‘Voor ons is CO₂ niet langer afval’

De start-up D-Crbn wil afgevangen CO₂ van de industrie een tweede leven geven. ©Jiri Buller

De startup D-Crbn wil in Antwerpen een plasmareactor bouwen om uit afgevangen CO₂ nieuwe brandstoffen en chemicaliën te maken. ‘Binnen vijf jaar hopen we 1 procent van de Belgische uitstoot te verwerken.’

Zo’n tien jaar nadat de UAntwerpen startte met baanbrekend plasma-onderzoek om CO2 een tweede leven te geven, heeft een groep van ondernemers en onderzoekers nu de eerste commerciële stap gezet. Ze richten vanuit de Universiteit Antwerpen de spin-off D-Crbn op, een bedrijf dat plasmareactoren wil bouwen, te beginnen in de Antwerpse haven. In de installaties zal afgevangen CO2 van de industrie verwerkt worden om er nieuwe brandstof en chemische grondstoffen van te maken.

‘CO2 is een inert gas waar je vrij weinig mee kan’, zegt chemieprofessor en medeoprichter Annemie Bogaerts. ‘Als je het via de klassieke weg zou willen opbreken, heb je enorm hoge temperaturen nodig. Daarvoor is te veel energie nodig. Via onze plasmareactoren kunnen we de CO2 met veel minder energie toch converteren naar nieuwe bruikbare chemische bouwstenen.’

Nieuwe grondstof voor plastics

We realiseren op een paar honderd vierkante meter een CO₂-besparing waarvoor je anders 500 vierkante kilometer bos zou moeten aanplanten.
David Ziegler
Mede-oprichter D-Crbn

Bogaerts leidt de onderzoeksgroep Plasmant die in de Antwerpse universiteitslabo’s met een tiental minireactoren onderzoek voert naar koolstofhergebruik, in het jargon Carbon Capture and Utilisation (CCU). De CO2 wordt door een cilinder van zo’n 10 centimeter gejaagd en ondertussen onder hoogspanning gebracht. In de buis ontstaat zo plasma, een elektrisch geladen gas. De CO2 valt daarna uiteen in zuurstof en koolstofmonoxide (CO). Vooral die laatste stof kan als nieuwe basisgrondstof dienen voor de chemie om bijvoorbeeld plastics van te maken. Door het te combineren met waterstof kan er ook synthetisch gas van worden gemaakt.

‘We zijn bezig een industrieel consortium te vormen met verschillende chemie -en petrochemiebedrijven uit de Antwerpse haven’, zegt CEO Gill Scheltjens, die al een aantal jaar het onderzoek leidt bij het coatingbedrijf Molecular Plasma Group. ‘Wat aan de Universiteit Antwerpen gebeurt in kleine plasmareactoren, willen we op industriële schaal gaan doen.’

Antwerpse Opel-site

De oprichters van D-Crbn (van links naar rechts): Gill Scheltjens, Georgi Trenchev, David Ziegler en Annemie Bogaerts. ©D-CRBN

D-Crbn heeft een eerste pilootinstallatie op het oog, met een investering van zo’n 1 miljoen euro waarvoor het overheidsondersteuning hoopt binnen te halen. De volgende stap is een industriële plasma-installatie waarvoor het bedrijf een plek ambieert in het Antwerpse NextGen District op de voormalige Opel-site. Scheltjens verwacht dat voor het totaalpakket, inclusief CO2-afvang, de verwerking en de distributie van de gassen, uiteindelijk een investering van 100 à 150 miljoen euro nodig zal zijn.

‘We zullen zien welke industriële partners aan boord komen’, zegt medeoprichter David Ziegler. ‘Onze ambitie is binnen vijf jaar naar een eerste industriële installatie te gaan. Die zou 1 miljoen ton CO2 per jaar moeten kunnen verwerken, of bijna 1 procent van de totale uitstoot in België. We realiseren zo op een oppervlakte van een paar honderd vierkante meter een CO2-besparing waarvoor je anders 500 vierkante kilometer bos zou moeten aanplanten.’

Onze plasmareactoren kunnen met een eenvoudige druk op de knop aan- en uitschakelen. Zo kunnen we ze laten draaien als er een overvloed aan hernieuwbare energie beschikbaar is.
Annemie Bogaerts
Professor chemie UAntwerpen

Plasmareactoren hebben als belangrijk voordeel dat ze met een eenvoudige druk op de knop aan en uit kunnen schakelen. ‘Op momenten dat er een overvloed aan hernieuwbare energie beschikbaar is, kan je ze dus laten draaien’, zegt Bogaerts. ‘Je kan zo groene stroom opslaan door er nieuwe brandstoffen mee te maken. CO2 is voor ons niet langer een afvalstof, maar wordt een nieuwe grondstof. Een belangrijke uitdaging wordt het proces voldoende energie-efficiënt te krijgen, zodat we het op industriële schaal kunnen doen werken.’

De grote klimaatslag

De industrie en de elektriciteitsproductie staan voor bijna de helft van alle CO2-uitstoot in België. De Tijd gaat op zoek naar technologieën die in die industrie op grote schaal het verschil kunnen maken.

Hoe kunnen staal- en cementfabrieken, olieraffinaderijen en de chemiesector de komende decennia hun uitstoot wegwerken? Waar kunnen ze fossiele brandstoffen vervangen door elektriciteit of waterstof? En leidt CO2-opvang tot een doorbraak?

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie