Advertentie
voorkennis

Dinogevecht

©AFP

Titanengevechten waren het. Er zijn dikke en heroïsche verhalen geschreven over de epische rivaliteit tussen General Motors en Ford. Wereldbepalende mastodonten zijn ze ondertussen niet meer, aartsivalen nog wel.

Ze publiceren woensdag allebei kwartaalcijfers. General Motors netjes voor het begin van de handelsdag, zoals de meeste blue chips op Wall Street, Ford doet het in de stijl van Facebook, Apple, Google en Amazon na sluiting van de beurs.

Het is een klassieke wedstrijd tussen de twee grote traditionele Amerikaanse autobouwers. Het nummer drie, Chrysler, is inmiddels opgegaan in Stellantis, een conglomeraat dat met merken als Opel, Peugeot, Fiat, Citroën en dus ook Chrysler veel meer het predicaat General Motors verdient dan GM.

Maar terwijl de wereld tot begin deze eeuw nog vol bewondering naar de twee Amerikaanse reuzen keek, is de aandacht van beleggers al lang verschoven van Detroit naar Austin, Texas. Daar staat het hoofdkantoor van Tesla, dat met een waardering van inmiddels ruim 1.000 miljard dollar zeven keer zoveel waard is als GM en Ford samen. Het gevecht tussen Ford en GM wordt daar als een race tussen dinosaurussen gezien.

GM en Ford waren twintig jaar geleden nog op bijna elk continent een belangrijke speler op de automarkt, vandaag rest daar nog maar weinig van.

Dat is niet alleen de verdienste van Tesla, maar ook het gevolg van de krimp van de twee concerns zelf. Twintig jaar geleden waren ze nog op bijna elk continent een belangrijke speler op de automarkt, vandaag rest daar nog maar weinig van. Ford zag zijn verkoop in Europa tussen 1999 en 2019 met ruim 40 procent kelderen, zijn marktaandeel zakte van ongeveer 10 procent naar 6 procent nu, waarmee het nog nauwelijks tot de grote autoverkopers behoort. In ons land balanceert het merk op de rand van de top 10. General Motors heeft zich met de verkoop van Opel zelfs bijna helemaal uit Europa teruggetrokken.

Zo werden de twee Amerikaanse reuzen almaar afhankelijker van de Amerikaanse markt, maar ook daar rukt de concurrentie op. In 2000 kwam van elke twee verkochte auto's in de VS één van Ford of GM, vandaag is dat nog maar 30 procent.

De twee maken zich ondertussen op voor de uitdaging van de eeuw: betaalbare elektrische pick-uptrucks bouwen. Dat is niet alleen het favoriete model van de Amerikaanse automobilist, maar uitgerust met een benzinemotor ook dé winstmachine par excellence van de twee bedrijven.

Ford heeft met de F-150 Lightning een elektrische variant van 's lands best verkochte pick-uptruck geïntroduceerd. Vanaf volgend jaar staat die bij de dealers. Verstokte GM-fans moeten minstens tot 2024 wachten op een elektrische Chrevolet Silverado.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud