interview

Het bloedspoor in de Vlaamse biotech

©Saskia Vanderstichele

Ablynx heeft ambitieuze plannen in de VS. De topper van de Vlaamse biotech, intussen bijna een miljard waard, wil er 150 miljoen euro ophalen. Het succesverhaal begon met een liter vergeten dromedarisbloed, een paar rebelse studenten en een wonderbaarlijke vondst onder de microscoop.

We zijn ergens in 1989, op een practicum aan de VUB. De biologiestudenten moeten antilichamen in het bloed - de stofjes die indringers aanvallen - sorteren volgens hun moleculaire gewicht. Ze balen van de opdracht. ‘Elk jaar hetzelfde. We kennen de uitkomst al.’ Bovendien willen ze niet met menselijk bloed werken. De schrik voor infecties als hiv zit er eind jaren 80 goed in. Professor Raymond Hamers stelt een alternatief voor: bloed van een muis uit het labo. Opnieuw protest. ‘Dan moeten we die muis doden. En wij zijn biologen, we beschermen het leven.’

Hamers haalt uiteindelijk dromedarisbloed uit de vriezer. Wetenschappers uit Mali hadden hem een liter opgestuurd om te testen op de slaapziekte, een aandoening die ook hun kamelen treft. Tegen dromedarisbloed hebben de studenten geen bezwaar. Maar uit de routineopdracht komt een opmerkelijk resultaat: de antistoffen van kamelen blijken veel kleiner dan die van muizen of mensen.

‘Ik dacht dat de studenten een stomme fout hadden gemaakt’, lacht professor Serge Muyldermans, gespecialiseerd in het klonen van antilichamen. ‘Of dat het dromedarisbloed na de lange reis gedegradeerd was. Maar het resultaat was zo bizar dat we het wel moesten bestuderen.’ Muyldermans en Hamers beginnen aan een wonderbaarlijke zoektocht, die zal leiden van het Atlasgebergte tot op Wall Street.

Uit hun proeven blijkt dat de antistoffen van kamelen een unieke structuur hebben, die verder enkel bij haaien te vinden is. Door die vorm hechten ze zich makkelijker aan een vreemde, vijandige stof. En kunnen ze veel sneller een ziekte bestrijden. ‘Wat de antistoffen deden, was op zich niet nieuw’, zegt Muyldermans. ‘Maar ze werkten veel krachtiger dan de antilichamen van muizen, die op dat moment veel gebruikt werden. Bovendien zijn er bij kameelantilichamen geen afstotingsverschijnselen omdat ze sterk lijken op die van de mens. Het kamelenbloed bleek een uniek middel.’ Een antibody 2.0.

Op basis van die bevindingen roept Muyldermans later de nanobody’s in het leven: die antilichamen zijn tien keer kleiner dan traditionele antilichamen, ze hebben een eenvoudige structuur en kunnen worden ingezet tegen tal van ziektes als reuma, kanker, luchtweginfecties, tot bloedziektes. ‘Die nanobody’s zijn zo robuust dat ze op veel verschillende manieren kunnen worden gebruikt: via een injectie, in een pil, als verstuiver of in zalf. Ze dienen ook als biopesticide, om planten te beschermen tegen wormen bijvoorbeeld.’

Kameel in Rabat

‘Onze ontdekking heeft de kostprijs voor het aanmaken van antilichamen met zo’n honderdvoud verminderd en de procedure sterk vereenvoudigd’, zegt Hamers. ‘De resultaten waren ook zo spectaculair dat ik er toen al veel van verwachtte.’

We hielden onze ontdekking in de luwte, uit schrik dat iemand ermee aan de haal zou gaan.
Serge Muyldermans
VUB-professor

Na die eerste vondst volgt de ene dolle ontwikkeling op de andere. Hamers en Muyldermans kopen een kameel in het Marokkaanse Rabat, ‘voor 40.000 Belgische frank’, herinnert Muyldermans zich, zo’n 1.000 euro. ‘Betaald uit eigen zak, er was nog geen wetenschappelijk project om financiering aan te vragen. We hielden onze ontdekking in de luwte, uit schrik dat iemand ermee aan de haal zou gaan.’

Plots verdwijnt de kameel in Rabat, wellicht gestolen. Het is terug naar af voor de onderzoekers: geld voor een nieuwe is er niet. De oplossing komt van een technisch laborant van Marokkaanse komaf aan de VUB. Hij kan zijn oom in het Atlasgebergte overtuigen om zijn kameel, die de oom gebruikt om op het veld te werken, als proefdier te laten gebruiken. De laborant pendelt meer dan een jaar van Marokko naar Brussel met bloedstalen.

Stilaan krijgt de wetenschappelijke gemeenschap lucht van de wonderlijke kameeleiwitten. Een vertegenwoordiger van het Amerikaanse farmaconcern Johnson & Johnson laat tijdens een congres in San Diego zijn oog vallen op een poster van Muyldermans. De wetenschappers beseffen dat ze beter een octrooi nemen op hun vondst. In 1992 laat Hamers meteen de hele sequentie van de antilichamen van kameelachtigen beschermen, de camelidae. Een magistrale zet, waardoor tot voor kort niemand medicijnen kon ontwikkelen op basis van kamelen.

Waspoeder

Na een publicatie in het toonaangevende wetenschappelijke tijdschrift Nature is het hek van de dam. Unilever, geïntrigeerd door de hype onder wetenschappers, wil antistoffen gebruiken in antiroosshampoo’s, in tandpasta die cariës bestrijdt en voor zwangerschapstests. De retailgigant houdt zelf lama’s in Wageningen en kan de productie dicht bij huis en dus snel en goedkoop houden. Unilever denkt onder meer aan een waspoeder waarbij de was niet meer kan verkleuren. ‘Antistoffen zouden dan bijvoorbeeld de rode pigmenten tegenhouden’, zegt Muyldermans. ‘Het middel werkte, maar het is nooit op de markt gekomen. Door de toevoeging van antistoffen werd het waspoeder een bruin goedje. Geen huisvrouw zou dat in haar wasmachine stoppen.’

Unilever krijgt een licentie, maar slechts op een deel van het octrooi. Dat levert de wetenschappers 50 miljoen Belgische frank op, lang niet voldoende om het kamelenonderzoek in een bedrijf onder te brengen. Na aandringen komt het Vlaams Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie (IWT) met 1,8 miljoen euro over de brug. Dit is het echte startschot voor Ablynx. Bioloog Jan Steyaert komt aan boord. Zijn technologische expertise moet het businessplan van de spin-off extra fond geven.

Er was indertijd veel onderzoek naar primaten, omdat die het meest op mensen gelijken. Maar kamelen? We werden scheef bekeken.
Serge Muyldermans
VUB-professor

Op congressen oogsten de onderzoekers nog altijd hoongelach. ‘Er was op dat moment veel onderzoek naar primaten, want die lijken nog het meest op mensen’, zegt Muyldermans. ‘Maar kamelen? We werden nog altijd wat scheef bekeken.’

De professor is trots dat vijf bedrijven vandaag bezig zijn met wat hij bijna dertig jaar geleden onder de microscoop ontdekte. ‘Het leven van een onderzoeker kent vele ontgoochelingen: onderzoek dat op niets uitdraait, een tweede proef die veelbelovende resultaten keldert. Maar die ene keer dat het toch lukt, het moment dat je iets weet wat nog niemand anders weet, dat geeft een enorme voldoening. En die kameel bleef maar opleveren. Alles wat we testten, werkte ook.’

Bedrijven uit kamelen

Ablynx

Gents biotechbedrijf dat in 2001 het eerste was dat medicijnen van kamelen ging ontwikkelen, op basis van nanobody’s. Sinds kort heeft het een geneesmiddel klaar. Het heeft nog 45 andere onderzoeksprogramma’s. Er werken 400 mensen.

Argenx

Opgericht door drie vroegere werknemers van Ablynx. Argenx maakt krachtige menselijke antilichamen door antilichamen van kamelen te bundelen met die van mensen. Het bedrijf focust op kanker en op auto-immuunziektes, zoals multiple sclerosis.

Camel IDS

Een spin-off van de VUB die sinds drie jaar werkt aan een kankertherapie: de kankercellen worden bestraald van binnenin dankzij fragmenten van antistoffen van kamelen in het bloed.

Confo Therapeutics

Een bedrijf van VUB-professor Jan Steyaert, een van de medestichters van Ablynx. De antilichamen van kamelen spelen hier de rol van schakelaars en bevriezen de molecules - on/off - om zo een ziekte af te blokken. Doel: een behandeling tegen hersenziektes.

Agrosavfe

Gents bedrijf, opgericht in 2013, dat een biopesticide tegen schimmels heeft ontwikkeld. Die beschermt bijvoorbeeld aardbeien en tomaten, dankzij de agrobody, een variant van de nanobody.

Muyldermans doet vandaag aan de VUB onderzoek naar de antibacteriële werking van zilverpartikels. Hij verliet Ablynx al na een paar jaar om zich op de wetenschap te richten. ‘Ik durfde het risico niet aan om in een bedrijf te stappen waarvan de toekomst op dat moment nog onzeker was. Ik voelde mij ook niet helemaal thuis in die wereld. Bovendien had ik er totaal geen benul van wat die kameelantistoffen ooit zouden opbrengen.’

Veel heeft hij aan de grote doorbraak dus niet verdiend. ‘Via de verkoop van ons patent heb ik twee keer 100.000 euro gekregen. Die heb ik aan mijn eigen labo geschonken.’ Met de vergoeding die hij als wetenschappelijk adviseur van Ablynx kreeg, trakteerde hij zijn medewerkers met Kerstmis op een etentje. ‘De basis van Ablynx was tenslotte teamwerk.’

Wall Street

Ablynx heeft net een eerste geneesmiddel klaar, caplacizumab, een middel tegen de zeldzame bloedziekte TTP. CEO Edwin Moses hoopt er binnenkort 400 miljoen euro inkomsten per jaar uit te halen. Later volgt een middel tegen RSV, een longinfectie die vooral jongere kinderen treft. Tien jaar geleden trok het biotechbedrijf naar de beurs van Brussel, nu staat Wall Street op de agenda. Ablynx heeft hier een beurswaarde van net geen miljard euro. Op Nasdaq hoopt het 150 miljoen euro op te halen.

Muyldermans is in al die jaren gefascineerd geraakt door kameelachtigen. In de tuin van zijn dochter houdt hij twee alpaca’s, Pablo en Paco. ‘Fantastische dieren, en goede grasmachines. Oersterk en bestand tegen weer en wind. Ook slimme beesten, ze durven wel eens te ontsnappen.’ Heeft hij ooit wat van hun bloed genomen om het onder de microscoop te bestuderen? ‘Zeker. Ik kon het niet laten.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect