ExxonMobil investeert fors in Antwerpen

De site van ExxonMobil in de Antwerpse haven ©RV

De Amerikaanse oliereus ExxonMobil gaat meer dan 1 miljard dollar (730 miljoen euro) investeren in zijn Antwerpse raffinaderij. Een zeldzame motie van vertrouwen in de Europese chemiesector, die onder druk staat door de energierevolutie in de VS. Maar één investering lost de kritieke situatie niet op.

Goed nieuws voor de Belgische economie: na de Franse oliegroep Total vorig jaar kondigt nu ook ExxonMobil aan fors te zullen investeren in zijn Antwerpse olieraffinaderij. 

De Amerikaanse oliegigant is van plan een zogeheten 'delayed coking unit' bij te bouwen aan zijn raffinaderij. Daarmee wil ExxonMobil 'zware, hoogzwavelige oliefracties omzetten in schonere olieproducten'.

Concreet zal de nieuwe installatie zware stookolie die vroeger gebruikt werd als scheepsbrandstof verwerken tot milieuvriendelijkere diesel voor schepen, auto's en vrachtwagens. De zware olie bevat veel zwavel en het gebruik ervan wordt de komende jaren aan banden gelegd. De uitstoot van zwaveldioxide is immers een oorzaak van zure regen. 

ExxonMobil gaat in Antwerpen dus uit een ton ruwe olie meer diesel halen door aanpassingen aan het productieproces. Een strategische beslissing omdat de vraag naar diesel in Europa stijgende is door de toename in vrachtwagenverkeer en de verdieseling van het wagenpark. 

'We spelen in op de veranderende vraag naar olieproducten, die op haar beurt gedreven wordt door veranderende regelgeving', zegt Remco Kruithof, pr-verantwoordelijke van ExxonMobil. 

Wat gebeurt er eigenlijk in een raffinaderij?

In een raffinaderij worden de verschillende fracties van ruwe aardolie van elkaar gescheiden, wat eindproducten oplevert als asfalt, scheepsbrandolie, stookolie, diesel, benzine, kerosine, nafta en gassen als propaan en butaan. Nafta wordt door de petrochemische industrie verder verwerkt tot allerlei plastics.

Dat alles gebeurt door de ruwe olie op te warmen en aan de kook te brengen. De fracties verdampen elk op hun beurt en worden een na een opgevangen in een destillatietoren, waarna de eindproducten verder gezuiverd (ontzwaveld) kunnen worden.

 

Raffinage in België?

België telt drie raffinaderijen: Total, ExxonMobil en Petroplus. Die zijn in staat per dag 774.500 vaten olie te raffineren. Er werken in totaal een 2.000-tal mensen. 

 

Exxon broedt al enkele jaren op die investering en deed al heel wat voorbereidende werken in Antwerpen. De definitieve investeringsbeslissing vanuit het Amerikaanse hoofdkantoor liet echter lang op zich wachten. Nu is de kogel dus door de kerk.

Strategische positie Antwerpen

ExxonMobil bevestigt met de investering de strategische positie van de Antwerpse raffinaderij. 'Wij hebben in totaal meer dan 2 miljard dollar in minder dan tien jaar geïnvesteerd in deze raffinaderij', zegt Jerry Wascom, voorzitter van ExxonMobil Refining & Supply.

De investering komt op een moment dat raffinaderijen en de petrochemiesector in Europa het moeilijk hebben onder druk van Amerikaanse concurrentie, overcapaciteit in Europa en stijgende milieulasten.

'Maar we zien in Europa een aanhoudend grote vraag naar fossiele brandstoffen in de komende decennia. We zien niet meteen schaalbare en betaalbare alternatieven', verklaart Kruithof de investering in de fabriek die over 30 à 50 jaar immers nog steeds operationeel zal zijn. (zie grafieken uit de World Energy Outlook van ExxonMobil onderaan)

De Europese raffinagesector heeft sinds 2008 zowat 10 procent van zijn capaciteit, 15 fabrieken en 10.000 jobs verloren. Het Internationaal Energieagentschap verwacht dat er de komende jaren nog een tiental raffinaderijen de deuren zal moeten sluiten. 'De markt voor olieproducten is een zeer open markt en we zien producten vanuit de VS hier op de markt komen', zegt Jean-Pierre Van Dijk van de Belgische Petroleumfederatie. 

Die concurrentie is niet meer dan logisch. 'Door de schaliegasrevolutie werken Amerikaanse concurrenten met een energiekost die slechts een derde is van die Europa. Dat is enorm wetende dat de energiekost zowat 60 procent uitmaakt van de totale operationele kosten van een Europese raffinaderij', klinkt het. Bovendien draaien de olieraffinaderijen in de VS op volle toeren door de overvloed aan schalieolie die binnen enkele jaren de VS tot de grootste olieproducent ter wereld zal maken. 

'De Europese sector draait momenteel op zeer lage marges. Het grootste probleem is benzine waarvoor hier een grote overcapaciteit is. tien jaar geleden konden we gemakkelijk exporteren naar de VS maar die situatie is gekeerd', zegt Jean-Pierre Van Dijk van de Belgische Petroleumfederatie. 'Maar België heeft het geluk dat het met Total en ExxonMobil de grootste en meest efficiënte raffinaderijen heeft. En om in de top te blijven moet je blijven investeren.'

De investering is cruciaal voor de verwevenheid van de Antwerpse chemiecluster te bewaren. De output van de ene fabriek is er namelijk de grondstof van de andere, wat dankzij een leidingennetwerk van honderden kilometers voor enorme logistieke voordelen zorgt. Zo is nafta, een van de eindproducten van een raffinaderij, de basis voor onder andere ethyleen wat verder verwerkt wordt tot plastics voor raamprofielen, zakjes en speelgoed.

De Exxon-investering zorgt er dan wel voor dat de Antwerpse cluster niet beetje bij beetje afbrokkelt, maar één investering is niet de oplossing voor de kritieke situatie waarin de chemiesector in Europa verkeert. De loonkosten en energiekosten ten opzichte van de VS blijven een probleem.

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud