En plots staat de consultant weer op je stoep

©MEDIAFIN

Omega Pharma, IVC, Joris Ide en A.S. Adventure zijn al verkocht. Veritas, Indaver en Balta gaan binnenkort de deur uit. De economie draait voor geen meter, maar voor bedrijven wordt weer flink geld neergeteld. ‘Soms worden bedrijfsleiders bang gemaakt met de taxshift die er zit aan te komen.’ Het verhaal achter de Belgische uitverkoop.

‘Het is sinds ongeveer een jaar om de zoveel maanden hetzelfde liedje. Een speler uit de private-equitywereld, een holding of een bedrijf komt aan de deur kloppen om ons te kopen.’ Aan het woord is een topman van een bekende Belgische multinational. Een van die bedrijven die goed uit de crisis is gekomen, alleen maar groter is geworden, financieel gezond, met jaar na jaar mooie cashflows. Hij wil niet met zijn naam in de krant. ‘Wij denken niet aan een verkoop. Ik wil niet dat iemand de verkeerde conclusies trekt als ze mij hierover horen praten.’

Sinds de euro is gaan zakken, is er nog meer interesse van dollarbetalers: Amerikanen maar ook Aziaten.
topman van een bekende belgische multinational

Hij wil wel vertellen wat hij ziet bewegen. ‘Omdat ondernemen om goesting en een goed ondernemersklimaat draait. Politici moeten weten dat het klimaat verslechtert en daardoor het enthousiasme afneemt.’ Voor wie een goed draaiend bedrijf heeft, wordt het steeds makkelijker om kopers te vinden, merkt hij op. Met andere woorden: wie al met de gedachte speelt te verkopen, moet almaar minder hard zoeken.

‘Onlangs merkten we dat we zelf een prooi zijn geworden. Niet omdat de zaken nu plots zoveel beter gaan. Er zijn simpelweg spelers op de markt met zeer grote oorlogskassen en zij zijn erg happig om een deal te doen. Sinds de euro is beginnen zakken, is er nog meer interesse. Van dollarbetalers: Amerikanen maar ook Aziaten.’

Fusie- en overnametrein dendert voort

Verschillende deals naderen hun ontknoping, zoals de verkoop van de naai- en modeketen Veritas of van Corilus, de softwarepoot van het farmabedrijf Fagron. Intussen is ook de verkoop van Bekaert Textiles op gang getrokken. De specialist in metaalpapier AR Metallizing staat in de etalage, net als de restaurantketen Lunch Garden.

Ook op de beurs komt er beweging. Bone Therapeutics begon gisteren met glans aan zijn beurscarrière. En er zitten nog enkele kandidaten in de wachtkamer, zoals het biotechbedrijf Biocartis, het infrastructuurfonds DG Infra+ (Gimv/Belfius) en de beeldchipproducent Cmosis. Ook Mithra Pharma bekijkt een beursintroductie.

De bedrijfsleider stuurt ze allemaal wandelen, nog voor ze een bod op tafel hebben gelegd. ‘Ik kan u dus niet zeggen of ze ook echt veel voor ons willen betalen.’ Elders hebben de kopers meer succes. Zoals bij Omega Pharma, het bedrijf van Marc Coucke dat eind vorig jaar voor 3,6 miljard euro werd opgeslokt door het Iers-Amerikaanse Perrigo. Of bij IVC, de vinylgroep van Filip Balcaen die werd verkocht aan Mohawk, ook al uit de Verenigde Staten. Nog zo’n mediageniek dossier is de verkoop van het staalplatenbedrijf Joris Ide aan Kingspan uit Ierland.

‘Miskijk u niet op die drie dossiers’, zegt een bankier van een van de actiefste zakenbanken in ons land. ‘Als twee flamboyante ondernemers en één mysterieuze hun zaak verkopen, springt de pers daarop. De zaken draaien, maar we maken geen bonanza mee.’

Agressiever

Geen bonanza, maar dat er flink wat beweegt in de bedrijfswereld is duidelijk. Deze week kocht de Franse private-equityspeler PAI nog de outdoorketen A.S. Adventure op. Het aantal deals en de waarde ervan zitten in ons land nog lang niet op pre-crisisniveau, maar het plaatje is zonder meer indrukwekkend in een tijdsvak waarin het economisch vierkant draait. Terwijl consumenten en overheden over heel Europa besparing op besparing stapelen, leggen ondernemers en financiers flinke smakken geld op tafel om bedrijven te kopen. De bedragen die toplui als Balcaen, Ide en Coucke opstreken - Omega: 12 à 14 keer de bedrijfskasstroom, IVC: 10, Ide: 9 - worden afhankelijk van de bron omschreven als ‘zeer degelijk’ tot ‘royaal’. Terwijl schuldafbouw de mantra is van zowat elke econoom, lijkt de bedrijfswereld de appetijt ervoor net teruggevonden te hebben.

De jongste jaren komt er om de drie maanden wel iemand aankloppen met een overnamevoorstel.
peter vyncke
CEo Vyncke

België blijft vooralsnog gespaard van reusachtige met schulden gefinancierde deals. Maar de acrobatieën die voor de grote crisis van 2008 schering en inslag waren, lijken over de grenzen mondjesmaat terug te komen. Een voorbode? ‘Grote Europese bedrijven zitten historisch diep in de schulden’, merkten de analisten van JPMorgan eind vorig jaar op. ‘Wat als de economie verder vertraagt?’

Ook Financial Times maakte zich druk. ‘Geld is spotgoedkoop en het zijn enkelingen die profiteren’, stelde de Britse zakenkrant. ‘Grote bedrijven vooral, terwijl kmo’s en ondernemers in Zuid-Europa het moeilijk hebben.’ In één adem nam de krant de deal op de korrel waarbij private-equityreus CVC midden vorig jaar 160 miljoen euro uit Continental Foods, de groep boven Devos Lemmens, haalde en het in één beweging vol schulden propte. ‘We zien een renaissance van de agressievere transacties die we in 2006-2007 ook zagen.’

Goedkoopste grondstof

Of je nu met bedrijfsleiders, zakenadvocaten en -bankiers of financiële spelers praat, ze merken unisono op dat er grote hoeveelheden bijzonder goedkoop geld aan het werk zijn. Of zoals Ger Van Jeveren, de topman van het Nederlands-Belgische Arseus, het vorig jaar treffend in De Tijd verwoordde: ‘Geld is vandaag de goedkoopste grondstof ter wereld. Het is waanzinnig.’ Met dank aan de centraal bankiers, die met hun beleid alles uit de kast halen om de economie een boost te geven. Maar die verwoede pogingen lijken in eerste instantie vooral tot financiële transacties te leiden. Financial Times opnieuw: ‘In tegenstelling tot voor de crisis is goedkoop geld geen gevolg van een goed boerende economische omgeving, maar van het omgekeerde: een financiële crisis, gevolgd door een enorm soepel monetair beleid om die weer in te dijken.’

De zaken draaien, maar we maken geen bonanza mee.
bankier van een van de actiefste zakenbanken in ons land

Een ervaren rot in de Belgische fusie- en overnamewereld: ‘Liquiditeit is altijd een van de grootste drivers achter fusies en overnames. En die is vandaag overvloedig voorhanden. Banken worden overspoeld door de centrale banken. Ondertussen blijft de klassieke vraag van consumenten en bedrijven naar kredieten om te investeren - bijvoorbeeld in een woning of in een nieuwe fabriek - zwak. Dus zetten banken gretig mee hun schouders onder grote transacties.

Hoe? Door grote bedrijven toe te laten zich te financieren met bijna geen kosten, bijvoorbeeld. Zo krijg je, op papier althans, een perfect klimaat voor fusies en overnames.’ De man kan bogen op een jarenlange ervaring in de wereld van financiers en dealmakers, maar wil enkel spreken op voorwaarde van strikte anonimiteit. Hij zit vandaag nog altijd op de eerste rij. ‘We draaien allemaal mee in een spel dat eindigt in tranen. De mensen in mijn sector, maar ook jullie journalisten. Iedereen jaagt elkaar op.’

‘Dat de wereld razendsnel verandert, onder meer door digitalisering, versnelt de koop- en verkoopgolf nog’, gaat hij voort. ‘Het doet sommige bedrijven inzien dat ze groei moeten kopen om vooruit te gaan. Andere bedrijven beseffen dat ze maar beter verkopen nu de prijzen goed zijn. Kijk naar Joris Ide. Kingspan zat er al tien jaar op te loeren. Ide heeft het even moeilijk gehad, is er dan toch doorgekomen en had private equity - het GBL-vehikel Ergon - in het kapitaal dat een exit zocht.

Dan ligt een verkoop voor de hand. Ook Balcaen toont dat hij over een goed gevoel voor timing beschikt. Hij weet dat er in de sector van de vloerbekleding overcapaciteit op komst is. Dat hij over vijf jaar met IVC alleen zou moeten opboksen tegen agressieve lagekostenspelers. Als dan een partij als Mohawk langskomt en zich bereid toont een mooie prijs te betalen, dan is een verkoop misschien niet onverstandig.’

Consultants en bankiers ruiken in de huidige context hun kans. Ze proberen kopers en verkopers te koppelen en gieten zo in sommige gevallen nog wat olie op het vuur. ‘Goed draaiende familiebedrijven krijgen vaker dan vroeger consultants over de vloer’, zegt de ervaren dealmaker. ‘Er wordt heel actief gepolst of ze niet willen kopen of verkopen. De ene keer zijn ze al wat subtieler dan de andere. Soms hoor je dat bedrijfsleiders bang worden gemaakt met de taxshift die er zit aan te komen in ons land. Dat ze nu nog kunnen verkopen tegen een aardige prijs zonder een vermogenswinstbelasting te riskeren. Al is zoiets nooit de enige motivatie, natuurlijk.’

Een van die familiale bedrijfsleiders die geregeld een consultant over de vloer krijgt, is Peter Vyncke van Vyncke Energietechniek, een West-Vlaamse specialist in groenestroominstallaties die nog honderd procent in familiale handen zit. ‘De tijd dat wij een prooi waren, is voorbij’, zegt Vyncke. ‘Groene energie is niet meer sexy zoals in de jaren voor de crisis. Enfinity en Electrawinds waren slechte reclame voor onze sector. En als je nee blijft zeggen, weten ze het op den duur wel.

Maar de jongste jaren komt er om de drie maanden wel iemand aankloppen met een voorstel voor ons om een bedrijf over te nemen. Vaak gaat het over start-ups of spin-offs van universiteiten. In plaats van een bruid zijn we nu een bruidegom. Goedkoop geld wordt wel eens als argument gebruikt, ja.’

Meer comfort

Draait al die bedrijvigheid uit op een kater? Zeker niet op korte termijn, menen specialisten. ‘Er is zichtbaar meer activiteit’, zegt Miguel Meuleman, fusie- en overnamespecialist aan Vlerick Business School. ‘Bij grote transacties zit ook de schuldfinanciering wat in de lift, en je begint hier en daar uitschieters te zien. Maar door de band genomen is de toestand niet problematisch.

Zaken zoals voor de crisis, waarbij 90 procent van een deal met schulden gefinancierd werd, zie je vandaag niet.’ Ook Philippe Hamer, zakenadvocaat bij Clifford Chance en betrokken bij de Kingspan-deal rond Joris Ide, sust. ‘De banken waren voor de crisis een belangrijke aanjager. Vandaag geven ze in sommige deals makkelijk financiering, maar ze hebben door regelgeving en door de crisis die ze zelf meegemaakt hebben, niet de ruimte om mee te doen aan excessen.’

Hamer merkt ook op dat kopers over het algemeen voorzichtiger zijn geworden. ‘Ze zoeken meer comfort voor ze tot een transactie overgaan. Onderhandelingen duren langer dan voor de crisis. De doorlichting van de boeken gebeurt grondiger. Cliënten stellen meer vragen. Ze willen alles ten gronde begrijpen voor ze een deal sluiten. Klanten zijn vandaag bijvoorbeeld erg gevoelig voor milieuproblemen en fiscaliteit. Velen zijn op hun hoede om een bedrijf te kopen dat zijn huishouden tot op het randje fiscaal heeft geoptimaliseerd. Er zou na een verkoop maar iets moeten veranderen aan de regelgeving.’

Bart Lintermans, zakenadvocaat en fusie- en overnamespecialist bij Quinz, volgt Hamer. ‘Wat activiteit en appetijt betreft voelt het aan alsof we weer op de niveaus van 2005-2006-2007 zitten. Met dat verschil dat de crisis die nadien kwam niet vergeten is. Er worden geen zotte prijzen betaald. In 2008 werden dingen gekocht enkel met de bedoeling om ze zes maanden later met winst door te verkopen. Grote vastgoedprojecten bijvoorbeeld, tegen eender welke waardering.

Toen hadden we een echte sellers market, nu niet.’ Net als Hamer wijst hij op de fundamenteel veranderde rol van de banken. ‘Banken doen vandaag niet meer wat ze willen. Sommige zijn zelfs met handen en voeten gebonden. Dat zet een rem op het gebeuren.’

‘Private equity speelt wel een belangrijke rol’, voegt Lintermans eraan toe. ‘Daar is echt wel appetijt. Langs de ene kant heb je fondsen die al jaren zitten te wachten op een goed moment om hun participaties te verkopen. Langs de andere kant heb je spelers die op te veel geld zitten en dat door de aard van hun business op een bepaald moment wel moeten investeren. Via closed end fondsen - fondsen met een vooraf bepaalde looptijd - moeten ze hun investeerders een vooraf bepaald rendement betalen.

Hoe langer ze wachten om te investeren, hoe kleiner de kans wordt dat ze die doelstelling halen. Dat stuwt ook deals. Kijk naar Corialis, het voormalige Aliplast, dat vorig jaar werd verkocht. Daar stapte Ergon uit en Advent in. Ergon zocht een exit, Advent zat op hete kolen om te investeren. Maar dan nog worden geen gekke prijzen betaald.’

Jachtterrein

De Belgische bedrijfswereld is een graag gezien jachtterrein voor private equity, is her en der te horen. De financiële spelers zijn tuk op familiale bedrijven die in een goede niche zitten en waar nog marge voor verbetering op zit. Een topman van zo’n familiebedrijf dat enkele tientallen miljoenen euro’s omzet draait, moet erom lachen. ‘Geen haar op mijn hoofd dat eraan denkt te verkopen. Maar het gebeurt tegenwoordig dat ik op een receptie aangestoten word door iemand uit de financiële wereld. Of ik toch niet zou verkopen? Ik denk dat wij een goede catch zijn. Iedereen is op zoek naar een belegging die niet plots fors in waarde kan zakken. Voor de crisis waren dat aandelen, vandaag zijn dat familiebedrijven. Misschien zijn het wel de enige echte langetermijnbeleggingen die nog bestaan?’

De brouwer Duvel-Moortgat wordt al jaren bestookt met aanbiedingen voor een overname, vertelt voorzitter Michel Van Hemele. ‘Van grote brouwers en financiële spelers. We zijn een nichespeler die drijft op kwaliteitsbieren en creativiteit. Dat spreekt aan. De interesse is niet groter dan vroeger, maar met de jaren zie je wel dat die uit financiële hoek groeit. Hoe komt dat?

Private-equityfirma’s richten almaar grotere fondsen op, omdat er almaar meer cash voorhanden is dat niet weet waarnaartoe. Grotere fondsen betekent ook dat meer investeringsdoelen moeten worden gevonden. Niet investeren is geen optie, want de managers van die fondsen worden verloond met een percentage op de opbrengsten van hun fonds. Zo krijg je vanzelf meer druk.’

Nog zo’n populaire catch: de pralinegroep Leonidas. ‘Er is absoluut geen interesse om te verkopen, maar zowel industriële als financiële spelers komen heel regelmatig aankloppen voor een overname’, valt dicht bij het bedrijf te horen. ‘Telkens gaat het om spelers met veel geld die op zoek zijn naar activa van hoge kwaliteit.’ Dries Hommez, zakenadvocaat bij Stibbe: ‘Onze contreien zijn populair bij private-equityfondsen, omdat hier veel mooie groeibedrijven zijn en de prijzen nog iets redelijker zijn.

De concurrentie tussen private-equityhuizen is minder extreem dan elders, en dat zuigt interesse vanuit Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten aan.’ ‘Maar’, zegt Hommez, ‘de hoogdagen voor private equity in België, zoals in de periode 2000-2007, zijn zeker nog niet terug.’ Net als zijn collega’s wijst Hommez op de veranderde situatie voor de banken.

Zullen er, nu de banken aan de ketting liggen, geen ongevallen meer gebeuren? Bijzonder onwaarschijnlijk. ‘Alles hangt af van de aandeelhouders’, zegt iemand die tot voor kort in het management zat van een groot Vlaams bedrijf dat in heel Europa actief is. ‘Het gratisgeldbeleid van de centrale banken heeft ervoor gezorgd dat mijn vorige werkgever nooit eerder zo goedkoop schulden kon aangaan.

De aandeelhouders waren goede risicomanagers en dus hebben we met geleend geld investeringen gedaan waarvan ik zeker ben dat ze hun vruchten zullen afwerpen. Maar er zijn ook aandeelhouders die slechte risicomanagers zijn. Die riskeren te veel schuld op te nemen en als het misloopt strenge herstructureringen te moeten doen.’

Ook de ervaren rot waarschuwt. ‘Vandaag doet me heel hard aan 2006 denken. Toen was er ook geen vuiltje aan de lucht, maar zaten we eigenlijk in het oog van de storm. We hoeven vandaag niet per se in dat oog te zitten, maar hier en daar zie je wel tekenen van wat koorts. Deals met waarderingen die impliceren dat er een economisch herstel zit aan te komen. Die impliceren dat de economische cycli nog altijd dezelfde zijn als voor de crisis.

Tegelijk komen die deals tot stand met goedkoop geld dat het gevolg is van de bijzonder sombere vooruitzichten van centrale banken. Daar zit een paradox in. Ofwel kloppen die vooruitzichten niet en is geld vandaag veel te goedkoop. Ofwel worden sommige overnames vandaag te duur betaald, en zitten we met een financieel gedreven zombie-economie. Een feesteconomie die zich almaar meer losscheurt van de echte.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud