Als de patiënt een sultan is

©Filip Ysenbaert

Hoe behandelen Belgische dokters buitenlandse elitepatiënten? De sultan van Oman vond de weg naar Leuven voor medische hulp. Het gebeurt niet elke week, maar echt uitzonderlijk is het niet. Buitenlanders van rang en stand komen wel vaker naar ons land. Omdat ze de best mogelijke dokter willen.

Hij was deze week de meest zichtbare onzichtbare bezoeker van Leuven: Qaboos bin Said Al Said. De 79-jarige sultan van de golfstaat Oman haalde zich, nadat hij met drie vliegtuigen was gearriveerd en alle 42 kamers van het luxehotel The Fourth had ingepalmd, meteen de wrevel van de Leuvenaars op de hals.

Hij en zijn gevolg deden wat niemand anders mag: parkeren op de Grote Markt. De zwarte Mercedessen stonden rond de ingang van het hotel, wat tot klachten bij de politie leidde. Het stadsbestuur vond een compromis: niemand staat boven de parkeerwet, maar de sultan mocht twee auto’s laten staan, want dat schrijft het protocol voor.

De Arabische leider, al sinds 1970 aan de macht en bekend als een moderne despoot, pendelde van zijn verblijfplaats in het centrum naar de campus Gasthuisberg van het Universitair Ziekenhuis. Daar kreeg hij niet nader genoemde medische zorg bij een niet nader genoemde dokter.

Het sultanaat is karig met informatie, maar vermoedelijk lijdt Qaboos aan darmkanker. Enkele jaren geleden verbleef hij al geruime tijd in Duitsland om zich daarvoor te laten behandelen. Aanvankelijk zou hij tot eind januari in Leuven blijven, maar gisterochtend vloog hij weer naar huis. Of het om een onderbreking van de behandeling gaat, dan wel om een vroegtijdig einde, is niet duidelijk.

De Saoedische prins die we in Aalst behandelden, vroeg onze verplegers om hem in Brussel verder te verzorgen.
Alex Mottrie, uroloog en robotchirurg

Het gebeurt niet elke week dat de leider van een soeverein land met bijna 5 miljoen onderdanen het UZ binnenwandelt om zich aan te melden. Hoofdarts Gert Van Assche: ‘We behandelen zowat 280.000 unieke patiënten per jaar. Enkele duizenden komen uit het buitenland, van wie het merendeel uit Nederland. Er zijn ook veel expats bij. Slechts zo’n 200 patiënten, minder dan één op de duizend, komen uit een niet-Europees land.’

Heel af en toe zit er dus een staatshoofd bij. En daar komt wat bij kijken, maar het bezoek mocht geenszins de normale werking en de zorg aan andere patiënten verstoren, zegt Van Assche.

Hij ontkent ook formeel de wilde speculaties als zou een volledige afdeling van het ziekenhuis zijn gesloten om de sultan op zijn wenken te bedienen. ‘We hebben een hulpvraag gekregen, en het is onze verantwoordelijkheid topzorg te bieden. Het hoort bij onze taak als universitair ziekenhuis om onze expertise internationaal uit te dragen. Een marketingstrategie voor naambekendheid zit daar niet achter. Maar het komt ook de Belgische gezondheidszorg ten goede.’

Rolex als bedanking

Het zegt ook iets over de reputatie van onze Belgische geneeskunde dat een hoogwaardigheidsbekleder van het kaliber van Qaboos naar Leuven vliegt. De kwaliteit, de expertise en de toegankelijkheid zijn tot ver buiten de grenzen en tot in de hoogste regionen bekend.

Uroloog en robotchirurg Alex Mottrie: ‘Het is onze inborst om bescheiden te zijn. Maar als het op geneeskunde aankomt, moeten we dat laten varen.’

De grote ziekenhuizen en hun topdokters kunnen allemaal getuigen over hooggeplaatste gasten die door de draaideur passeren - maar nooit meer dan dat. Discretie is het codewoord, en elke patiënt is daarin gelijk. Het liefst van al worden voorname gasten zo geruisloos mogelijk behandeld. Namen, functies of landen worden niet genoemd en het principe van de privacy van de patiënt wordt begrijpelijkerwijs heilig bewaard.

©Diego Franssens

Niet dat er geen verhalen in het rond gaan. Over een buitenlandse intussen ex-president die na een geslaagde behandeling het verplegende personeel overlaadde met cadeautjes. Of over verpleegsters die per privéjet naar de Golfregio worden gesommeerd om een enkele spuit te zetten bij een patiënt. Afgehuurde hotels in de nabijheid van ziekenhuizen blijken ook schering en inslag.

‘Ik opereerde ooit een Saoedische prins die met zijn familie en personeel op een verdieping van een Brussels hotel verbleef’, zegt Mottrie. ‘Dat moest per se in Brussel, hoewel hij werd behandeld in Aalst. Voor de nabehandeling vroeg hij onze verplegers naar Brussel te komen.’

Geen medisch toerisme

Soms lekt er weleens iets uit. In 2006 werd de steenrijke Russische oligarch Suleiman Kerimov na een crash met zijn Ferrari in Nice overgevlogen naar het brandwondencentrum van Neder-Over-Heembeek. Dat was op voorspraak van toenmalig Defensieminister André Flahaut (PS).

Kerimov verbleef er meerdere maanden nadat 30 procent van zijn lichaam zwaar was verbrand. Bij zijn ontslag bedankte hij iedereen met een Rolex. Nog een jaar lang werd hij in Rusland behandeld door Belgische militairen.

België is een bestemming voor topgeneeskunde, maar regelrecht medisch toerisme - zoals er een industrie voor tandingrepen bestaat in Hongarije of voor haarimplantaten in Turkije - kunnen we het zeker niet noemen, zegt Florianne Reisch, een Nederlandse die aan de KU Leuven medische reizen in alle bevolkingslagen naar ons land in kaart bracht.

Eerder gaat het om de aantrekkingskracht die bepaalde gereputeerde dokters en hun teams uitoefenen vanwege de unieke en gedurfde behandelingen die ze uitvoeren.

Die uitstekende naam bij de globale elite is moeilijk in harde feiten te vatten. Sinds 2011 telt de federale overheidsdienst Volksgezondheid wel alle buitenlandse patiënten die naar ons land komen voor medische zorg. Vanwege een ongerustheid dat hun komst tot hogere kosten of langere wachtlijsten zou kunnen leiden, houdt de overheid de gegevens bij in het Observatorium van Patiëntenmobiliteit.

‘Maar de vrees bleek volstrekt ongegrond’, zegt woordvoerder Jan Eyckmans. ‘Het aantal buitenlandse patiënten schommelt rond 1,3 procent en is nooit boven 2 procent geweest. Driekwart komt uit de buurlanden. Vanuit Nederland zijn er verzekeraars die mensen voor bepaalde terugbetaalde behandelingen verplicht naar Belgische ziekenhuizen sturen. Een vierde van de buitenlanders komt uit de rest van de wereld.’

Voor alle duidelijkheid: buitenlanders, ook sultans, betalen de volle pot, rechtstreeks of via hun ziekteverzekering, en kosten de Belgische sociale zekerheid niets. ‘Er is een gunstig effect op onze geneeskunde. Voor ziekenhuizen is het een goede zaak dure apparatuur voor complexe ingrepen zo vaak mogelijk in te zetten en te laten renderen. En dokters en verplegers onderhouden hun competentie door die ingrepen vaker uit te voeren.’

Consultatie: 50 euro

De elitepatiënt headhunt de best mogelijke dokter voor zijn probleem, en komt zo, onder meer, in onze contreien terecht. Hij wil toegang tot de professor die pionierde in een behandeling, en niet tot een discipel. En dat kan goed in ons land.

Hans Prenen, adjunct-diensthoofd oncologie aan het UZ Antwerpen met een specialisatie in maagdarmkanker, ziet 'geregeld' prominenten. Zoals onlangs nog, tussen twee vergaderingen door.

‘Het enige verschil is meestal dat ze eigen veiligheid en voeding mee hebben. Er waren al hooggeplaatste gasten die vreesden dat ze bij ons niet aan het juiste adres waren, omdat een consultatie, zoals voor iedereen, maar 50 euro kost. Dat voelt veel te goedkoop aan. In de Verenigde Staten kan het al 5.000 euro kosten om alleen nog maar je dossier te mogen opsturen.’

Prenen verklaart de internationale faam door de aanwezigheid van veel ‘key opinion leaders’ op een kleine oppervlakte. Dat zijn dokters die er in hun vakgebied bovenuit steken. ‘Het is al gebeurd dat op de jaarlijkse Amerikaanse topkankerconferentie ASCO drie van de vier belangrijkste speeches door Belgen werden gegeven. De wereld van de topgeneeskunde is klein. Iedereen kent iedereen, dus de goede naam gaat snel rond.’

Een reden is volgens Prenen dat België een gunstig klimaat heeft om klinische studies op te starten. Zo komen nieuwe medicijnen of innoverende behandelingsmethoden in een vroeg stadium beschikbaar, voor wie in aanmerking komt.

Taalkennis

En er is onze eeuwenoude taalkundige flexibiliteit. Zeker in Vlaanderen staan dokters erom bekend uitstekend Engels te spreken, en met die skill word je vaker uitgenodigd op de internationale congressen. ‘Zeker in de Arabische wereld is er interesse. Het is een regio met zeer kapitaalkrachtige mensen, terwijl de gezondheidszorg er niet altijd even goed is ontwikkeld.’

Die interesse ervaren ze ook al jaren in het Centrum voor Reproductieve Geneeskunde van het UZ Brussel, een van de Belgische instellingen met internationale faam. Het team van diensthoofd Herman Tournaye ontwikkelde in de fertiliteitskliniek de revolutionaire ICSI-procedure voor ivf-bevruchting, een techniek waarbij één zaadcel in een eicel wordt ingebracht en die intussen wereldwijd wordt toegepast.

Jaarlijks helpen Tournaye en collega’s bijna 3.000 koppels aan een baby. En dat lokt mensen met een kinderwens van over de hele wereld. Een kwart van de patiënten is buitenlander.

Vroeger waren er weleens excessieve eisen, zoals mannen die wilden dat hun zaadcellen per vlieg- tuig werden opgepikt.
Herman Tournaye, fertiliteitsspecialist

‘Daar is weleens een sjeik of een president bij, maar zoiets merken wij alleen aan de extra geblindeerde auto’s op de parking of als een man met een oortje bij de lift staat. Vaak hebben we het ook pas achteraf door. Prominenten zijn doorgaans heel down to earth, zeker onder vier ogen met dokters of verplegers. Capsones? Vroeger waren er wel eens excessieve eisen, zoals mannen die wilden dat hun zaadcellen per vliegtuig werden opgepikt. Maar dat is al lang onmogelijk. Het strookt niet meer met de kwaliteitsvoorschriften.’

Er is een significante connectie met het Midden-Oosten. Sommige grote werkgevers in de regio, zoals het ministerie van Defensie van de Emiraten, sponsoren behandelingen in de Brusselse kliniek voor hun werknemers. Omdat zo veel patiënten uit de regio overvliegen, opende de kliniek ooit satellietcentra in Koeweit en de Emiraten op verzoek van de lokale overheid, maar dat bleek praktisch niet leefbaar.

Werken aan de naambekendheid buiten de grenzen is wel een constante opdracht, zegt Tournaye. ‘Spreken, publiceren, contact houden. Je moet die vlag doen wapperen, anders hangt ze stil.’

Tralala

Pedro Brugada, de flamboyante Vlaams-Spaanse cardioloog met een hartritmesyndroom dat zijn naam draagt, ziet alle walks of life passeren in zijn kabinet. Onder hen zijn ook de groten der aarde, van staatshoofden tot topsporters en wereldsterren. ‘Meestal komen ze nadat hun dokter in eigen land hen heeft doorverwezen. Vaak zijn die doorverwijzende dokters leerlingen geweest van mij.’

Zijn specialiteit is de hybride ablatie, een operatie waarbij cardioloog en hartchirurg simultaan de oorzaak van hartritmestoornissen opsporen en ongedaan maken. Ook Brugada is een internationaal uithangbord van de Belgische geneeskunde. Maar hij laat zich niet beïnvloeden door de ‘tralala’ rond sommige prominenten. ‘Ik bekijk het strikt medisch. En de patiënten eigenlijk altijd ook.’

De zenuwen mogen nooit in het team sluipen omdat de patiënt op de tafel machtiger is dan anderen.
Pedro Brugada, cardioloog

Ooit kreeg hij een telefoontje met het verzoek stante pede alles te laten vallen en de toenmalige president van Kazachstan, Noersoeltan Nazarbajev, te zien. Hij stond beneden in het UZ in Jette waar Brugada werkt, en wilde hem ontmoeten. Even was er lichte paniek. Maar het ging om een zakelijke opportuniteit, en geen medisch noodgeval: of Brugada een kliniek wilde oprichten in de hoofdstad Astana.

‘Het slechtste dat je als dokter kan doen, is de omstandigheden naar je hoofd laten stijgen’, zegt Brugada. Hij spreekt van het vipsyndroom, een geijkte medische term. Er zijn voorbeelden van medici die het compleet verliezen omdat ze een megaster of miljardair moeten behandelen. De dood van onder anderen Elvis Presley en Michael Jackson wordt toegeschreven aan het fenomeen van de onder druk bezwijkende dokter.

Brugada: ‘De zenuwen mogen nooit in het team sluipen omdat de persoon die op tafel ligt machtiger is dan anderen. Altijd dezelfde protocollen volgen. Hoe rustiger, hoe beter. Er zijn toplui die zich daartegen beschermen door zich incognito aan te dienen.’

Aan geslaagde behandelingen hield Brugada al prominente vriendschappen over. ‘Dat is logisch, het gaat om ingrepen die levens veranderen. Als iemand binnenkomt met hevige borstpijn en je kan die wegnemen door de kransslagader weer open te maken, dan is je impact groot geweest. De dankbaarheid die je krijgt, is het mooiste aan de job.’

Vipverdieping

De rode draad in onze gezondheidszorg is dat elke patiënt evenveel waard is. Aan voorkeursbehandelingen wordt niet gedaan.

‘Of je nu drie privévliegtuigen bezit of nul euro op je rekening hebt staan, je krijgt dezelfde behandeling, en je betaalt evenveel’, zegt oncoloog Hans Prenen. ‘Dat blijft het mooie aan het Belgische systeem. Er is ook geen voorrang voor klinische studies of nieuwe behandelingsmethoden bij kankerbestrijding. Je kan geen plaats op die lijsten kopen. Wie medisch niet in aanmerking komt, krijgt de behandeling niet, hoe belangrijk hij ook is.’

Die gelijkheid moeten we koesteren, zeggen de topdokters, anders dreigen we af te glijden naar klassegeneeskunde zoals die in het buitenland bestaat. Bij ons dus geen circuits voor vips, geen aparte ingangen voor de wealthy few, en geen afhuurbare ziekenhuisvleugels. In de VS gebeurt het wel. Toen Jay-Z en Beyoncé in 2012 hun eerste dochter kregen, palmden ze de kraamkliniek van een ziekenhuis in Manhattan grotendeels in en stonden andere jonge ouders voor gesloten deuren.

Al heeft ons land ook privéziekenhuizen die met een speciaal aanbod een high-end publiek kunnen bedienen. De Europaziekenhuizen in Brussel hebben een aparte afdeling met luxekamers en een hotelservice. Ruime moduleerbare suites, gratis wifi, roomservice, meertalige hostessen, anonimiteit op aanvraag en een assortiment aan badkamerproducten. Het kan allemaal voor 330 euro per nacht, plus variabele ereloonsupplementen.

Alex Mottrie vindt dat die aanpak navolging verdient op grotere schaal, ook bij de algemene ziekenhuizen. Voor de uroloog en robotchirurg is het een no-brainer: de sector moet wat economischer denken. Hij zou in het Onze-Lieve-Vrouwziekenhuis in Aalst, waar hij werkt, wat graag een vipverdieping zien openen, met extra, dure diensten voor wie ervoor wil betalen.

‘Het zou een bijkomende bron van inkomsten zijn waar iedereen wel bij vaart. Als daardoor meer geld binnenkomt, kan je meer mensen aannemen en betere zorg aanbieden voor iedereen. Ziekenhuizen hebben het financieel al zo moeilijk.’

‘Nee, dat is geen klassegeneeskunde. Je moet dat abstract bekijken’, zegt Mottrie, die ook oprichter is van Orsi, het opleidingscentrum voor robotchirurgie in Melle. ‘Onze buitenlandse patiënten zijn niet van de minsten. Bij dat doelpubliek is wat te rapen. We hebben topgeneeskunde in dit land, technisch en sociaal. Net om ervoor te zorgen dat we dat niet verliezen onder financiële druk, moeten we die mogelijkheden aanboren. Laat ons vooral niet heiliger zijn dan de paus.’

‘Neem de sultan. Als hij zo veel kan betalen om een hotel af te huren, dan zou er toch ook wat meer af kunnen voor de Belgische geneeskunde, niet?’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n