in memoriam

Philippe Bodson: patroon van twaalf stielen

Met de Luikse duizendpoot Philippe Bodson sterft een icoon uit de Belgische zakenwereld. De topman bij onder meer Glaverbel, Tractebel en Floridienne overleed op 75-jarige leeftijd aan de gevolgen van covid-19.

Samen met Etienne Davignon, Jean-Pierre Hansen en Albert Frère vertegenwoordigde Philippe Bodson het tijdperk van de grote industriële kapiteins van België. Bodson werd twee weken geleden opgenomen in het Erasmusziekenhuis met symptomen van covid-19. Vorige week werd hij overgebracht naar het Sint-Pietersziekenhuis waar hij een weeklang aan de beademing lag. Maar de gevolgen van het virus werden hem fataal: Bodson stierf op 75-jarige leeftijd.

Meerdere levens

Philippe Bodson, geboren in Luik op 2 november 1944, behaalde een diploma burgerlijke bouwkunde aan de Universiteit van Luik. Hij begon zijn carrière in Canada en werd consultant voor de McKinsey-groep. Zijn eerste Belgische topfunctie bekleedde bij Glaverbel, waar hij in 1977 toetrad tot het managementcomité en in 1980 CEO en gedelegeerd bestuurder werd. Hij zal de  Belgische glasblazer weer op de rails zetten voordat hij de groep later verkoopt aan Asahi Glass en in de handen van de Japanners geeft.

In 1989 vervoegde Bodson Tractebel. Dit vlaggenschip van de Belgische economie was toen in handen van de de Generale Maatschappij (40%) en de holding GBL van Albert Frère (24,5%). De Generale Maatschappij stond op haar beurt onder controle van de Franse holding Suez (nu Engie).

Vanaf het begin was Bodson enorm ambitieus en hij bouwde in een recordtijd Tractebel uit tot een erg succesvolle energieholding met internationale allure. Hij hield daarbij geen rekening met de strategie van zijn hoofdaandeelhouder, de Generale Maatschappij. Dat leidde tot enorme spanningen tussen hem en Gérard Mestrallet, de Franse topman van de Generale Maatschappij.

In 1994 escaleerde het conflict. Mestrallet eiste de kop van Bodson. Dankzij het Belgische establishment, Generale-voorzitter Etienne Davignon en Albert Frère voorop, kon een ontslag van Bodson vermeden worden. Maar diens eigenzinnige gedrag wekte ook in België steeds meer wrevel. 

In 1996 zette Frère zijn belang in Tractebel te koop. De Waalse financier wou van zijn participatie af omdat Bodson eigenhandig de dividendenpolitiek had veranderd. Frère bood zijn belang eerst aan bij de Generale Maatschappij. Die kocht uiteindelijk de participatie. Daardoor werd de Generale Maatschappij de controlerende holding van Tractebel. Frère zou met het geld een participatie kopen in Suez, de Franse moeder boven de hele constructie.

Suez had nu rechtstreeks de controle over Tractebel en het was nu Gérard Mestrallet die Suez leidde. Conflicten bleven niet uit. Suez poogde zelf ook een internationale energietak uit te bouwen en kwam daarbij regelmatig in aanvaring met Tractebel en vooral dan Bodson.

Bodson wilde de zelfstandigheid van Tractebel garanderen en poogde de invloed van de hoofdaandeelhouder te minimaliseren. Zijn zoektocht naar meer autonomie werd in 1997 geholpen door de plotselinge sluiting van de Renault-vestiging in Vilvoorde, de thuisstad van toenmalig premier Jean-Luc Dehaene. Door de sluiting van Renault kwam het debat over verankering in een stroomversnelling. Uiteindelijk werden de statuten van Tractebel herschreven en dat moest de gekoesterde autonomie garanderen. Achteraf bleek dat te mager, de invloed van de Generale Maatschappij (en dus Suez) werd steeds groter.

In 1998 trok premier Dehaene met Bodson naar Kazachstan, waar Tractebel enorme energiebelangen had. De premier kwam om de plooien glad te strijken in de gespannen relatie tussen Tractebel en het land. Het kwam tot een diplomatiek incident omdat bij de officiële receptie enkel de Tractebel-topman op de uitnodiging stond, Dehaene werd gewoon genegeerd. Sindsdien kwam het niet meer goed tussen beide heren.

In de autobiografie van Jean-Luc Dehaene komt Philippe Bodson slechts éénmaal voor, niet voor het hele gedoe rond Tractebel, maar omdat Tractebel verloor tegen Mobistar in de strijd om een gsm-licentie.

De investeringen in Kazachstan leidden bovendien tot een regelrecht schandaal omdat drie ongure tussenpersonen zich hadden verrijkt met smeergeld om de contracten af te sluiten.

Na het zoveelste conflict in 1999 is alle krediet voor Bodson op. Zowel zijn Belgische zakenvrienden als de politieke wereld beschermden hem niet langer. Bodson moest Tractebel verlaten, niet veel later was de Franse machtsgreep van Suez op de Belgische elektriciteitsproductie volledig.


Flamboyant

'Uiteindelijk wint de aandeelhouder altijd', vatte Mestrallet later het conflict samen. Jean-Pierre Hansen, die hem aan het hoofd van Tractebel opvolgde, vergeleek Bodson met Murat, het hoofd van de cavalerie van Napoleon. 'Net als Murat zorgde Bodsons enorme zelfvertrouwen en de zekerheid van overwinning er soms voor dat hij de andere krachten die aanwezig zijn in grote veldslagen of guerrilla's slecht inschatte'. Door medewerkers werd Bodson als koppig maar extreem bevlogen en gemotiveerd omschreven.

Bodson zelf spotte geregeld met de neiging van zijn generatiegenoten om aan de macht vast te houden. 'Ze zeggen altijd dat ze op hun zestigste zullen afhaken maar ze klampen zich vast met hun nagels en hun tanden', legde Bodson met zin voor drama uit. 

Na Tractebel begint de duizendpoot aan een derde carrière, die van politicus. Hij raakt in 1999 vlot verkozen voor de MR in de senaat maar een ministerpost blijft uit waardoor Bodson niet veel later zijn interesse in de politiek verliest.


Lernout & Hauspie

In 2001 wordt Bodson aangezocht als redder in nood voor de West-Vlaamse spraaktechnologiegroep Lernout & Hauspie. Bodson boekt geen resultaten en Lernout & Hauspie komt ten val.

Vanaf dan zal Philippe Bodson een meer discreet pad bewandelen. Hij bekleedt verschillende onafhankelijke bestuursposities, onder meer bij Fortis waar hij de val van de bank in 2008 vanop de eerste rij meemaakt. Hij neemt ook het voorzitterschap van Floridienne op zich. Daar raakt hij verwikkeld in een twist tussen de familiale aandeelhouders en loopt hij averij op met zijn levenslange vriend Jean-Marie Delwart die uiteindelijk moet opstappen.

De wandelliefhebber en fervent reiziger was tussen 1987 en 1990 voorzitter van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO). Tot zijn dood bleef hij naast voorzitter bij Floridienne ook bestuursvoorzitter bij de noodlijdende Waalse koeltorenproducent Hamon. Bodson was eveneens de trotse beheerder van de Polar Foundation, een Brusselse stichting die voorlichting geeft over poolwetenschap en poolonderzoek om de klimaatverandering te begrijpen. 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud