CFE gaat 2021 tegemoet met sterk orderboek

Een sleephopperzuiger van DEME aan het werk voor de Belgische kust. Tal van bagger- of installatieprojecten werden vorig jaar bemoeilijkt door de coronacrisis. ©BELGAIMAGE

De Brusselse bouwgroep CFE, het moederbedrijf van de baggeraar en windparkenbouwer DEME, zag vorig jaar de nettowinst halveren.

De jaarresultaten zijn ondanks die halvering een flink stuk beter dan verwacht, en dat over de hele lijn. CFE bleef winstgevend en wist zijn schulden beduidend terug te dringen. De tweede jaarhelft bracht zoals verwacht herstel en de tak vastgoedontwikkeling kende een sterk jaar.

Het 16,7 procent dikkere orderboek is bovendien een basis voor nieuwe groei. Voor 2021 rekent CFE op een stijging van de omzet en de bedrijfswinst ‘zonder evenwel al het niveau van 2019 te bereiken’.

CFE zag over het hele jaar 2020 de omzet met 11 procent dalen tot 3,2 miljard euro. De daling is iets kleiner dan gevreesd: analisten rekenden volgens Bloomberg op 3,1 miljard euro.

Met een omzetdaling van 16,3 procent werd vooral de baggeraar DEME getroffen door de coronacrisis en de impact daarvan op de olie- en gassector.

Met een omzetdaling van 16,3 procent werd vooral de baggeraar DEME getroffen door de gezondheidscrisis en de impact daarvan op de olie- en gassector. Het bedrijf voerde minder baggerwerken en minder installaties van offshore windmolenparken uit. De reisbeperkingen bemoeilijkten de werking van DEME en tal van projecten liepen vertraging op.

De omzetdaling van de bouwactiviteiten bleef beperkt tot 8,7 procent. De impact was vooral in België merkbaar. De pool Vastgoedontwikkeling kende dan weer een goed jaar en zag de omzet ruimschoots verdubbelen dankzij projecten in België, Luxemburg en Polen.

Merkur, corona en Orion

 De brutobedrijfswinst (ebitda) van CFE kwam 8 procent lager uit, maar de 414,7 miljoen euro was wel een pak meer dan verwacht (342,8 miljoen). Bedrijfswinst en nettowinst zakten veel forser in vergelijking met 2019. De bedrijfswinst (ebit) komt een derde lager uit op 119,5 miljoen euro.

Twee zaken spelen hier een rol: DEME boekte een meerwaarde van 63,9 miljoen op de verkoop van zijn belang in het offshore windpark Merkur. Anderzijds hadden de coronacrisis en het ongeval met het installatieschip Orion een negatieve impact van ongeveer 120 miljoen euro.

De nettowinst halveert tot 64 miljoen euro. De verwachting van analisten lag 20 miljoen lager. Per aandeel bedraagt de nettowinst 2,53 euro tegen 5,27 euro in 2019. De groep keert een dividend van 1 euro bruto per aandeel uit. Over 2019 werd geen dividend betaald.

Fehmarnbelt

CFE wist in 2020 de netto financiële schuld met een kwart terug te dringen tot 601,4 miljoen euro. De daling is vooral te danken aan DEME. De baggeraar investeerde vorig jaar 201,6 miljoen, minder dan de helft van het investeringsbedrag in 2019. ‘De vertraging in de oplevering van de Spartacus en het ongeluk met de Orion hebben tot een uitstel van de betaling van de laatste aanbetalingen geleid’, legt CFE uit.

Bij de tak vastgoedontwikkeling zijn de schulden toegenomen door de aankoop van gronden. Ook bij Contracting staat het orderboek (+7,7%) op een recordniveau. Het belangrijkste contract dat de bouwtak vorig jaar binnenhaalde, was de bouw van het ZIN-complex in Brussel.

Het orderboek was eind vorig jaar 6,05 miljard euro dik, wat 16,7 procent meer is dan eind 2019. DEME zag zijn orderboek met 20 procent aandikken tot 4,5 miljard euro. Daarvan wordt twee derde in de twee volgende jaren uitgevoerd. Het grootste contract is de bouw van de Fehmarnbelt-verbinding tussen Duitsland en Denemarken, goed voor ongeveer 700 miljoen euro.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud