Advertentie
analyse

Tien jaar na de val van Dexia: nog jaren bibberen

In 2011 was het game over voor Dexia, een jaar later verdwenen de logo’s. ©BELGA

Als het serieus tegenzit, is het nog een halve eeuw puinruimen bij Dexia. Maar de hoop bestaat dat de klus ook over acht tot tien jaar geklaard kan zijn.

Een van de grootste slachtoffers van de financiële crisis van 2008 en haar uitlopers, vooral de eurozonecrisis, is zonder twijfel de Belgisch-Franse financiële groep Dexia. Die was in de aanloop daarnaartoe, door wat na de val als grootheidswaanzin werd bestempeld, uitgegroeid tot de grootste financier van lokale besturen ter wereld. Eind 2008 was Dexia goed voor een balanstotaal van liefst 651 miljard euro, ruim anderhalve keer het toenmalige bruto binnenlands product (bbp) van België.

Dat jaar kon de groep, met de steun van België, Frankrijk en Luxemburg, het hoofd nog boven water houden. Maar in het najaar van 2011, nu dus tien jaar geleden, was het game over voor Dexia, ondanks het noeste opkuiswerk na de eerste crisis. Dexia Bank België (nu Belfius), het slachtoffer van een bankrun, moest van de ondergang worden gered, waardoor het doodvonnis voor de moedergroep werd getekend.

De Belgische regering kocht Belfius voor 4 miljard euro en Dexia werd grotendeels ontmanteld door ook een reeks andere onderdelen van de hand te doen. Wat restte, was een enorme activaportefeuille, goed van kwaliteit maar met lange looptijden en vrij lage marges op de kredieten.

Het personeel en de leiding van Dexia wachtte een taak van mythische proporties: een continu gevecht om de balans zo snel mogelijk - maar niet te snel - en zo veel mogelijk af te bouwen zonder al te veel verliezen en zonder extra te wegen op de schatkist van de betrokken staten. Vooral dan die van België, dat 52,8 procent van Dexia in handen heeft. Frankrijk heeft 46,8 procent. De resterende 0,4 procent zit bij de historische aandeelhouders, die hun belang zwaar zagen verwateren door twee kapitaalverhogingen. Het gaat vooral om de kleine aandeelhouders van destijds. Grote partijen als de Gemeentelijke Holding, Arco en Ethias zijn uit het kapitaal verdwenen.

Continu verliezen

Wie destijds dacht dat het sisyfusarbeid zou worden, komt bedrogen uit. Tien jaar later is al een groot deel van de weg afgelegd en blijkt het plan te werken: de balans van Dexia zakte eind juni naar 102,5 miljard euro en zou zonder de coronacrisis, die de balansafbouw vertraagde, mogelijk onder de symbolische kaap van 100 miljard zijn gezakt. Dat blijft een enorm bedrag, maar het is al een heel verschil tegenover tien jaar geleden. (zie grafiek) Alleen al de leningen en obligaties, een belangrijk stuk van de balans, zijn tegenover 2012 ruim 80 procent gezakt, van 234 naar 41 miljard euro (eind 2020).

De keerzijde van de medaille is dat de afbouw bijna continu gepaard gaat met verliezen, al werden die grotendeels ingecalculeerd. Ze vreten aan de kapitaalbuffer van Dexia, maar de groep kon ook rekenen op meevallers, waardoor de buffer juist toenam. Bovendien blijven de kapitaalratio’s een heel eind boven het vereiste minimum. Een ander positief element is dat België en Frankrijk de jongste tijd meer naar elkaar toe zijn gegroeid in het dossier. Dat was in het verleden weleens anders.

Corona toonde vorig jaar aan dat de barometer op de markten snel op onweer kan komen te staan voor Dexia.

Corona toonde vorig jaar aan dat de barometer op de markten snel op onweer kan komen te staan voor Dexia. De voorbije dagen bleek dat opnieuw met de perikelen rond de Chinese vastgoedgigant Evergrande. Te forse tegenwind kan tot gevolg hebben dat het horrorscenario bewaarheid wordt: het uitwinnen van de staatsgaranties voor de financiering van Dexia, nu goed voor bijna 51 miljard euro in totaal, waarvan ruim 26 miljard voor België. (zie grafiek) Bij een activering zou dat een nieuwe, zware klap zijn voor de staatsfinanciën. Maar ook hier kon het erger: in mei 2009 piekten de garanties op bijna 100 miljard euro.

De race is dus zeker nog niet gelopen. Niet het minst omdat zonder ingreep de langstlopende verplichtingen van de groep pas in 2072 eindigen, over een halve eeuw dus. Dat bleek al in 2012 en het is volgens een goedgeplaatste bron niet veranderd. ‘Die datum klopt nog. Het zijn activa die je niet verkocht krijgt. Maar wil dat zeggen dat je tot dan moet wachten om het dossier af te sluiten? Met de wetenschap dat hoe langer het duurt, hoe groter het risico op het activeren van de garanties wordt.’

De plannen zitten alleszins anders in elkaar. ‘We hebben nog minstens acht tot tien jaar voor de boeg. Dan krijg je mogelijk een beheersbare balans, bijvoorbeeld van 20 miljard euro, en kan je de afweging maken om te stoppen door ineens een groot verlies te nemen, of voort te doen. Als dan alles van de hand wordt gedaan en Dexia kan het financieel aan, kan je het doen. Maar vandaag is dat niet aan de orde.’

Italiaanse bankdochter

Een van de prioriteiten de komende een tot twee jaar is het afstoten van de Italiaanse bankdochter Dexia Crediop. Die gold lang als onverkoopbaar, maar Dexia heeft goede hoop dat het toch kan lukken. Onder leiding van hoofd groepsstrategie en -structurering Prakash Advani wordt er werk van gemaakt. Dexia kocht al de minderheidsaandeelhouders uit en hevelde een deel van de moeilijke activa over naar de moeder. Advani slaagde eerder al in een ander huzarenstukje door Dexia Kommunalbank Deutschland van de hand te doen.

Zonder Crediop slaat Dexia meerdere vliegen in een klap. De balans zou met ruim 11 miljard euro krimpen en de kapitaalratio’s vallen gunstiger uit omdat de risicovolle activa, als belangrijke component van de berekening voor de ratio’s, zakken. Bovendien krijgt de groep dan de optie haar banklicentie op te zeggen, wat geld bespaart en weer andere voordelen oplevert.

‘Het gaat dus de goede kant uit, maar het kan nog altijd verkeerd uitpakken’, besluit onze goedgeplaatste bron. ‘De molensteen van destijds is er wel niet meer. Het is een vervelende reddingsvest geworden met nog wat lood in.’

Zoals altijd worden de prijzen pas aan de meet uitgedeeld. Maar één ding staat vast: de al zwaar verwaterde historische aandeelhouders van Dexia moeten helemaal nergens meer op rekenen. Als de liquidatie van de groep wordt voltrokken, is een eventueel overschot alleen voor de staten, als bibbergeld. Maar de kans dat ze het geld dat ze in de kapitaalverhogingen van Dexia stopten helemaal kunnen recupereren, is zo goed als nihil.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud