Antwerpen krijgt zijn ‘Huts Tower'

Fernand Huts voor zijn cultuurtoren in Antwerpen: ‘De toren kopen was het makkelijkste. Nu begint het pas.’ ©SISKA VANDECASTEELE

Fernand Huts, de topman van de Antwerpse logistieke multinational Katoen Natie, kocht deze week de iconische Boerentoren in Antwerpen. ‘We maken er een wereldmonument van.’

‘Ik moet eerlijk zeggen: hoe meer ik ernaar kijk, hoe impressionanter ik hem vind. Zeker als je weet welk gigantisch werk het was om die te bouwen. Midden in de Depressie, tegelijk met de Empire State Building in New York. Het is revolutionaire architectuur die toen nog niet bestond in Europa. Geweldig toch dat ze die klus klaarden in drie jaar.’

We ontmoeten Fernand Huts aan de voet van de Boerentoren in hartje Antwerpen. De topman van de logistieke multinational Katoen Natie (KTN) heeft zonet tot ieders verrassing de 95,7 meter hoge KBC-toren, zoals het gebouw officieel heet, gekocht van de bank-verzekeraar KBC. De toren dateert uit 1931. Huts wil er een ‘cultuurtempel’, een ‘cultuurtoren’ van maken, toegankelijk voor iedereen.

Hoeveel hij KBC betaalt en wat de sanering - de art-decotoren zit vol asbest - en de herontwikkeling zullen kosten, wil hij niet zeggen. ‘Ik heb er geen probleem mee, maar ik mag het niet zeggen van KBC. Zij communiceren.’ Als ik enkele bedragen boven 100 miljoen euro suggereer, snuift hij alleen maar.

Katoen Natie kwam pas laat in de biedstrijd piepen. Topman Davy Demuynck van de vastgoedontwikkelaar ION - een ex- Katoen Natie-werknemer - die van in het begin kandidaat-koper was, ging in mei bij Huts aankloppen om samen te werken. Door het project met de hulp van Huts een meer culturele bestemming te geven hoopte hij meer kans te maken.

‘Ook voor de invulling van de toren leggen we de lat heel hoog. Het moet cultureel iets worden dat alles wat kan overstegen worden, overstijgt’
Fernand Huts
Topman en eigenaar Katoen Natie

Huts twijfelde niet. In een week was er een akkoord tussen de twee. Het idee om de Boerentoren om te toveren tot een ‘cultuurtoren’ - met museumruimtes, kunstrestauratiezalen, een kunstdepot, een beeldentuin buiten op het tiende verdieping, filmruimtes en auditoria voor visuele kunsten - viel in goede aarde. ION en KTN wonnen het pleit voor de neus van vele grote projectontwikkelaars.

Wat de trigger was om te kopen? Huts lacht gemaakt verbaasd: ‘Ik ben een Antwerpenaar van in mijn kleine teen tot in mijn laatste haar. Ik ben enorm verbonden met deze stad. Ik ben geboren in de Pieter van Hobokenstraat, in het ‘moederhuis’ van elke Antwerpenaar, heb mijn schoenen versleten op de speelplaats van het Sint-Jan Berchmanscollege op de Meir in de schaduw van de Boerentoren en bouwde mijn bedrijf wereldwijd uit vanuit de Seefhoek.’

‘Als dan plots een iconisch gebouw als de Boerentoren te koop komt, kan je dat op verschillende manieren bekijken. Ik koos voor: daar moeten we voor de Antwerpenaar iets mee doen. We beslisten de toren publiek te maken voor culturele evenementen. Niet alleen voor de Antwerpenaar, maar voor de internationale bezoeker. In alle bescheidenheid: we willen er een wereldmonument van maken.’ (lacht uitbundig)

Filantropie

Huts reageert als de onschuld als we hem voorleggen dat rendement altijd een van de belangrijkste drijfveren is geweest in de dingen die hij onderneemt. Een ‘cultuurtoren’ lijkt daar moeilijk in te passen.

De Boerentoren moet cultureel iets worden dat alles overstijgt wat overstegen kan worden.
Fernand Huts
Topman Katoen Natie

‘Dit project situeert zich volledig in mijn liefde voor Vlaanderen en de stad Antwerpen’, zegt hij zonder blozen en gemeend. ‘We weten wat we gaan doen. Ik ben een cent-pour-cent ondernemer, ook in dit geval. Maar af en toe moet je ondernemer zijn met een hoek af, moet je out of the box denken. Meerwaarde creëren is de basis van het ondernemerschap. Bij de meeste is dat winst maken. Ook in mijn bedrijf ben ik genoodzaakt naar rendementen te kijken. Maar in heel mijn denken, in heel mijn karakter zit het scheppen van meerwaarde voor de samenleving via cultuur.’

De toren kopen was het makkelijkste, zegt hij. ‘Nu begint het pas. Het is een gigantische uitdaging. Nu moet ik er als ondernemer iets mee doen. Maar in mijn hele historiek zit iets van: de lat moet altijd hoger. Hoe hoger, hoe beter. Ook voor de invulling van de toren hebben we de lat heel hoog gelegd. Het moet cultureel iets worden dat alles overstijgt wat overstegen kan worden.’

Huts geeft toe dat er weinig rendement te halen is uit het project. Zeker omdat de toren maar een heel beperkt aantal appartementen zal hebben. ‘Het is een filantropisch project op lange termijn. Het is non-profit. Een vastgoedontwikkelaar had hier veel geld kunnen verdienen. Maar we wilden de toren in één hand houden en niet in tien stukken hakken. Dat heeft volgens mij een rol gespeeld waarom KBC aan ons verkocht. Het klopt dat het veel geld zal kosten. Als ik er te lang over nadenk, word ik ziek.’ (schatert)

Of hij zich voor de ontwikkeling van zijn cultuurtoren spiegelt aan een voorbeeld? Aan musea van andere rijke families als de Arnaults, de Schlumbergers, de Guggenheims? ‘Ik heb geen voorbeeld. Ik ben mezelf. Ik wil niet gelijken op die mensen. Ze hebben hun charme, zijn verstandig en geven een deel van hun inspanningen aan cultuur. Maar ze zijn anders.’

Privémuseum

Het eerste wat hij nu gaat doen, zegt Huts, is een architect zoeken. ‘Daarna gaan we op zoek naar een team om het project op poten te zetten. We hebben al mensen in KTN en The Phoebus Foundation - de kunststichting van Katoen Natie die de vele kunstwerken van de familie beheert en tentoonstellingen organiseert - die met cultuur bezig zijn. We gaan ook extern talent zoeken’.

Wordt de Boerentoren het privémuseum van de familie Huts? Een Antwerpse ‘Huts Tower’ vol eigen kunstwerken? ‘Nee’, zegt Huts. ‘Wie dat zegt, heeft dat uit zijn duim gezogen, denkt te veel in vakjes. We willen erfgoed en kunstantiquiteiten van hier en van overal in de wereld samenbrengen en aan het publiek tonen. Maar wel met een flinke dimensie beleving.’

Fernand Huts

Huts is samen met zijn vrouw de eigenaar van de logistieke groep Katoen Natie (KTN). De groep is wereldwijd aanwezig en verzorgt logistiek voor de (petro)chemie, de fijnchemie, de autosector, de consumentengoederen- en voedingsindustrie en de kunstsector. In Uruguay baat KTN een containerterminal uit. In 2015 betaalde KTN een half miljard euro voor het afvalverwerkingsbedrijf Indaver.
KTN heeft iets meer dan 17.000 mensen in dienst, goed voor een omzet van bijna 2 miljard euro. Katoen Natie keerde eigenaar Fernand Huts over 2018 een dividend uit van ruim 350 miljoen euro. ‘Het meeste van dat geld dient voor overnames of investeringen’, zei Huts toen.
Huts staat bekend als een groot kunstliefhebber en -koper. Daarvoor richtte hij het investeringsvehikel The Phoebus Foundation op. In 2018 kocht hij de Collectie De Bode, een grote verzameling schilderijen van Vlaamse expressionisten.
Huts woont officieel in het Verenigd Koninkrijk.

Als voorbeeld van hoe hij ‘cultureel denkt’, verwijst Huts naar de tentoonstelling ‘Blind Date’, met portretkunst uit de 15de eeuw. Het is een samenwerking van het Museum Snijders&Rockoxhuis van KBC en The Phoebus Foundation. Couturier Walter Van Beirendonck nam de scenografie van de expo voor zijn rekening.

Huts: ‘De expo gaat nog verder in de Keizerskapel van de familie De Bruyn en de prachtige Carolus Borromeuskerk. Daar zijn naast een reeks kinderportretten een reeks historische rammelaars - toen statussymbolen - uit de collectie van de baggeraar Jan De Nul - ‘Vlaanderens beste bedrijf’ - te bewonderen. We hebben al die prachtige dingen samengebracht. Of die nu van een bank, een museum, de stad, een privéverzamelaar of een baggeraar komen is toch niet belangrijk? Het zijn de prachtige werken en de beleving die tellen.’

‘Hutsiaanse’ commentaar

De kritiek dat hij zijn tentoonstellingen - zoals ‘Oer’ in het Gentse Caermersklooster - af en toe overgiet met een ‘Hutsiaans commentaarsausje’, zoals ook in de boeken van zijn narrenpseudoniem Jules van Bocholt, wuift hij verveeld weg. ‘Het beste van Vlaanderen tussen 1880 en 1930 was in ‘Oer’ te zien. De input van Vlaamse eigenaars, onder meer van Herman De Bode, was enorm. Het was prachtig en een succes. Ik zie de Huts-factor daar niet.’

Wordt de nieuwe Boerentoren - als hij over vijf jaar klaar is - zijn ultiem pensioenproject? Huts (70) kijkt spottend: ‘Zie ik er oud uit? Zeg ik rare dingen? (lacht) Pensioen is een kunstmatig begrip. Ik voel me nog niet in die kunstmatige omgeving. Ik leid nog het bedrijf, het groeit nog altijd en mijn drie zonen hebben werk genoeg.’

Of het goed gaat met Katoen Natie nu covid ongetwijfeld een impact heeft op de logistiek van onder meer consumentengoederen en auto-onderdelen? ‘Ik wil er niets over kwijt. Maar een bedrijf dat de Boerentoren koopt, moet toch een gezond bedrijf zijn, niet?’

Wie de Boerentoren gaat runnen? ‘Ikken, hè.’ (lacht uitbundig)

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud