Een streekfonds voor West-Vlaanderen

Vandaag schiet het Streekfonds Midden- en Zuid-West-Vlaanderen definitief uit de startblokken en dit is een primeur voor ons land, en wellicht zelfs voor het continent. Het fonds is immers geïnspireerd door het Angelsaksische model van de 'community foundation'. De aanleiding was een vrijwillige toegift van Levi Strauss na de pijnlijke sluiting van zijn drie Belgische vestigingen in 1998. Gezien het gebrek aan expertise en traditie in onze contreien, blijven nog veel vragen onbeantwoord. Voorzitter Jean van Marcke benadrukt evenwel 'dat het fonds moet passen binnen duurzaam ondernemen. Zuid-West-Vlaamse ondernemers moeten zich bewust worden van de noodzaak om voortaan ook in de leefomgeving te investeren, zonder de perceptie van onmiddellijke return.' Geert VANDEPITTE

Op 30 september 1998 sloeg de gevreesde bom in. Jeansfabrikant Levi Strauss deelde zijn intentie mee om de drie Belgische productievestigingen te sluiten. Het sociaal deficit bedroeg in Wervik, Gits en Deurne samen 810 werknemers. Achteraf bekeken was de hertewerkstelling van de getroffen personeelsleden vrij succesvol. Maar net zoals in het geval van Renault bleef een kater van formaat over. Vooral in Zuid-West-Vlaanderen was de sociaal-economische opdoffer vrij groot. Levi's wou echter de pil wat vergulden door 811.000 euro op de rekening van de Koning Boudewijnstichting (KBS) te storten. De KBS kreeg uitdrukkelijk de opdracht om met dit bedrag een streekfonds naar Angelsaksisch model op te richten om zo de getroffen regio te steunen.

Officieel werd het streekfonds op 14 februari 2001 opgericht door enerzijds de KBS en anderzijds door West-Vlaamse gouverneur Pol Breyne en Jean van Marcke, voorzitter van de Steunraad West-Vlaanderen van de KBS. In die hoedanigheid was het ook evident dat van Marcke (64) het streekfonds zou voorzitten. Jean van Marcke, zelf een topondernemer die zijn verdiensten in de sector van liefdadigheid heeft, vindt het niet moeilijk toe te geven dat in de voorbereidende fase het enthousiasme bij de betrokken partijen niet altijd even groot was. 'Wat moeten we ons voorstellen bij een streekfonds? We hebben totaal geen traditie van 'community foundations'. Is dergelijk concept wel verzoenbaar met onze ondernemerscultuur', luidde het toen.

Intussen wijzen de neuzen al meer in dezelfde richting. 'Het is mijn overtuiging dat het streekfonds de ondernemers een schitterend platform biedt om meer filosofisch over de streek na te denken en samen iets voor de regio te doen', zegt Jean van Marcke. 'Aanvankelijk waren er twee grote twijfels. Enerzijds is het fiscale regime voor schenkingen en legaten in Europa minder interessant. Anderzijds bepaalt liefdadigheid de status van de Amerikaanse ondernemer. Die cultuur kennen we hier niet. Maar daartegenover bestaat bij ons de duidelijke nood aan groter maatschappelijk engagement van de ondernemers. Want wie zegt dat de sterktes van vandaag voor de streek ook nog de sterktes van morgen zullen zijn? Daarom doet het streekfonds niet louter aan liefdadigheid of 'charity'. Nee, het fonds is een 'community foundation' die dingen realiseert die de gemeenschap moeten ten goede komen.'

Vandaar dat van Marcke het logisch vindt dat socio-economische initiatieven, zoals het Streekfonds, worden getoetst aan de strategische analyse van de Zuid-West-Vlaamse regio. 'De sterktes die onze streek uniek maken: de industriële focus en de groei van de dienstensector, de endogene groei, hoge productiviteit, de nabijheid van Noord-Frankrijk en de metropool Rijsel, ondernemerschap en familiekapitaal, de KMO-structuur, de marktkarakteristieken (custom made, snelheid, trendgevoeligheid) en de arbeidsmarktkenmerken (degelijk geschoolden, technische vorming en continue vorming). Deze troeven zijn in hoofdzaak cultureel bepaald. Daartegenover staat dat de economische cycli elkaar in steeds sneller tempo opvolgen. We evolueren naar een kennismaatschappij waar het menselijke kapitaal het hoogste goed is. Dit impliceert dat, als de ondernemingen die degelijke medewerkers willen aantrekken en houden, zij ook in de leefomgeving zullen moeten investeren. En dat zal sneller moeten gebeuren dan iedereen denkt. We moeten niet enkel ruimte voor werk creëren, maar ook ruimte voor welvaart en welzijn.'

Jean van Marcke heeft een lijst met de toekomstige bedreigingen opgemaakt: 'West-Vlamingen werken niet graag samen. De bedrijven hebben een gebrek aan schaalgrootte. Er is nood aan hooggeschoolden. West-Vlamingen doen, ondanks de verrichte inspanningen, te weinig aan netwerking. Er moet meer aandacht besteed worden aan echte toegevoegde waarde, onder de vorm van kennis. Professionalisering van het management en meer corporate governance zijn een must. Ondernemers moeten meer strategisch nadenken. Er moet overleg komen om in onderzoek en ontwikkeling te investeren. Ten slotte is een sterkere aansluiting met de metropool Rijsel noodzakelijk.'

Het streekfonds zal geen speler zijn naast de bedrijfswereld, non-profitorganisaties, politiek, scholen, enzovoort. Het fonds zal wel de link tussen al deze domeinen vormen en werk maken van 'community'-denken. Deze visie wordt ook weerspiegeld in de samenstelling van het bestuurscomité. Naast het bedrijfsleven zijn ook politici, het onderwijs, de vakbonden, de media, de culturele, de sociale en de verzorgende sector vertegenwoordigd. Nu is het belangrijk om het bestaande kapitaal op te bouwen tot 2,5 miljoen euro om met de kapitaalopbrengsten om projecten te ondersteunen en de eigen werking te financieren. Het fonds zal projecten ontwikkelen om een antwoord te bieden op de lokale behoeften. Een van de eerste projecten waarop het streekfonds zijn legitimiteit wil bouwen en waarmee het het vertrouwen van lokale schenkers wil winnen, staat vrijwel vast. Het is 'ruimte om te spelen'. Ideeën die geopperd zijn: een speelbos, een buurtlokaal waar jongeren op pc's kunnen werken, een fabriekshal voor weekendrecreatie. Dit thema zal het fonds op twee niveaus uitwerken, door op korte termijn concrete initiatieven financieel te ondersteunen en door een langetermijnvisie te helpen ontwikkelen. Het bestuurscomité heeft zes criteria geformuleerd waaraan een thema moet beantwoorden. Binnenkort wordt een halftijdse coördinator aangeworven. Het Streekfonds, dat werkt binnen de schoot van de KBS, krijgt een eigen secretariaat in Kanaal 127, het sociaal bedrijvencentrum in Kortrijk.

Het Streekfonds staat nog in zijn kinderschoenen. Het bestaande kapitaal is nog onvoldoende. Maar Jean van Marcke wil het belang en de ambities van het fonds niet onderschatten: 'Onze ondernemers zijn eerder vertrouwd met marketingsponsoring, een vorm van financiële tegemoetkoming waarvan je de return kan berekenen. Met dergelijke sponsoring bereik je als onderneming geen imago van duurzaamheid. Dat willen we met het streekfonds wel bereiken.' Van Marcke vindt trouwens dat zijn voorzitterschap van het fonds een compleet nieuwe uitdaging is: 'Jarenlang heb ik aan de top van het bedrijfsleven gestaan. Al die tijd zat ik enkel met ondernemers rond de tafel. Nu moet ik onderhandelen met mensen uit alle maatschappelijke sectoren. Dat maakt het voor mij spannend.'

Het Streekfonds Midden- en Zuid-West-Vlaanderen heeft zijn onderkomen in Kanaal 127, Damastweversstraat 3. Voorlopig telefoonnummer is 056-23.70.20. Webstek van de Koning Boudewijnstichting: www.kbs-frb.be.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud