Scheren onder toezicht

©Gillette

In het Britse onderzoekscentrum van Gillette bestudeert de Belgische Kristina Vanoosthuyze elke dag hoe tachtig mannen zich scheren. Wij gingen mee kijken én scheren.

25 nanometer, of 1/40.000ste van een millimeter. ‘Zo dun is de tip van een scheermesje’, zegt Kristina Vanoosthuyze als ze me ontvangt in Reading, zo’n 60 kilometer ten westen van Londen. ‘Onze mesjes moeten onmetelijk scherp zijn omdat baardhaar zo sterk is als koperdraad. Er zijn in de wereld maar een paar leveranciers die ons staal kunnen leveren dat zo scherp te slijpen is.’

In een labo dat door zijn hoogtechnologische camera’s meer weg heeft van een filmstudio toont Vanoosthuyze me beelden van het scheerproces. De bewegingen zijn 660 keer vertraagd, zodat je het afsnijden van één haartje - iets wat in 1/400ste van een seconde gebeurt - goed kan zien. Een haartje blijkt vrij los in een haarzakje te staan. Bij het scheren wordt het eerst scheef- en uitgetrokken voor het afgesneden geraakt. De huid trekt mee.

‘Het verklaart waarom twee derde van de mannen klaagt over een geïrriteerde huid na het scheren,’ zegt Vanoosthuyze. ‘Daarbij komt dat onze huid niet zo vlak is als we denken.’ Ze toont een vergroot beeld dat doet denken aan de gerimpelde rug van een oude olifant. ‘Dat is een perfect gezonde mannenhuid: de scheermesjes moeten voortdurend op en af tussen die golven van hoogtes en laagtes.’

Scheermesjes zijn een miljardenbusiness. Zes op de tien mannen scheren zich ‘nat’, met mesjes en schuim of zeep. ‘Hier is al ons onderzoek naar die producten gebundeld,’ zegt de Vlaamse, die na haar doctoraat in de farmacie aan de Universiteit Gent twintig jaar geleden aan de slag ging bij Proctor & Gamble, sinds 2005 het moederbedrijf van Gillette. ‘Ons team bestaat uit honderd mensen: van ruimtevaartkundigen tot biologen.’

Achter de spiegel

In Reading komen elke dag tussen 7 en 22 uur tachtig mannen langs om - tegen betaling - voor een spiegel te gaan staan en zich voor de ogen van onzichtbare onderzoekers en een camera te scheren. Vandaag ben ik een van hen. Ik neem een handdoek van het rek en trek naar een van de tien hokjes met een lavabo en een spiegel. Het gordijn dat ik achter me dichtschuif, geeft een vals gevoel van privacy, want vlak achter mijn spiegel, die in één richting doorzichtig is, zitten enkele onderzoekers klaar om mijn scheerbeurt te analyseren.

Gillette is de wereldwijde marktleider in scheermesjes. De scheeractiviteiten van Procter & Gamble, met naast Gillette ook de merken Braun en Venus, zijn goed voor 10 procent van de groepsomzet van 67 miljard dollar. De hoofdzetel van Gillette ligt in Boston, waar de Amerikaanse uitvinder King C. Gillette in 1904 met de productie van het eerste tweezijdig scheermesje begon. Maar het onderzoek en de ontwikkeling gebeuren al zestig jaar in het VK.

Testers als ik krijgen anonieme prototypes in hun scheerbakje en moeten vragenlijsten invullen om de producten te evalueren. Elke week komen ook minstens 16 vrouwen de vrouwenlijn Venus testen. Daarnaast heeft Gillette een select groepje intensieve testers opgeleid. Zij weten perfect waarop ze moeten letten. Hoeveel druk het mesje aankan, bijvoorbeeld. Of hoe snel je ermee kan scheren.

Na mijn scheerbeurt schuif ik het gebruikte materiaal door een luikje in een muur. Mijn bevindingen vul ik in op een tablet. Nadien word ik opgewacht door Angela Richardson, die me bijna twintig minuten nauwgezet heeft geobserveerd aan de andere kant van de spiegel. ‘Een gemiddelde man gebruikt 170 halen per scheerbeurt, jij zat daar flink boven’, zegt ze. ‘Na een tijdje werden de halen steeds korter en bleef je te lang op dezelfde plekken hangen, waardoor je huid wat irriteert. Positief was dat je het scheerschuim je baardhaar lang genoeg liet hydrateren: één minuut. Al is drie minuten beter.’

Pas als ik met Richardson aan de achterkant van de scheerhokjes sta, besef ik hoe bizar het is om 10 centimeter voor je iemand zich te zien scheren, terwijl jij onzichtbaar voor hem bent. Meteen blijkt ook dat elke man zich anders scheert. Sommigen bewegen het mesje van links naar rechts, anderen altijd van onder naar boven. Sommigen houden hun huid strak, anderen trekken gekke bekken.

‘Elke baard is uniek’, zegt Richardson. ‘De haartjes staan in een andere richting. Bij sommigen staan ze zelfs in een soort cirkelvorm, zodat het bijna onmogelijk wordt je perfect tegen de richting van de haartjes in te scheren. Iedereen gebruikt ook een andere druk als hij het mesje op de huid zet: van 50 gram tot 1,5 kilogram.’

Spionage

Omdat namaakartikelen een groot probleem vormen voor Gillette, zijn de veiligheidsmaatregelen strikt. Alle medewerkers zijn gebrieft dat er bezoekers zijn. Foto’s maken is uit den boze. ‘Zelfs het serienummer op een lichtschakelaar in beeld brengen is gevaarlijk voor industriële spionage,’ zegt Vanoosthuyze.

Ze neemt me mee naar het chemisch labo, waar een onderzoekster experimenteert met polyethyleenoxide. Het middel zit op de stripjes die de mesjes vlotter over de huid doen glijden. Verderop in het innovatiecentrum onderzoekt een psycholoog de wensen van de consument. Zo kwam Gillette op het idee een mesje te maken voor zorgverleners die oudere mensen moeten scheren.

De rondleiding eindigt in de testfabriek, een ruimte zo groot als een basketbalveld. Twintig arbeiders bedienen machines om plastic vorm te geven en staalplaatjes minutieus op lengte te snijden. ‘Het is belangrijk dat we snel kunnen schakelen en elk nieuw idee meteen vormgeven om te laten testen door ons panel’, zegt Vanoosthuyze.

De tachtig dagelijkse scheerders mogen dan een schat aan informatie opleveren, vaak gaat Gillette het voor aanvullende tests nog verder zoeken. Bij brandweerlui, bijvoorbeeld. ‘Dat is de ideale testgroep. Mensen met een gevoelige huid scheren zich niet elke dag. Maar brandweerlui moeten elke dag gladgeschoren zijn, omdat ze soms een zuurstofmasker nodig hebben. Als wij hen kunnen overtuigen met een product dat niet langer irriteert, weten we dat we goed zitten.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect