Scheepsonderhoud en hogere bouwkosten knagen aan winst CFE

Het installatieschip Innovation moest een grote onderhoudsbeurt ondergaan en die kosten wogen mede op de winst van DEME en moederbedrijf CFE. ©deme

Bij een stabiele activiteit zag baggeraar DEME de winst dalen door onderhoudskosten en een waardevermindering. Oplopende kosten duwden de bouwactiviteiten van CFE in het rood.

De bouwgroep CFE , die voor 60,4 procent in handen is van Ackermans & van Haaren , heeft een gemengd eerste halfjaar achter de rug. De omzet bleef nagenoeg stabiel (-0,7%) op 1,85 miljard euro, maar de winst stond in alle divisies onder druk. De bedrijfswinst (ebit) kwam een vijfde lager uit op 61,2 miljoen euro en de nettowinst daalde met 17,6 procent tot 42,7 miljoen euro. Beide cijfers zijn duidelijk minder dan verwacht: analisten rekenden respectievelijk op 79 en 58 miljoen volgens Bloomberg.

Innovation

Bij DEME, de grootste tak van de groep, speelden eenmalige kosten een rol. De activiteit van het baggerconcern – tegenwoordig ook een grote speler in de aanleg van windmolenparken op zee – bleef op een hoog peil. De omzet groeide licht (+1,5%) tot 1,35 miljard euro. De divisie Baggerwerken kende een drukke activiteit door middelgrote projecten in West-Europa, Afrika en het Midden-Oosten. De divisie Offshore werkte twee grote projecten bijna helemaal af: de windmolenparken Hohe See in Duitsland en Hornsea One in het VK.

De brutobedrijfswinst (ebitda) steeg met 6,4 procent tot 199,1 miljoen euro, onder meer dankzij IFRS 16 (het boeken van leaseovereenkomsten, red.) dat een positieve impact van 8,6 miljoen euro had. De ebitda-marge daalde tot 14,7 procent, wat lager is dan het historisch gemiddelde van DEME (tussen 16 en 20 procent).

De bedrijfswinst (ebit) daalde echter met bijna 13 procent tot 58,5 miljoen euro en netto schoot er 8,5 procent minder winst over dan een jaar eerder, met name 44,3 miljoen euro. Daarvoor is er een dubbele verklaring: 8,2 miljoen kosten voor het groot onderhoud van het installatieschip Innovation en een waardevermindering van 10,8 miljoen op de vorderingen op het Duitse bedrijf Senvion.

Het orderboek van DEME blijft wel goed op peil. Eind juni was het 3,94 miljard euro zwaar, terwijl twee belangrijke contracten – de Fehmarnbelt-verbinding tussen Denemarken en Duitsland en het offshore windmolenpark in Saint-Nazaire – nog niet zijn opgenomen.

Sterke kostenstijging

De bouwactiviteiten van CFE, tegenwoordig de pool Contracting genoemd, doken in de eerste jaarhelft in het rood. Zowel in België als internationaal werd er meer gebouwd, wat zich vertaalde in een omzetgroei van 7,1 procent tot 501,4 miljoen euro.

De bedrijfswinst kelderde echter met 80 procent tot 1,4 miljoen euro en netto dook de pool 2,9 miljoen euro in het rood. CFE verwijst in het persbericht naar de zeer competitieve marktomstandigheden in België. ‘Het prijsniveau op de markt laat niet altijd toe om de sterke kostenstijging van materialen, onderaanneming en arbeid te compenseren’, luidt het.

De activiteit van de pool Vastgoedontwikkeling lag lager dan in de eerste helft van 2018, maar de resultaten blijven wel goed. Op een omzet van 24 miljoen euro werd een nettowinst van 4,5 miljoen euro behaald.

Beterschap

Uit de vooruitzichten valt af te leiden dat CFE wat de winst betreft beterschap verwacht in de tweede jaarhelft. Voor DEME wordt een ebitda-marge voorspeld die vergelijkbaar is met vorig jaar (17,3%) en Contracting zou een bedrijfsresultaat moeten behalen in lijn met 2018 (22,7 miljoen euro). Voor Vastgoedontwikkeling wordt een hogere bedrijfs- en nettowinst verwacht.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect