Gered van de sloophamer

Mensen van Rotor recupereren tegels in het modernistische Institut Génie Civil in Luik

Bij de renovatie van de Philips-toren, een mastodont van beton en glas aan de Brusselse Anspachlaan, komt 4 tot 5 procent van de materialen uit hergebruik. Uniek voor een project van die omvang. Met dank aan het Brusselse bedrijf Rotor.

Hoog boven de ingang van de voormalige Leonidas-fabriek in Anderlecht hangt in houten letters Rotor DC. Voor het gebouw liggen stapels vloertegels, dakpannen en gebruikte bouwonderdelen. Op de eerste verdieping heeft Rotor Deconstruction (DC) een winkel vol vintage lampen, badkamerspiegels, interieurstoelen, tandenborstelhouders uit hotels, speciale deuren, wasbakken, kasten en bureaus, deurklinken, kleerhangers, raamkozijnen en andere parafernalia. Gerecupereerde banksafes worden aangeboden als bergkastjes.

Tot de Tweede Wereldoorlog werden interieurelementen en dragende structuren van grote gebouwen voor 90 procent gerecupereerd. Nu is dat percentage praktisch nul.
Arne Vande Capelle
Projectleider Rotor

Rotor DC recupereert materialen uit gebouwen die worden afgebroken of gerenoveerd en geeft ze een tweede leven. Het bedrijf neemt jaarlijks 25 à 40 gebouwen onder handen. Soms recupereert Rotor DC materiaal met eigen mensen. Soms brengen aannemers het naar Anderlecht.

Vorig jaar lag hier 800 m2 unieke vloertegels uit 1948 afkomstig van de sloop van het opvangcentrum Kinderdorp Molenberg in Rekem. Rotor DC reinigde ze en bood ze te koop aan. In het modernistische Institut Génie civil in Luik ging Rotor DC drie jaar geleden de keramiek tegels uit de vloer kappen.

Datzelfde jaar recupereerde het - op vraag van BNP Paribas Fortis - de iconische interieurs van de designers Jules Wabbes en Christophe Gevers toen het voormalige hoofdkwartier van de Generale Bank werd gesloopt. Vloeren, plafonds, tot een volledige cafetaria en tal van decoratieve elementen-  in totaal 230 ton materiaal - werden van de schroothoop gered. Dat materiaal is nu terug te vinden in de bibliotheek van Sint-Pieters-Woluwe, het cultureel centrum in Namen, een café in Etterbeek en tal van andere bouwprojecten.

In Anderlecht liggen honderden betontegels, deuren en onderdelen afkomstig van een van de Brusselse WTC-torens, een klein deel van de 90.000 ton materiaal die daar naar buiten wordt gesleurd. Sommige van de  componenten worden mogelijk opnieuw in het gebouw gebruikt.

ROTOR DC

Maarten Gielen, Tristan Boniver en Lionel Devlieger richtten 15 jaar geleden Rotor op als een non-profitproject van enkele vrienden die iets wilden doen met industrieel afval. Tot 2014 was Rotor een kleine ontwerp- en onderzoeksstudio. Het is uitgegroeid tot een bedrijf met 20 mensen, onder wie ontwerpers, architecten en juristen.

Het staat in voor afbraak, recuperatie, reiniging en verkoop van materiaal afkomstig van gebouwen die worden afgebroken of gerenoveerd. Daarnaast adviseert Rotor eigenaars, aannemers en architecten over het hergebruik van bouwmateriaal. Het wil hen bewustmaken van de voordelen van hergebruik en de (milieu)kosten van nieuwe materialen, en ontwikkelt methodes om hergebruik 'te professionaliseren'.

Rotor heeft ook een afdeling die de interieurinrichting van kleine gebouwen verzorgt op basis van hergebruikte materialen of overstock. Het ontwikkelde een website met een overzicht van handelaars, materialen en voorschriften over hergebruikte materialen (opalis.eu), een project dat Europese steun krijgt. De afgelopen jaren kreeg Rotor verschillende duurzaamheidsawards.

Financiële cijfers wil het bedrijf niet kwijt. 'De stap om een logistieke activiteit rond de recuperatie van materialen op te bouwen was geen evidente keuze', zegt Vande Capelle. 'Dit was dus een hele omwenteling. De moeilijke beginjaren van Rotor DC zijn voorbij en nu zien we groeiperspectieven op korte termijn.'

Philips-toren

Sinds enkele jaren helpt Rotor DC via zijn consultantzuster Rotor projectontwikkelaars, architecten en aannemers zoveel mogelijk gebruikte materialen te hergebruiken. Die adviesfunctie begint steeds belangrijker te worden.

‘Tot de Tweede Wereldoorlog werden interieurelementen en dragende structuren van grote gebouwen voor 90 procent gerecupereerd en waren tal van bedrijven in die sector actief’, zegt Arne Vande Capelle, projectleider bij Rotor. ‘Maar toen producten goedkoper en arbeid duurder werden, is dat volledig omgeslagen. Volgens een Britse studie wordt slecht 1 procent van alle bouwmaterialen van afgebroken of gerenoveerde gebouwen opnieuw gebruikt. In de Benelux is dat niet anders. Voor grote kantoorgebouwen is dat percentage praktisch nul.’

Maar er is verandering op komst. Jaarlijks wordt meer dan 600.000 ton bouw- en sloopafval uit Brussel afgevoerd en 800.000 ton bouwmaterialen aangevoerd. Het Brussels Gewest wil daarom niet alleen de recyclage maar ook het hergebruik van bouwcomponenten stimuleren. Dat kan vanaf 2030 zelfs verplicht worden voor openbare gebouwen. Ook architecten en ontwikkelaars beginnen steeds meer circulair te denken. Drie jaar geleden riepen de ontwikkelaar Whitewood en het architectenbureau Conix de hulp van Rotor in bij het ontwerp en het hergebruik van materialen bij de renovatie van de Philips-toren aan de Brusselse Anspachlaan, een gebouw met een oppervlakte van 37.000 m2.

Blauwe steen

Het was de ambitie dat bij de renovatie van de Philips-toren 2 procent van alle materialen uit hergebruik kwam. Wel, we halen 4 tot 5 procent.
Arne Vande Capelle
Projectleider Rotor

Vande Capelle: ’86 procent van het gebouw blijft staan. Het was de ambitie dat voor de renovatie 2 procent van alle aangevoerde producten uit hergebruik kwam, maar we halen 4 tot 5 procent.' Rotor recupereerde enkele gigantisch ventilatie- en koelinstallaties, die perfect kunnen worden ingezet in een ander gebouw. Het probeert zoveel mogelijk budgetneutraal te werken. Vande Capelle: 'Soms is verwerken van hergebruikt materiaal duurder, soms goedkoper. Dat moet in evenwicht zijn.’

Voor de oude Philips-toren - omgedoopt tot de Multi Tower - gebeurt alles in nauw overleg met de aannemers De Meuter en Cordeel. Rotor liet in samenwerking met Carrière de Hainaut uitdokteren op welke manier de blauwe hardsteen – blokken van 800 kilo - intern kon worden gerecupereerd, ontwierp een lampenlijn uit hergebruikt materiaal, liet brandwerende deuren demonteren in het WTC3-gebouw om ze te hergebruiken in het Philips-gebouw en bracht de aannemers in contact met een handelaar in hergebruikte vloertegels in Parijs. Volgend jaar moet de toren opengaan.

Voor de renovatie van de ateliers van de Zinneke Parade in Brussel doorloopt Rotor een gelijkaardig traject met de architecten Ouest, de aannemer De Coninck en de bouwheer. ‘In de aannemer- en architectuurwereld zijn we best een bekend begrip’, zegt Vande Capelle.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud