Advertentie

Holdingkortingen op Brusselse beurs gekortwiekt

©Mediafin

De kortingen waartegen u Belgische holdings kunt kopen op de beurs zijn de voorbije jaren gevoelig afgenomen. Zijn holdings nog interessant? En welke namen springen eruit?

Beleggen in holdings is in populariteit fors toegenomen. Steeds meer beleggers zien er de voordelen van in. In de eerste plaats kunt u via een holding gediversifieerd beleggen. Holdings hebben doorgaans tientallen bedrijven in portefeuille. Door die spreiding loopt u minder risico op een faillissement. Ten tweede betaalt u voor een holding doorgaans minder dan de intrinsieke waarde. Als u bij een bank binnenstapt om een fonds te kopen, moet u wel de som van alle effecten in het fonds neerdokken, vaak nog aangedikt met een instappremie.

Het moment is ideaal om de kortingen te becijferen. Aangezien de holdings net hun jaarcijfers hebben voorgelegd, beschikken we over de recentste waardebepalingen. De korting waartegen de holdings op de beurs noteren, is echter fors afgenomen. De zogeheten ‘décôte’ bedroeg de voorbije vijf jaar gemiddeld 22 procent, maar intussen is hij geslonken tot 17 procent.

De solden zijn met andere woorden bescheidener geworden. Dat heeft met meerdere factoren te maken. In de eerste plaats slinken de kortingen altijd tijdens stierenmarkten, omdat de beleggers dan optimistisch zijn over de beurs. Ten tweede speelt de lage rente een rol. Tegenover een spaarboekje dat amper 0,11 procent opbrengt, levert de gemiddelde holding op de Brusselse beurs een brutodividend op van 2,3 procent. Netto houdt u daar 1,6 procent van over.

De koers van GBL houdt geen rekening met de strategische ommezwaai en de verbeterde communicatie.
thijs hoste
analist degroof petercam

Via de holdings kunt u bovendien meesurfen op het talent van topinvesteerders met een stevige staat van dienst zoals Albert Frère van GBL, Luc Bertrand van Ackermans & van Haaren, of Pierre van der Mersch van Brederode. Hoewel zij soms de dagelijkse leiding uit handen hebben gegeven, trekken ze vaak nog wel aan de touwtjes en gebruiken ze hun netwerk om op zoek te gaan naar nieuwe investeringen.

Via holdings kunt u ten slotte beleggen in bedrijven die niet op de beurs staan, de zogeheten ‘private equity’. Ook daar zitten interessante bedrijven tussen, waarvan het kapitaal alleen openstaat voor professionele investeerders. U krijgt als kleine belegger bij holdings toegang tot dat marktsegment.

Al die voordelen blijven overeind, ook al is de echte koopjestijd achter de rug. Maar op lange termijn slaagt een goed geleide holding erin haar waarde te vergroten, zodat het niet zoveel uitmaakt of u nu tegen 15 of 20 procent korting koopt.

De holding die wellicht het meest veranderd is de voorbije jaren is GBL. De holding van de familie Frère kondigde in 2012 een strategische heroriëntering aan om een betere balans te krijgen tussen groei en rendement, sectoren en geografische spreiding. Dat was nodig omdat de portefeuille te veel gefocust was op grote Franse industriële bedrijven. Sindsdien heeft GBL voor 6,7 miljard euro activa verkocht, waaronder grote pakketten in Arkema, Pernod Ricard, Engie en Total. Tegelijk investeerde de groep 5,7 miljard in nieuwe belangen zoals SGS, Umicore, Adidas en Ontex. Daardoor is de blootstelling aan de energiesector verminderd van 54 procent tot nog amper 5 procent. Het gewicht van groeibedrijven in de portefeuille steeg van 15 naar 48 procent.

Van de Belgische holdings is GBL een van de favorieten van Degroof Petercam. Analist Thijs Hoste legt uit waarom: ‘Het aandeel noteert met een korting van 25 procent. Dat is in lijn met zijn historisch gemiddelde, maar een stuk hoger dan sectorgenoten. Wij vinden dat niet terecht, want de koers houdt geen rekening met de strategische ommezwaai en de verbeterde communicatie. Wij vinden een korting van 20 procent meer gerechtvaardigd, en komen zo aan een koersdoel van 92 euro.’

Over het dividend maakt Hoste zich niet ongerust, ook al keert GBL 107 procent van zijn winst over 2016 uit, terwijl de cashinkomsten aanzienlijk verminderden wegens de verkoop van dividendaandelen als Total en Engie. ‘GBL heeft middelen genoeg. Eind 2016 had de groep een brutocashpositie van 1,38 miljard euro en ongebruikte kredietlijnen van 2,15 miljard. Netto heeft GBL 225 miljoen euro over, terwijl het management tot een schuldgraad van 10 procent mag gaan. Al bij al heeft GBL nog zowat 3,5 miljard euro munitie om te investeren.’

De bezige bij

Ook Sofina is niet langer de ‘schone slaapster’ van de beurs, maar is onder impuls van de volgende generatie Boëls een bezige bij geworden. Bovendien communiceert de holding eindelijk beter met de buitenwereld, terwijl ze zich vroeger hield aan het strikte wettelijke minimum. Dat uit zich in meer beleggersinteresse voor het aandeel, waardoor Sofina sinds kort deel uitmaakt van de Bel20-index.

Sofina ontdeed zich net als GBL van belangen in Franse mogols als Total en Engie. Al betekent dat niet dat alle ‘oude’ investeringen de deur uitgaan. De groep houdt al decennia grote pakketten aan van de zuivelgroep Danone of de warenhuisketen Colruyt. Het verse geld stroomt echter naar thema’s die de komende decennia de maatschappij zullen bepalen, zoals de vergrijzing (via de uitbater van rusthuizen Orpea), de opmars van een gezonde levensstijl, meer vrije tijd, en de digitale revolutie. Sofina zit met zijn durfkapitaaltak vaak in beloftevolle internetbedrijven. Zo profiteerde het van de beursgang van de vluchtigeberichtenapp Snap. Toch was 2016 een mager jaar. De intrinsieke waarde steeg amper 1 procent.

Een gunstige brief

Voor Ackermans & van Haaren (AvH) viel vorige week een gunstige brief in de bus. Groupe Bertrand, de eigenaar van Quick en Burger King, bracht een bod van naar verluidt 120 miljoen euro uit op Groupe Flo. Die Franse restaurantketen is al jaren een probleemkind voor haar eigenaars AvH en voor de Frère-holding NPM. Flo vertegenwoordigt slechts 0,2 procent van het Ackermans-imperium, maar is zwaar verlieslatend. De Antwerpse groep zal blij zijn ervanaf te geraken.

Belangrijker voor Ackermans is de gang van zaken bij CFE. De bouw- en baggergroep maakt 36 procent van de portefeuille uit en rapporteerde een beter dan verwachte bedrijfswinst. Het orderboekje bij baggerdochter DEME is goed gevuld en de schulden zijn teruggedrongen, wat het beste doet vermoeden voor de toekomst. Ook in de bankentak gaat het goed. Bank Delen en Bank J. Van Breda rapporteerden recordinlages van klanten, al stond de winstgevendheid wat onder druk door hogere banktaksen en het zwakke pond. Delen heeft met JM Finn een Britse dochter. ‘Alle cilinders bij Ackermans komen op snelheid’, concludeert Thijs Hoste, al gaat hij net als alle andere analisten niet verder dan de rating ‘houden’, omdat het aandeel niet ver onder zijn intrinsieke waarde noteert.

Ook voor Quest for Growth was er deze week goed nieuws. De Japanse farmareus Astellas legt een half miljard euro op tafel voor het Waalse biotechbedrijf Ogeda, dat een middel in de pijplijn heeft tegen opvliegers. De prijs kan oplopen tot 800 miljoen euro. Tal van Belgische investeerders financierden de voorbije jaren het bedrijf, maar Quest zat er heel stevig in. Door de transactie stijgt de intrinsieke waarde met 0,57 euro per aandeel, of omgerekend bijna 8 procent tegenover de beurskoers voor het nieuws.

‘Inclusief die transactie ramen wij de intrinsieke waarde van Quest op 9,94 euro per aandeel’, stelt ING-analist Giel-Jan Triest. ‘Dat is 36 procent hoger dan de beurskoers.’

Ook Bois Sauvage zat in Ogeda. De verkoop doet de intrinsieke waarde met 5 euro stijgen, of omgerekend 1,3 procent. Bois Sauvage zag in enkele jaren zijn korting halveren tot nog amper 13 procent. Dat komt omdat de participaties het operationeel veel beter doen. Terwijl het rendement op eigen vermogen in 2013 en 2014 nog negatief was, beliep het de voorbije twee jaar respectievelijk 9 en 8 procent. Vorig jaar slaagde de groep van Guy Paquot er in de intrinsieke waarde een tiende te laten aandikken. Vooral de verbetering bij de Belgian Chocolate Group, met merken als Neuhaus en Jeff de Bruges, is indrukwekkend. Daarnaast profiteerde Bois Sauvage van de jarenlange opkuis bij de schuimrubberfabrikant Recticel die eindelijk vruchten oplevert. Het is geen geheim dat Paquot op termijn uit Recticel wil stappen. Deze week verkocht hij via zijn overkoepelende holding ECFC - dus niet via Bois Sauvage - voor 1,8 miljoen euro Recticel-aandelen. Aan Bois Sauvage zelf hangt ook een speculatief tintje. Paquot koopt met de regelmaat van de klok aandelen in, wat sommigen doet hopen op een delisting.

Gimv heeft 27 procent cash op zijn balans, maar dat heeft een negatief effect op de prestaties.
giel-jan triest
analist ing

De enige holding - al mogen we dat woord van het bedrijf niet gebruiken en moeten we ‘investeringsmaatschappij’ zeggen - die duurder noteert dan haar intrinsieke waarde, is Gimv. Het bedrijf heeft een uitmuntend trackrecord. ‘Sinds de beursgang ligt het gemiddelde jaarrendement op 11,8 procent’, verduidelijkt Thijs Hoste. Bovendien is Gimv met een opbrengst van 4,7 procent bruto de dividendentopper in het holdinguniversum.

Toch gaat geen enkel beurshuis verder dan de rating ‘bijhouden’. ‘De cash op de balans vertegenwoordigt 27 procent van de intrinsieke waarde, maar heeft een negatieve impact op de prestaties. Tel daarbij de overwaardering tegenover de intrinsieke waarde, en er is te weinig om Gimv te zien uitblinken’, stelt ING-analist Giel-Jan Triest.

Luxemburg

Een minder bekend aandeel voor de Belgen is Luxempart. De Luxemburgse holding noteert alleen op haar thuismarkt, maar we namen ze op in de tabel omdat Luxempart het enige aandeel is met een koopaanbeveling bij Degroof Petercam. Luxempart controleert de financiële groep Foyer, die in België eigenaar is van de vermogensbeheerder CapitalAtWork. Luxempart zit ook in het kapitaal van de projectontwikkelaar Atenor. De familiale holding, die allergisch is aan schulden, investeert daarnaast een kwart van haar middelen in niet-genoteerde aandelen. Met een korting van 30 procent is het de goedkoopste gediversifieerde holding in onze lijst. Daar staat tegenover dat Luxempart weinig communiceert.

Ook Brederode is verhuisd naar Luxemburg. De holding van de familie Van der Mersch maakte vorig jaar minder winst, maar slaagde erin de intrinsieke waarde 9 procent te doen aandikken. Volgens het blad De Belegger is de hoge korting van 22 procent vooral te wijten aan de weinig transparante tak ‘private equity’, die 45 procent van de portefeuille vertegenwoordigt. Brederode werkt daarvoor samen met tientallen vermogensbeheerders. Bovendien is het durfkapitaal voor 68 procent dollargekleurd, en dus gevoelig voor de evolutie van het groene biljet. De koopkansen zijn volgens het blad achter de rug.

Monoholdings

Een apart geval zijn de monoholdings. Zij beleggen slechts in één bedrijf, en zijn meestal vehikels van controlerende families of organisaties. Tubize en KBC Ancora hebben als enige actief respectievelijk een belang van 35 procent in de farmagroep UCB, en van 19 procent in de bank- en verzekeringsgroep KBC. Zij torsen bovendien beperkte schulden waarmee ze bijkomende aandelen gekocht hebben. Daardoor vertoont hun aandelenkoers een hefboom tegenover de onderliggende bedrijven. Solvac, dat een pakket van 30 procent in chemiegroep Solvay controleert, is schuldenvrij.

Als belegger mag u alleen in een monoholding stappen als u ook gelooft in het onderliggende bedrijf. Bij KBC Securities is Tubize de enige holding met een onomwonden koopadvies. ‘Wij hanteren voor UCB een koersdoel van 84 euro en zien dus voldoende ruimte voor een koersstijging’, stellen analisten Sandra Cauwenberghs en Michaël Vlemmix. ‘Daarnaast is ook de discount erg hoog en aarzelt de holding niet om van de gunstige rentetarieven gebruik te maken om haar hefboom op te krikken om zo haar belang in UCB nog te verhogen.’

De lekkerste kers op de taart bij monoholdings is de situatie wanneer het onderliggende bedrijf verkocht wordt. Dan verdwijnt de korting. Voor de drie namen op de Brusselse beurs lijkt die kans klein. Alleen over UCB oppert sporadisch wel eens iemand dat de groep een ideale prooi zou zijn voor een farmareus, maar de familiale aandeelhouders hebben al meermaals te kennen gegeven dat UCB niet te koop staat.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud