Nederlandse VDL-fabriek gaat Amerikaanse e-auto bouwen

De Canoo-minibusjes moeten eind volgend jaar al in Born van de band rollen.

De Nederlandse autofabriek VDL Nedcar, in het Nederlandse Born net over de grens met België, gaat elektrische minibusjes bouwen voor de Amerikaanse start-up Canoo.

De productie begint eind 2022 met duizend stuks, maar een jaar later moeten dat er al 15.000 zijn. Canoo wil zeker tot 2028 voertuigen door VDL Nedcar laten bouwen. De fabriek heeft een jaarlijkse productiecapaciteit van 230.000 auto's en heeft dus zeker nog extra opdrachtgevers nodig om te maken dat de 4.500 werknemers, onder wie veel Belgische Limburgers, hun job kunnen behouden.

Het interieur van de Canoo, die zo'n 30.000 euro moet kosten.

De autofabriek was op zoek naar nieuwe opdrachtgevers, nadat BMW had besloten vanaf eind 2023 geen auto's meer door VDL Nedcar te laten bouwen. VDL Nedcar bouwt sinds 2015 Mini's en sinds 2017 de compacte SUV X1 van BMW. Maar vanaf 2023 verplaatst de Duitse groep die productie naar eigen fabrieken. 

Canoo is een van de vele Amerikaanse producenten van elektrische auto's die via een blancochequebedrijf (SPAC) naar de beurs zijn getrokken. Opgericht door onder meer de gewezen financieel directeur van Deutsche Bank, Stefan Krause, wordt het bedrijf op Wall Street op 2,4 miljard dollar gewaardeerd. De elektrische minibusjes van Canoo zullen iets meer dan 30.000 euro kosten.

Aanvankelijk wilde Canoo zijn auto's verhuren via een abonnementsmodel, maar ondertussen is er alsnog gekozen voor een klassieke verkoop. In april begon de Amerikaanse beurswaakhond een onderzoek naar Canoo wegens een uittocht van toplui bij het bedrijf en allerlei strategiewijzigingen.

Voor BMW en Mini maakte VDL Nedcar vorig jaar 125.000 auto's. De zoektocht naar andere opdrachtgevers gaat dan ook door. Daarbij wordt vooral gekeken naar nieuwkomers uit de VS of Azië. Ook de productie van autobatterijen wordt onderzocht.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud