Opvolging in familiebedrijven stuit op financiële problemen

(tijd) - Slechts een op de drie jonge opvolgers van bedrijfsfamilies neemt deel aan het overleg over het familievermogen. De helft weet niet hoe dat vermogen wordt overgedragen aan de volgende generatie. Dit gebrek aan financiële transparantie binnen familiebedrijven leidt vaak tot een mislukte overdracht. Dat schrijft De Tijd.

Er schort vooral iets met de financiële opvoeding van de opvolgers, blijkt uit een onderzoek van het Studiecentrum voor ondernemerschap (SVO) van de Ehsal en de KU Brussel in opdracht van het Instituut voor het Familiebedrijf (IFB). De financiële opvoeding, die onder meer overleg over het familievermogen en de overdracht ervan inhoudt, is nodig om negatieve gevoelens bij de jonge opvolgers te voorkomen.

Het SVO ondervroeg 870 eerstejaars- en laatstejaarstudenten van de Ehsal en tien Vlaamse bedrijfsfamilies over het probleem van de overdracht van het familievermogen. De Vlaamse ondernemer André Leysen maakte ophef toen hij in de jaren 90 het familievermogen op een gestructureerde en fiscaalvriendelijke manier overdroeg aan zijn kinderen. Niet alle families doen dat en in bepaalde families is praten over het eigen familievermogen nog taboe. Het onderzoek bewijst dat. Slechts 32,4 procent neemt deel aan het familieoverleg over het familievermogen en meer dan de helft weet niet hoe dat vermogen wordt overgedragen.

De kijk van de familie en van de jonge volwassen opvolgers op het familievermogen loopt ook sterk uiteen. 'De studie is grensverleggend en een internationale primeur', zei advocaat Jozef Lievens, de mede-oprichter en bestuurder van het IFB. Lievens, die nauwe contacten onderhoudt met het Amerikaanse Family Firm Institute (FFI) in Boston, zei dat het FFI de resultaten van het Vlaamse onderzoek zal opnemen in zijn vakblad, de Family Business Review.

De toetsing van het academisch onderzoek en de ondervraging van tien Vlaamse bedrijfsfamilies aan het kwantitatieve onderzoek bij de studenten is bijzonder relevant, zei professor Johan Lambrecht, de directeur van het SVO.

Dertig procent van de ondervraagde studenten volgt een sociale opleiding en 70 procent studeert handelswetenschappen & bedrijfsbeheer. Een op de drie studenten heeft thuis een familiebedrijf. Dertig procent beschouwt zijn familie als vermogend of zeer vermogend. De groep studenten bestaat voor 63 procent uit vrouwen en 37 procent mannen.

Veel jonge rijke erfgenamen lijden echter aan 'affluenza'. Hun (toekomstige) rijkdom bezorgt hen negatieve gevoelens zoals een lage eigendunk, doelloosheid, motivatietekort, gebrek aan zelfdiscipline en schuldgevoelens. Ze doen vakantie- en weekendwerk om zich te bewijzen en geven veel geld aan goede doelen. De familie kan deze mensen helpen door gezonde en haalbare verwachtingen in hen te stellen, zegt Lambrecht.

Foto: de affiche van het Hollywood-film 'Family Business'

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud