Deal kan daarbij een toolbox zijn.’

Obrist trekt ook parallellen met de ideeën van de Amerikaanse econoom Jeremy Rifkin. Die pleit in zijn jongste boek ‘The Green New Deal’ voor een breed gedragen ‘smart green revolution’. En toeval of niet: Rifkin treedt sinds 2000 op als adviseur bij de Europese Commissie. De link met de plannen van Commissievoorzitter Ursula von der Leyen voor een ‘nieuwe Europese Bauhaus’ is dus snel gelegd.

In de geest van de Bauhaus-beweging uit de jaren 20 moeten architecten, kunstenaars, ontwerpers, wetenschappers en ingenieurs de Europese Green Deal mee vormgeven, vindt von der Leyen. De renovatie van miljoenen gebouwen in het kader van de vergroening moet gekoppeld worden aan ‘slim design’ en ‘esthetische innovatie’. ‘Het project moet economisch en ecologisch zijn, maar ook cultureel’, heet het. Dit najaar moeten vijf pilootprojecten beginnen. Daarvoor wordt 25 miljoen euro vrijgemaakt.

Of de plannen van von der Leyen tot een creatief reveil kunnen leiden, valt af te wachten. Critici hekelden al de vergelijking met Bauhaus, dat als beweging zijn beloftes niet inloste en te weinig sociaal was. Al bestaat een consensus dat de maatschappelijke omslag waar we voor staan - met uitdagingen zoals de klimaatverandering, vervuiling en digitalisering - vernieuwende ideeën vergt. En wat kritische provocatie kan gebruiken.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud