nieuwsanalyse

Scepsis over Saudi-project ebt niet weg

Albert Van Rillaer. ©BELGA

De scepsis over de miljardeninvestering van de Saudi’s in de Antwerpse haven ebt niet weg. Speculatie over mogelijke banden met Al Quada doen de geloofwaardigheid van het project geen goed.

Communicatief geklungel. Zo omschrijven Antwerpse investeringskringen de manier waarop de Saudische familie Al Issa deze week haar plannen voorstelde voor de bouw van een afvalrecyclagefabriek van 3,7 miljard euro in de Antwerpse haven. De Belg Albert Van Rillaer, die als vertegenwoordiger van de familie het project presenteerde, was niet in staat voldoende informatie te geven over de ‘solvabiliteit’ van de familie.

Al Issa is actief in hotels, cementfabrieken, banken en de voedingssector. Maar concrete cijfers gaf de Belg niet. Dat Van Rillaer zelf het project gaat bestieren via het minuscule Saudische afvalbedrijf Energy Recovery Systems (ERS) - 50 werknemers, 100 miljoen euro omzet - geeft, aldus specialisten, weinig vertrouwen.

Van Rillaer had beter aangetoond dat de familie Al Issa met haar ander bedrijf, het veel grotere Global Environmental Management Services, over een expert in afvalstromen beschikt. Maar dat deed Van Rillaer om onduidelijke reden niet. Mogelijk omdat GEMS beursplannen heeft en niet meteen met het project mag worden geassocieerd.

Saleh Kamel

De tweede blunder was de vermelding van de familie Saleh Kamel in het dikke concessieaanvraagdossier bij de Antwerpse haven. De familie Kamel werd door sommige media plots in verband gebracht met Al Quada - ook al is ze daar op alle vlakken door de Amerikaanse autoriteiten van vrijgesproken. ERS stuurde een bericht uit dat de familie Saleh Kamel ‘geen enkele band met ERS heeft, in welke hoedanigheid ook’, maar de perceptie zal hoe dan ook aan het project blijven kleven.

‘De enige investeerder is Al Issa’, klonk het. Volgens meerdere Belgische bronnen een bona fide familie met (heel) veel geld. ‘ERS zal in dit project onder geen beding investeerders dulden met verdachte reputaties of banden’, aldus ERS. Maar op de vraag hoe de naam Saleh Kamel in het ontwerpdossier terecht is gekomen, wordt geen antwoord gegeven.

De berichten over Al Quada beïnvloeden op geen enkele manier de beslissing om exclusief met ERS over de concessie te onderhandelen, benadrukt Eddy Bruyninckx, CEO van het Antwerpse Havenbedrijf. Hij ontkent formeel berichten in andere media dat het Al Quadaverhaal de geloofwaardigheid van ERS onder druk zet. ‘We baseren ons op het dossier dat we maandag op de raad van bestuur kregen. De enige verandering is dat de naam Kamel er niet meer in staat’.

Het Havenbedrijf blijft evenwel op zijn qui-vive en laat verstaan dat ERS de concessie niet krijgt als het niet over de voldoende financiële middelen of de ‘juiste’ aandeelhoudersstructuur zou beschikken. De familie Al Issa belooft immers 20 procent van de 3,7 miljard euro op tafel te leggen. De rest wordt gefinancierd via externe middelen.

Volgens chemie-experts is het project - industrieel afval recycleren voor de aanmaak van ammoniak en ureum- technisch perfect uitvoerbaar. Het grote struikelblok, aldus insiders, wordt de financiering - en het verkrijgen van de nodige (milieu)vergunningen. ‘Daar zijn we ons ten volle van bewust’, klinkt het bij het Havenbedrijf.

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud