De balans | David Verreth: 'Fysiek ga ik elke week in het rood'

David Verreth ©rv

David Verreth (44), businessunitmanager hr-software bij SD Worx, was de sterktste in de eerste aflevering van ‘Kamp Waes’. Daarin volgen 15 burgers een opleiding voor de Special Forces, waarbij ze fysiek en mentaal onder druk worden gezet. Hier maakt Verreth zijn persoonlijke balans op.

Wat zijn uw belangrijkste activa?
‘Mijn gezondheid. Al de rest - familie, werk, vrienden - wordt geïnfecteerd als je fysieke of mentale gezondheid je in de steek laat. Voorts staan mijn twee tieners qua belang op één. Maar ik erken: qua tijdsbesteding is dat het werk. Aan het materiële heb ik nooit gehecht, aan ervaringen des te meer.’

Wie heeft in u geïnvesteerd?
‘Ik groeide op in een groot gezin en werd streng maar rechtvaardig opgevoed. In de humaniora ging ik intensief sporten. Wijlen Marcel De Grauwe zag vanaf dag één een wielertalent in mij. Ik werd er kind aan huis, hij werd allesbepalend in mijn jeugd. Dankzij hem werd ik in 1999 prof. Een jaar eerder was ik bij de eliterenners zonder contract provinciaal en Vlaams kampioen. Ik haalde dus een degelijk niveau. Tot ik in de gemediatiseerde wereld van de beroepsrenners kwam, die vergeven was van doping. Het verschil was onbeschrijflijk. Ik moest het opnemen tegen mensen als Frank Vandenbroucke, Johan Museeuw en Lance Armstrong. Nog datzelfde jaar heb ik mijn contract opgezegd.’

‘Als de sport clean was geweest, was het wellicht anders gelopen. Maar ik heb geen spijt. Ik hoef niet te denken: had ik maar geprobeerd. Ik heb er veel geleerd over relativeren en je leven in handen nemen. Na afloop was De Lijn een goed opstapje om me te heroriënteren. Frank Van den Bulcke werd mijn eerste echte leidinggevende. Na drie jaar trok ik naar Roularta. En 14 jaar geleden haalde Tom Le Clef me aan boord bij SD Worx. Ik kreeg er kansen.’

Gaat u soms in het rood?
‘Fysiek: elke week. ‘Kamp Waes’ geeft een goed beeld. Die uitlaatklep heb ik nodig om mentaal uit het rood te blijven. Marathons loop ik onder de drie uur, een Iron Man onder de tien uur. Ik heb ook vier keer de Mont Blanc solo beklommen in één dag. Drie keer met succes. Twee jaar geleden gleed ik 400 meter terug, langs levensgevaarlijke spleten. Een van mijn stijgijzers zat door mijn scheenbeen. Vorig jaar ben ik teruggekeerd. Maar er was wel de reflectie: is het dat waard? Misschien niet, maar fysiek afzien en grenzen willen verleggen: het blijft sterker dan mezelf. En individueel. Daarom schakelde ik destijds over op wielrennen. Als we in het voetbal wonnen, was mijn bijdrage beperkt. Verloren we, dan had ik het niet kunnen verhinderen. Er was niet genoeg accountability. Een marathon loop je zelf. Dat geeft massa’s voldoening.’

Wie zit in uw raad van bestuur?
‘Ik ben een binnenfretter. Lang had ik het idee dat ik mijn problemen zelf moest zien op te lossen. Dat is niet gezond, merk ik met het ouder worden. Nu fungeren twee mensen als klankbord, zowel privé als werkgerelateerd.’

Hebt u al mensen afgeschreven?
‘Ik leef nog wat met het naïeve geloof in de goedheid van de mens, al blijkt de realiteit soms anders.’

Staat er winst op uw balans?
‘Veel. Ik had nooit een uitgestippeld carrièrepad en pluk de dag. Zonder ronkende diploma’s maar door hard mijn best te doen ben ik toch ergens geraakt. Al vier jaar krijg ik van een vriend op mijn verjaardag hetzelfde bericht: twee toffe kinderen, topjob, fysiek top, muzikaal succesvol - geniet ervan, vanaf nu kan het enkel bergaf gaan. Er zit iets in. Behalve me professioneel ontplooien is er niet echt meer iets dat ik zo nodig wil realiseren. Die val op de Mont Blanc heeft repercussies. Toen wilde ik de Everest nog doen. Maar op een bepaald moment moet je tevreden zijn.’

‘De grootste verliespost is mijn echtscheiding. Bij een scheiding zijn er, op de fiscus na, alleen verliezers. Het is de zwartste pagina in mijn leven.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n