Sterk jaar voor Deceuninck ondanks coronacrisis

Deceuninck-CEO Francis Van Eeckhout. ©Emy Elleboog

De fabrikant van pvc-raamprofielen Deceuninck zag zijn omzet en vooral winst vorig jaar stijgen ondanks een dramatisch tweede kwartaal, waarin door corona de bouwwerven in Europa werden stopgezet.

Het West-Vlaamse Deceuninck  geeft een 'uitzonderlijke update' over het jaar 2020 en pakt voorwaar uit met sterke cijfers.

Deceuninck verwacht 'op basis van voorlopige en niet-geauditeerde cijfers' dat ondanks de negatieve impact van de coronapandemie de omzet vorig jaar is uitgekomen op 642 miljoen euro. Dat zou meer zijn dan in 2019, toen de omzet op 634 miljoen euro afklokte.

Winstmatig is de prestatie nog sterker. Deceuninck verwacht een aangepaste brutobedrijfswinst (ebitda) van 82 tot 86 miljoen euro. Dat zou neerkomen op een ebitda-marge van 13,1 procent. In 2019 realiseerde de pvc-ramenmaker een brutobedrijfswinst van 60,6 miljoen euro, wat een ebitda-marge van 9,6 procent opleverde.

Minder kosten en schulden

'De negatieve impact van de Covid-19-pandemie werd grotendeels gecompenseerd door de onmiddellijke invoering van initiatieven om de kosten te verminderen', geeft Deceuninck als verklaring voor de goede winstprestatie.

Voorts nemen ook de schulden fors af - niet onbelangrijk in onzekere coronatijden. De netto financiële schuld daalt naar verwachting met 80 à 85 miljoen euro, van 140 miljoen euro in 2019 naar 55 à 60 miljoen euro in 2020.

'Het grootste deel van die verbetering is permanent en werd gedreven door betere resultaten, een normalisering van de investeringen (Deceuninck investeerde de voorbije jaren fors en plukt daar nu de vruchten van, red.), een verdere optimalisering van het werkkapitaal, de verkoop van niet-gebruikte activa en de verkoop van 7,5 procent van de aandelen in de Turkse dochter EgeProfil', legt Deceuninck uit.

Zo'n 15 à 20 miljoen euro van de daling is gerelateerd aan 'uitzonderlijk lage niveaus van werkkapitaal en tijdelijke verschillen' en zal zich waarschijnlijk in de loop van 2021 omkeren, waarschuwt het bedrijf.

Geen beloftes

Meer algemeen waagt Deceuninck zich in de update niet aan vooruitzichten voor 2021. Topman Francis Van Eeckhout zei in oktober - na een sterk derde kwartaal - niet te kunnen beloven dat de trein nu vertrokken is. ‘Zijn we nu voorgoed vertrokken? Ik kan dat niet beloven. Onze inspanningen moeten ooit beloond worden, maar er zullen nog knikjes komen.'

De CEO schreef de sterke cijfers toen toe aan de inhaalbeweging na de bouwstop tijdens de lockdowns, en aan de kortstondige dip in de grondstoffenprijzen. In ons land kwam de bouwactiviteit begin dit jaar na de 'winterstop' maar moeizaam weer op gang door de quarantaineplicht voor werkkrachten die terugkwamen uit het buitenland.

Deceuninck heeft in het verleden wel al vaker 'knikjes' gekend door economische crises en grondstoffenhauses. Na de instorting van de huizenmarkt was de Amerikaanse markt lang het zorgenkind. Met een nieuwe fabriek in Nevada - op een boogscheut van die van Tesla - maakte Van Eeckhout van het land de groeimotor van het bedrijf.

Ook de opstartproblemen in de Belgische recyclagefabriek zijn voorbij. In Turkije werden twee fabrieken samengevoegd op één moderne site. De activiteiten in Duitsland verschoven naar Polen om te profiteren van de ‘goedkopere handjes’. En in Europa kreeg de merknaam een boost door de wielerploeg van Remco Evenepoel en wereldkampioen Julian Alaphilippe te sponsoren. De Europese fabrieken schakelen bovendien over naar één productieplatform.

Deceuninck maakt op 25 februari de definitieve jaarresultaten bekend.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud