'Duurzaamheid creëert toegevoegde waarde'

Voor Xavier Sinéchal, de nieuwe voorzitter van het bedrijvennetwerk BSB, is duurzaam ondernemen een goede strategie die op lange termijn tastbare voordelen oplevert. Morele keuzes hoeven niet noodzakelijk mee te spelen.

(tijd) Het bedrijvennetwerk Business & Society Belgium (BSB), dat maatschappelijk verantwoord ondernemen promoot, kreeg begin deze maand een nieuwe voorzitter, Xavier Sinéchal. De managing director van de Suez Energy Services-onderdelen Axima en Fabricom-GTI volgt al enkele jaren de werking van BSB en was ook actief in de werkgroep Sustainable Development van de Koning Boudewijnstiching. 'Duurzame ontwikkeling nastreven, met respect voor 'profit, people and planet', is een must en een voordeel op lange termijn.'

Wat is volgens u maatschappelijk verantwoord of duurzaam ondernemen?

Xavier Sinéchal: 'Duurzaamheid in het bedrijfsleven houdt voor mij in dat je de langetermijnontwikkeling niet in gevaar brengt door kortetermijnbeslissingen. Meer bepaald de ontwikkeling op de drie assen: economisch, ecologisch en sociaal. Je kan niet zonder de economische ontwikkeling: om oog te kunnen hebben voor de lange termijn, moet een bedrijf gezond zijn. Maar daar stopt het niet. Je moet dat doen op een manier die het milieu zo weinig mogelijk belast. Dat is het aspect waarover de bewustwording al het grootst is, en waar we al snelle ontwikkelingen zagen. Voorts moet de ontwikkeling op een sociaal verantwoorde manier verlopen. Intern, onder meer door het werk zo veilig mogelijk te maken. Door de zogenaamde 'employability' van mensen hoog te houden door hen opleidingen en ontplooiingskansen te bieden. Door erop te letten dat je niet discrimineert, maar openstaat voor diversiteit. Maar ook extern kunnen bedrijven een rol hebben. Ze moeten zich afvragen wat ze kunnen genereren voor de maatschappij. Dat kan zich bijvoorbeeld vertalen in samenwerkingen met ngo's, sociale economie, opleidingscentra voor langdurig werklozen.'

Hoe verantwoordt een onderneming zulke uitgaven voor de maatschappij buiten haar muren, waarvan de directe return onduidelijk is, tegenover haar aandeelhouders?

Sinéchal: 'Ook bij aandeelhouders groeit het bewustzijn dat alle beheersbeslissingen moeten worden getoetst aan de drie assen. Er wordt wel degelijk toegevoegde waarde gecreëerd. Het imago en de aantrekkingskracht van het bedrijf verbeteren. Maar ook de overlevingskansen op langere termijn. Dat men er bijvoorbeeld voor open staat al eens werknemers te zoeken waar dat vroeger minder voor de hand lag, en hun vorming te ondersteunen, helpt rekruteringsmoeilijkheden te vermijden. Bovendien eisen steeds meer grote bedrijven dat hun leveranciers en onderaannemers aandacht hebben voor duurzaamheid. Je moet dat als onderneming kunnen aantonen, wil je zaken kunnen doen.'

Je hebt dus geen nood aan morele argumenten, economische volstaan om aandacht voor het ecologische en sociale te verantwoorden?

Sinéchal: 'Duurzame ontwikkeling heeft voor mij weinig te maken met morele correctheid. Het is trouwens zeer moeilijk en subjectief gedragingen te beoordelen op een morele basis. Neen, maatschappelijk verantwoord ondernemen is gewoon een economisch correcte keuze.'

U verwees naar de impact op het imago. De grens met windowdressing, wat bedrijven die mediagenieke acties opzetten geregeld wordt verweten, is dan dun.

Sinéchal: 'Je kan niet ontkennen dat er soms kortetermijnacties worden gevoerd. Dat is niet per se slecht, het draagt bij tot bewustwording. Voor de meeste bedrijven die aandacht hebben voor maatschappelijk verantwoord ondernemen, gaat het toch verder en is duurzame ontwikkeling terecht een langetermijnbenadering. Kortetermijnacties versterken soms de perceptie van oppervlakkigheid, maar het zou dom zijn bedrijven met dit verwijt af te schrijven als actor. Er moet op veel vlakken wat veranderen, en bedrijven zijn net een fantastisch instrument om iets te laten gebeuren.'

Toch krijgt bijna elk bedrijf dat voor het ene aspect voorbeeldig handelt, bijvoorbeeld voor milieu, wel eens de wind van voren omdat er op een ander terrein fouten worden gemaakt. Bijvoorbeeld bij de tewerkstelling of bij activiteiten in een land dat met conflicten te maken krijgt of met een regime dat op zijn zachtst gezegd niet aan ons idee van een democratie voldoet. Hoe beoordeel je of een bedrijf in zijn totaliteit verantwoord werkt?

Sinéchal: 'Er zijn internationaal steeds meer initiatieven om zo'n beoordeling te formaliseren en te objectiveren en om met certificering te werken. De richtlijnen die daarbij worden voorgesteld, worden steeds meer geïmplementeerd door ondernemingen. Ik verwacht dat een duurzaamheidscertificaat over enkele jaren een must wordt, net zoals de ISO-normen nu.'

'Wat internationale activiteiten betreft: ik zie geen reden waarom de principes van maatschappelijk verantwoord ondernemen en duurzame ontwikkeling buiten de westerse landen niet zouden worden toegepast. Ook daar moet een bedrijf bepaalde regels volgen, bijvoorbeeld op het vlak van tewerkstelling of van milieu. Die regels moeten niet anders zijn dan in hun thuisland.'

'Een van de flagrantste voorbeelden is Birma. Ik geloof dat bedrijven stilaan toch wel twee keer gaan nadenken voor ze daar nog investeren. De druk van consumenten is niet te onderschatten, zij hebben een grote macht.'

Moet die macht soms niet beknot worden? Consumenten zijn ook vatbaar voor eenzijdige stemmingmakerij, waartegen een bedrijf weinig verweer heeft.

Sinéchal: 'Consumenten moeten in de gaten houden dat ze goede informatie krijgen en zich een volledig beeld kunnen vormen. We moeten hen daarbij helpen. Het is wel degelijk een gedeelde verantwoordelijkheid van bedrijven, overheden en consumenten om het evenwicht van economie, ecologie en sociale ontwikkeling in de gaten te houden.'

Sommigen benadrukken in hun definitie van maatschappelijk verantwoord ondernemen dat alle belanghebbenden of stakeholders mee moeten kunnen beslissen. Anderen vrezen dat dit tot hopeloze inertie leidt.

Sinéchal: 'En toch, een bedrijf leeft niet op een eiland. Stakeholdersmanagement houdt in dat je afhankelijk van wat je doet, een inventaris maakt van de belanghebbenden: medewerkers, klanten, leveranciers, buren, milieugroepen, scholen, enzovoort. Dat je hen leert kennen en met hen in dialoog treedt, en dat je hun mening in acht neemt. Met dien verstande dat dit met gezond verstand, pragmatisme en realisme gebeurt. De ene stakeholder kan belangrijker zijn dan de andere. Maar als je sommigen helemaal links laat liggen, kan dit het overleven op lange termijn in de weg staan.'

'Respect voor de drie assen, voor de drie P's, profit, people and planet (winst, mensen en planeet), is een must. Wie daar niet naar handelt, en bijvoorbeeld schadelijke stoffen loost of ongefilterd uitstoot, boekt misschien op korte termijn winst, maar leert vroeg of laat de gevolgen kennen en merkt dan die op lange termijn nadelig zijn.'

Erika RACQUET

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud