Verhofstadt promoot notionele intrestaftrek bij buitenlandse bedrijven

(belga) - Fiscalisten zijn vol lof over de notionele intrestaftrek, de fiscale maatregel waarmee de regering investeringen naar België wil halen. De interesse in het buitenland is groot, de beslissingen om in ons land te investeren zijn al genomen. Maar de maatregel zou nog beter kunnen, menen de experten.

Premier Guy Verhofstadt vertrok zondag op promotietournee naar Azië. Hij gaat er bedrijfs- en regeringsleiders overtuigen van het gunstige investeringsklimaat in België. Bovenaan het lijstje lekkers voor kandidaat-investeerders staat de notionele intrestaftrek. Dat maakt het bedrijven mogelijk om voor de eigen middelen die ze in hun vennootschap investeren, een fictieve (notionele) interestkost fiscaal af te trekken. Met andere woorden, de bedrijven dienen dus minder belastingen te betalen.

De nieuwe aftrek heeft ten eerste als doel de eigen middelen van vooral KMO's versterken. Het moedigt eigen vermogen aan. "Eigen vermogen is voordelig. Het maakt ondernemingen robuuster, zorgt voor een betere solvabiliteit, men kan makkelijker leningen aangaan en maakt bedrijven minder conjunctuurgevoelig", legt Jean Baeten, fiscaal adviseur van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) uit. En aangezien geld moet renderen, leidt het tot investeringen en bijgevolg jobs.

Maar de maatregel moet België vooral aantrekkelijk maken voor investeerders en voor een alternatief zorgen voor de coördinatiecentra. Het VBO gaat er van uit dat met de nieuwe maatregel in een standaardpatroon de effectieve belastingsvoet zal dalen van 33,99 pct naar 26 à 27 pct. Experten voegen eraan toe dat dit - mits de nodige fiscale planning - tot beneden de 25 pct kan gaan.

Fiscalisten sparen dan ook hun lof niet. "België staat weer op de fiscale kaart, waar we de laatste jaren waren van verdwenen", aldus Baeten. Het geeft België een concurrentieel voordeel tegenover andere landen in de EU als het om investeringen gaat. Coen Ysebaert, tax director bij Deloitte, beaamt: "In Europa zijn niet enkel alleen Luxemburg en Zwitserland interessant als het gaat over financieringsstructuren, ook België is nu interessant". Een bijkomend groot voordeel is de verankering die het biedt voor Belgische bedrijven. Het vermindert de graad van delokalisatie.

De verwachting is dat de notionele intrestaftrek een succes wordt. "De interesse in het buitenland en het enthousiasme zijn groot", verzekeren de specialisten. Een aantal Nederlandse groepen zou al hebben gezegd te overwegen het voorbeeld van Randstad, dat bekend maakte naar België te komen met een financieel coördinatiecentrum, te volgen. Advocaten spreken van buitenlandse klanten waar de beslissing om in België te investeren al is genomen.

Ook in Azië wordt op heel wat respons gerekend. Ysebaert (Deloitte): "In Azië is er de tendens om zich te richten op de Europese markt. Dat vraagt geld en financieringen. Nu kan dit worden geoptimaliseerd als dit via België gebeurt, zeker in combinatie met onze ligging en de aanwezigheid van de havens". Een bijkomend pluspunt is het dubbel belastingsverdrag met Hong Kong. Ook het gunstige statuut van buitenlandse kaderleden is voor België een belangrijke fiscale troef.

Aziatische bedrijven verkopen nu in Europa via distributeurs. Een volgende stap, meent Ysebaert, is dat de Aziatische bedrijven zelf een assemblage- en een distributie-eenheid in Europa gaan openen. Belgie komt vooral voor dit laatste, via het openen van een Europese 'hub', in aanmerking.

Er is echter ook een 'maar' verbonden aan het notionele intrest-verhaal. Er is immers de verplichting dat de renteaftrek op het eigen vermogen drie jaar moet worden gereserveerd. Het kapitaal mag gedurende die periode dus niet als dividend worden uitgekeerd. De drie jaar zal in de praktijk op vijf jaar neerkomen. "En voor een bedrijf is dat een eeuwigheid", aldus Baeten, die vreest dat deze zogenaamde onbeschikbaarheidsvoorwaarde wel eens een serieuze hinderpaal zou kunnen worden voor buitenlandse investeerders. Baeten: "Zonder die onbeschikbaarheid was het dé maatregel voor vennootschapsbelasting, nu is het een goede maatregel die niet optimaal wordt gebruikt".

Bij Deloitte wordt bevestigd dat de onbeschikbaarheid nadelig is, maar relativeert men. Volgens Ysebaert zal het belang doorwegen van situatie tot situatie: "Voor een beursgenoteerd bedrijf is de dividendenpolitiek een belangrijk aspect, het zal zwaarder doorwegen dan bij pakweg een familiaal bedrijf".

Maar er is niet alleen de onbeschikbaarheid. Bij de notionele intrestaftrek worden financiële vaste activa (dochters) geweerd. De regering wou zo een cascade-effect aan vennootschappen vermijden. Maar volgens Ysebaert is men daar te ver ingegaan door ook buitenlandse dochters hierin te betrekken.

Toch geeft de notionele intrestaftrek nog een bijkomende troef, weet de tax director bij Deloitte. De maatregel is in een wet gegoten, en daar houden de Aziaten van. "Een fiscale ruling heeft in Azië een ietwat negatieve bijklank. Ze willen vooral zekerheid en een wet biedt dat".

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud