Reumamiddel zet UCB op recordkoers

De Belgische biofarmagroep UCB heeft een sterk jaar achter de rug.

Het stermiddel Cimzia zal tegen 2024 een forse 2 miljard omzet draaien, terwijl UCB stevig investeert in de middelen die later dit decennium de opvolging moeten verzekeren.

Een van de 'oudere' blockbusters van UCB , het reumamiddel Cimzia, stuwt de groei en de goede resultaten van het Belgische biofarmabedrijf, blijkt donderdag uit de jaarresultaten.

De verkoop steeg vorig jaar met 18 procent naar 1,71 miljard euro, 35 procent van de groepsomzet. Nog belangrijker: er zit volgens UCB nog rek op. De groep verhoogt de verwachte piekverkoop tot 2 miljard euro tegen 2024. Eerder lag de lat op 1,7 miljard, een cijfer dat in 2019 al bereikt is. 

Dankzij Cimzia en ook het epilepsiemiddel Vimpat (verwachte piekverkoop van 1,5 miljard euro tegen 2022) bleek 2019 een boerenjaar voor UCB, dat vorige maand al aangaf dat de resultaten beter dan verwacht zouden zijn. 

De omzet klokt af op 4,91 miljard euro, ofwel 6 procent hoger dan een jaar eerder. Dat is iets beter dan de 4,87 miljard euro die analisten verwachtten en goed voor een winstmarge van 29 procent. De brutobedrijfswinst (rebitda) klom 2 procent naar 1,43 miljard euro. Dat is minder dan de 6 procent omzetgroei.

Kosten

De reden is de beloftevolle pijplijn van de groep, met verschillende producten in een vergevorderde onderzoeksfase. Er zijn positieve onderzoeksresultaten voor onder meer rozanolixizumab, een potentieel middel tegen de zeldzame spierziekte myasthenia gravis, en bimekizumab, een middel tegen ochtendstijfheid. Daarnaast mocht UCB in 'tweede zit' het osteoporosemiddel Evenity op de cruciale Amerikaanse markt lanceren

+10%
Onderzoek
UCB dreef de uitgaven voor onderzoek vorig jaar met 10 procent op tot 1,27 miljard euro.

UCB mikt op zes of zeven nieuwe medicijnen tegen 2025, waardoor de opvolgers voor de goed scorende 'oudjes' Cimzia en Vimpat, waarvan de patenten tussen 2022 en 2024 verstrijken, klaar lijken te staan om het estafettestokje van Cimzia en Vimpat over te nemen.

Allemaal goed nieuws, maar die pijplijn jaagt op korte termijn wel de kosten hoger. Over 2019 stegen de marketingkosten 15 procent naar 1,1 miljard euro, de onderzoekskosten - hoe verder het onderzoek staat, hoe groter en duurder de klinische tests - gingen 10 procent hoger naar 1,27 miljard euro. Daarom dat de winst geen gelijke tred houdt met de omzet. 

Netto daalde de winst zelfs met 1 procent naar 792 miljoen euro of 4,23 euro per aandeel, vooral door een herstructureringslast van 50 miljoen om de 'Europese organisatie te stroomlijnen'. Exclusief die reorganisatie stijgt de courante nettowinst met 9 procent naar 5,20 euro per aandeel. Het dividend stijgt - traditiegetrouw - licht: + 2 procent naar 1,24 euro per aandeel.

Voor 2020 verwacht UCB een lichte groei van de omzet, tot ongeveer 5,1 miljard euro. Dat is grosso modo in lijn met de verwachting van de analisten. De uitgaven voor onderzoek en marketing zouden wel licht op de winstmarge wegen: die zou tussen 28 à 29 procent uitkomen. De courante nettowinst zou rond 5 euro uitkomen, een daling tegenover 2019.

Ondanks die volgens analisten 'voorzichtige' prognose tonen beleggers zich tevreden over het sterke 2019 en de hogere piekverkopen voor Cimzia. Het aandeel UCB koerst in Brussel tot 4 procent hoger naar 93 euro, een record. Beurshuis UBS merkt bovendien op dat de prognose voor 2020 nog geen rekening houdt met de recente overname van het Amerikaanse Ra Pharma, een deal die juridisch nog niet helemaal rond is. 

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud