Twijfel blijft over veiligheid banken

2008: consumenten zijn geschokt over de crisis bij de Ijslandse Kaupthing Bank. ©Lieven Van Assche

Tien jaar na de crisis van 2008 blijft er twijfel over de robuustheid van de banken in ons land. Het vertrouwen in de banken is nog niet helemaal hersteld, blijkt uit een enquête van De Tijd en L’Echo.

De nare ervaring van 2008 leidde tot een grote werf, internationaal en nationaal, om banken schokbestendiger te maken. Ze zijn nu verplicht sterke kapitaalbuffers aan te houden. Ze moeten hogere liquiditeitseisen respecteren. Er zijn beperkingen opgelegd aan de uitkering van bonussen voor de bankiers - die het nemen van risico’s zouden hebben aangemoedigd. De mate waarin banken zich mogen wagen aan speculatieve activiteiten is strikter begrensd. En het toezicht op de banken is verstrengd.

Belg vindt banken veiliger

Reeks: 10 jaar bankencrisis

De val van de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers op 15 september 2008 veroorzaakte een financiële tsunami die ook de Belgische banken zwaar trof. Hoe hebben ze zich hersteld van die klap?

36 procent van de Belgen is van oordeel dat de banken daardoor nu veiliger zijn dan in 2008. Dat percentage ligt hoger bij de mensen die actief beleggen of financiële kranten en magazines lezen. Daartegenover staat een groep van 17 procent die het niet eens is met de these dat de banken veiliger zijn geworden. Een grote middengroep van 37 procent neemt een middenpositie in.

Maar het vertrouwen is nog niet helemaal terug...

Alle maatregelen om de banken veiliger te maken volstaan niet om het vertrouwen te herstellen. 52 procent van de respondenten zegt dat hun vertrouwen in de banken is verminderd sinds de bankencrisis. 4 procent zegt meer vertrouwen te hebben. De overige 44 procent heeft evenveel - of even weinig - vertrouwen.

... en verschilt naargelang van de soort bank

©MEDIAFIN

Hoewel Belgische banken als Fortis, KBC en Dexia door de crisis in 2008 wankelden en door de overheid gered dienden te worden, lijken de Belgen nu toch meer vertrouwen te hebben in de Belgische banken (40 procent) dan in buitenlandse (8 procent).

Dat heeft mogelijk te maken met de negatieve ervaringen met de IJslandse Kaupthing Bank. Spaarders bij die bank konden in 2008 een hele poos niet aan hun geld.

Belgen hebben voorts iets meer vertrouwen in een bank die niet beursgenoteerd is. In 2008 kwamen vooral de beursgenoteerde banken in woelig water terecht. Kritische analistenrapporten deden hun aandelenkoersen fors dalen, wat de spaarders bang maakte. Bij de niet-beursgenoteerde banken is zo’n extern alarmsignaal afwezig.

Daar kan echter niet uit worden afgeleid dat niet-beursgenoteerde banken veiliger zijn. De enige bank in België die sinds 2008 failliet ging, was de niet-beursgenoteerde Gentse Optima Bank.

Weinig angst om spaargeld

Hoewel het vertrouwen in de banken is gezakt en er rekening mee gehouden wordt dat sommige banken (opnieuw) in de problemen kunnen komen, lijken de meeste Belgen zich geen grote zorgen te maken over de veiligheid van hun spaargeld. 46 procent van de respondenten heeft vertrouwen in de depositogarantie die het spaargeld waarborgt tot 100.000 euro per persoon. 14 procent vertrouwt die waarborg niet.

Toen de bankencrisis in 2008 losbarstte, bezwoer toenmalig premier Yves Leterme ‘dat geen enkele spaarder ook maar één euro zou verliezen’. En uiteindelijk gebeurde dat ook niet.

Verdeeldheid over vertrouwen in toezichthouders

Het is goed dat zo’n depositowaarborg bestaat, want het vertrouwen in de financieel toezichthouders die erover moeten waken dat een bank niet in de problemen komt, is niet bij iedereen even groot. 26 procent van de ondervraagden is het eens met de stelling dat het toezicht dat de Autoriteit Financiële Diensten en Markten (FSMA) en de Nationale Bank uitoefenen op de banken voldoende efficiënt is. 23 procent van de ondervraagden vindt dat dat niet het geval is.

Na de crisis werd het toezicht op de banken in Europa grondig hervormd en geüniformiseerd. Het is nu grotendeels in handen van de Europese Centrale Bank.

Ondanks alles blijft de bankier voor de meerderheid van de Belgen een belangrijk en gewaardeerd financieel adviseur.

Bankiers zijn er te gemakkelijk mee weggekomen

Vier op de tien vinden dat de banken en de bankiers onvoldoende ter verantwoording zijn geroepen voor de crisis die ze hebben veroorzaakt. 18 procent meent dat dat wel is gebeurd.

In België riskeren enkele vroegere toplui van Fortis nog een strafrechtelijke veroordeling, omdat ze de beleggers in 2007 en 2008 zouden hebben misleid over de gang van zaken bij de groep. Die procedure loopt, maar er zit niet veel schot in. Het Franse Rekenhof riep de Franse regering in 2013 in een striemend rapport op om via een juridische procedure vergoedingen terug te eisen van de voormalige Dexia-top. Maar daar is geen gevolg aan gegeven.

©MEDIAFIN

Gewaardeerd adviseur

Ondanks alles wat is gebeurd, blijft de bankier voor bijna zes op de tien Belgen een belangrijke bron van financieel advies. Websites komen op de tweede plaats, gevolgd door financiële kranten en vervolgens gespecialiseerde magazines. Maar het contact met de bankier vermindert. Iets meer dan een kwart van de respondenten zegt twee tot vijf keer per jaar contact te hebben met zijn bankier. 27 procent van de respondenten heeft frequenter contact, 48 procent minder frequent - 18 procent antwoordt zelfs nooit contact te hebben met zijn bankier.

Het advies dat wordt gevraagd, heeft voor 50 procent te maken met beleggingen. In 32 procent van de gevallen gaat het over kredieten. En het vertrouwen in dat advies is behoorlijk groot. De Belg geeft zijn bankier een gemiddelde score van 7,4 op tien.

Het advies dat men kan krijgen, is een belangrijk criterium bij de keuze voor de ene of de andere bank, blijkt uit de enquête. Andere belangrijke criteria zijn de financiële robuustheid, de cyberveiligheid en de tarieven die de bank biedt en de kosten die ze aanrekent. In tweede instantie spelen de nabijheid van een kantoor, het aanbod van online diensten en de ethische en sociale verantwoordelijkheid van de bank een rol.

De enquête werd uitgevoerd door het onderzoeksbureau Kantar TNS. Dat ondervroeg online 1.053 mensen, een representatief staal van de Belgische bevolking van 18 jaar en ouder. De enquête werd afgenomen van 18 tot 30 juni 2018. De foutmarge bedraagt 3 procent.

Morgen: Waar schuilen de nieuwe gevaren voor de banken?

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content