Ineos: ‘Ook als omgevingsvergunning afgewezen wordt, zetten we door’

© Peter Hilz

Ondanks het protest wil de chemiegigant Ineos nog dit jaar beginnen met de werken voor Project One, de investering van 3 miljard euro in de Antwerpse haven om propyleen en ethyleen te produceren. ‘Ik daag iedereen uit om te leven zonder kunststoffen.’

In het vergunningsproces van een van de grootste investeringen die Vlaanderen in jaren gekend heeft, vindt vandaag een belangrijk moment plaats. Nadat actiegroepen in beroep gegaan waren tegen de gemeentelijke en provinciale goedkeuring om het terrein in de Antwerpse haven voor Project One bouwklaar te maken, moet de gewestelijke omgevingsvergunningscommissie Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) adviseren over de gewijzigde aanvraag. Het is dan aan de minister om de knoop door te hakken.

John McNally, de topman van Project One, en Hans Casier, als afgevaardigd bestuurder van de twee Ineos-bedrijven Phenol en Nitriles de hoogste Belg bij het miljardenconcern Ineos, blijven er stoïcijns onder als we hen spreken op de hoogste verdieping van het Antwerpse Havenhuis. Door de quarantaineregels konden ze lange tijd niet naar België afreizen vanuit hun Zwitserse hoofdkwartier, maar momenteel zijn ze wel in België om besprekingen te voeren.

‘We willen nog dit jaar met de eerste grondwerken beginnen’, zegt McNally. ‘Ik denk dat veel Europese aanbesteders met dit dossier bezig zijn. We hadden het geluk dat we door corona nog niet met de fysieke werken begonnen waren. Ingenieurs konden thuis en via Skype volop voortwerken aan het project.’

En wat als de commissie roet in het eten gooit en de omgevingsvergunning verworpen wordt?

McNally: ‘Dat zou uiteraard tot een substantiële vertraging leiden. We bundelen die vergunning dan met de aanvraag voor de volgende fase in ons project: de propyleeninstallatie zelf. Pas daarna beginnen we met de toelating voor de ethaankraker. Beide installaties kunnen onafhankelijk van elkaar werken. Dit is een project dat vergelijkbaar is met een ministad. Zo’n investering gebeurt altijd in fasen.’

Dat is net de kritiek van organisaties zoals Natuurpunt, Antwerpen Schaliegasvrij en Groen. U wilt nu al 55 hectare bos op het terrein kappen, terwijl de rest van het project nog niet eens goedgekeurd is.

Dit is geen stuk grond waar je je hond kan uitlaten. Als wij hier niet bouwen, doet iemand anders het wel.
John McNally
CEO Project One

Casier: 'Laat ons duidelijk zijn: dit gaat om industriegrond die al jaren braak ligt en waar door de jaren heen vegetaties op gegroeid is. Voor mijn part mag je dat een bos noemen, maar het terrein ligt wel midden in een industriezone, en we hebben ons geëngageerd om dit ruimschoots te compenseren met 14 hectare meer dan waartoe we wettelijk verplicht zijn.'

McNally: ‘Dit is geen stuk grond waar je nu je hond kan uitlaten. Als wij hier niet bouwen, doet iemand anders het wel.’

De tegenstanders gingen in beroep tegen de vergunning. Wat is er veranderd aan de aanvraag om aan hun bezwaren tegemoet te komen?

McNally: ‘Hun grootste bezorgdheid was dat ze niet zeker waren wat we juist wilden bouwen, terwijl we wel al het terrein wilden vrijmaken. We hebben nu veel meer details gegeven over hoe de cracker en de propyleeninstallatie eruit zullen zien.’

Had u al deze heisa verwacht?

McNally: ‘Niet op deze schaal. Maar is het echt zo wijdverspreid? In deze tijden van sociale media heb je maar enkele tegenstemmen nodig om het te doen lijken op een heel leger.’

Bent u niet bang voor een jarenlange administratieve en juridische procedureslag?

Corona zal morgen niet weg zijn, en dit project garandeert duizenden jobs in en rond Antwerpen.
Hans Casier
Hoogste Belg bij Ineos

McNally: ‘Wij bouwen de meest hoogtechnologische installaties, midden in het grootste petrochemische complex en op bestaande industriegrond. Dan hoeven we ons geen zorgen te maken. En het gaat niet over de vraag of we dit gaan bouwen, maar waar we het bouwen. Waarom zou je er dan tegen zijn als we dat doen op een continent dat de hoogste milieunormen heeft, onder de waakzame ogen van de Vlaamse overheid?’

Casier: ‘Bekijk ook de economische context. De scheikundige industrie in Europa heeft de jongste twintig jaar aanzienlijk marktaandeel verloren ten opzichte van de rest van de wereld: van 33 procent tot minder dan 12 procent. De jongste jaren heeft niemand nog een basisinstallatie voor chemische producten in Europa gebouwd. Dit is belangrijk voor Antwerpen, voor Vlaanderen, maar ook voor Europa als geheel.’

‘Vergeet ook niet dat dit project een boost voor de economie betekent na de coronaperikelen, op het vlak van jobs en investeringen. Corona zal morgen niet weg zijn, en dit project garandeert duizenden jobs in en rond Antwerpen.’

Maar wel op een moment dat de strijd tegen de opwarming van de aarde opgevoerd moet worden, en we nu al onze inspanningen om de CO₂-uitstoot terug te dringen niet kunnen waarmaken.

McNally: ‘De CO₂-voetafdruk van onze kraker zal minder dan de helft bedragen van de beste bestaande installaties in Europa. Jim Ratcliffe, onze topman, vergelijkt het altijd met de auto-industrie: ook daar zit de oplossing in vernieuwing. Je moet de oude auto’s van de baan halen en vervangen door nieuwe milieuvriendelijke modellen, die de helft minder uitstoten. De jongste crackerinstallatie is vaak 25 jaar oud en de meeste 40 tot 50 jaar. Alleen door nieuwe te bouwen, kan je ze vervangen.’

Mooie woorden, maar tot nu toe kon u geen cijfer plakken op de CO₂-uitstoot van deze installaties. Kunt u dat intussen wel?

McNally: ‘We komen op zowat 750.000 ton directe CO₂-emissies per jaar voor het volledige complex. Met een totaal volume van 2,4 miljoen ton geproduceerde producten per jaar komen we op een ratio van 0,3 per geproduceerde ton, terwijl de standaard in de industrie 0,8 bedraagt.’

Dat blijft een indrukwekkend cijfer, op een moment dat we die uitstoot naar beneden moeten krijgen.

Casier: ‘We hebben net een deal gesloten met Engie om vanaf volgend jaar jaarlijks 84 megawatt windenergie af te nemen voor Ineos, wat het grootste groene contract ooit is voor de industrie in België. Dat doet onze CO₂-voetafdruk afnemen met 115.000 ton per jaar.’

Moet u ook de CO₂-uitstoot van de installaties zelf niet verminderen?

McNally: ‘We zitten nu al aan minder dan de helft van de best presterende stoomkrakers. We zouden heel graag een volledig elektrische cracker gebruiken, maar het zal nog decennia duren voor die technologie op punt staat. Wat voor deze installatie hopelijk wel mogelijk wordt, is de opslag van CO₂, zodra dat technologisch mogelijk wordt. Op ons terrein hebben we daar grote percelen voor voorzien. Elke dag moet ik bij wijze van spreken onze ingenieurs afwijzen die dat stuk bouwgrond in deze fase nuttig voor iets anders willen gebruiken.’

U steigert als tegenstanders dit project een plasticfabriek noemen. Maar u gaf eerder al toe dat 50 procent van de productie uiteindelijk voor het maken van plastic zal dienen.

McNally: ‘Dat klopt, maar is daar iets mis mee? In het mondmasker dat u droeg toen u binnenkwam, zit polypropyleen. De handschoenen, bloedzakken, infusen en antisceptische middelen in ziekenhuizen die tegen Covid-19 vechten, zijn gemaakt van plastic. De ontstmettende handgel hier op tafel is gemaakt van ethyleen.’

Casier: ‘De basisstoffen die we maken, worden gebruikt om auto’s lichter te maken of windturbines te produceren. Natuurlijk willen wij niet dat mondmaskers op straat weggegooid worden, en zetten we zelf in op recyclage. We hebben ons geëngageerd over vijf jaar minstens 325.000 ton gerecycleerd materiaal te gebruiken. Maar de discussie is niet zwart-wit. Wat willen onze tegenstanders dan? Dat er niet langer mondmaskers geproduceerd worden?’

Of dat ook die mondmaskers gerecycleerd kunnen worden?

Casier: ‘Dat kan wellicht niet oneindig, omdat recycleren niet eindeloos kan: op een bepaald moment worden gerecupereerde vezels gewoon te kort, net als bij papier. Maar we moeten weten wat we willen. Zonder plastic oplaadkabel valt je telefoon plat, zonder plastic isolatie geen elektriciteit, zonder kunststoffen heb je geen waterleidingen die minstens 50 jaar meegaan. Ik daag iedereen uit, ook onze tegenstanders, om te leven en te werken zonder kunststoffen of chemische producten.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud