De Kempen, het Silicon Valley van de metallurgie

Jan Vliegen, senior vice-president cobalt & specialty materials bij Umicore: 'na 35 jaar werken in de non-ferrosector ben ik nog altijd verbaasd over de nieuwe ontwikkelingen die hier tot stand komen. ©Jonas Lampens

Metallurgie oldskool? Vergeet het! In de Kempen recycleert, raffineert en transformeert een kleine cluster van vijf bedrijven de metalen en materialen van de toekomst. Hun expertise en samenwerking is uniek in de wereld.

Welkom in Olen, zegt een groot bord als we de Watertorenstraat indraaien. Veel tijd om te mijmeren over de beroemde pot met zijn drie oren hebben we niet. Voor ons doemt de 2 kilometer lange site op waar de fabrieken van de twee recyclagegiganten Aurubis en Umicore naadloos in elkaar overvloeien. Voor de gezamenlijke truckingang staat een enorm gebouw in de steigers. Daar komt het nieuwe ‘competentiecentrum voor batterijmaterialen’ van moederbedrijf Umicore.

‘Noem ons concullega’s’, zegt Jan Vliegen van Umicore als hij ons verwelkomt op zijn stukje fabriek. ‘We zijn concurrenten, maar we doen veel dingen samen. Wij raffineren kobalt uit Congolese mijnen en uit recyclage tot zuiver kobalt. Aurubis verwerkt koperschroot tot zuiver koper.’ Het door Aurubis verwerkte koper vindt zijn toepassingen in koperdraad, in elektronica en in batterijen. Wie denkt dat koper met de opkomst van de elektrische wagen een aflopende business dreigt te worden, heeft het mis. In een klassieke auto zit ongeveer 15 kilogram koper, in een e-auto 60 kilogram.

©Mediafin

Toen de fabriek van Aurubis nog een onderdeel van Umicore was - in 2004 splitste de materiaaltechnologiegroep haar koperdivisie af in Cumerio, dat nadien in handen kwam van de Duitse koperraffinagegigant Aurubis - stond er nog een muur tussen de twee fabrieken. Nu niet meer. Vliegen wijst in de verte. ‘Zie je dat daar? Dat is een schroothoop vol koper. Daar begint de site van Aurubis.’

Beide bedrijven hebben een gezamenlijke medische dienst, een wasserij, een weegbrug, een gemeenschappelijke brandweer en baten samen vier windmolens uit. Samen investeerden ze ook in een warmtekrachtkoppelingscentrale. Aurubis gebruikt vooral de stroom, Umicore de stoom. Ook ‘zakelijk’ wordt samengewerkt. ‘Bij de raffinage van koper bij Aurubis komt nikkel vrij’, zegt Vliegen. ‘Wij verwerken dat tot nikkelsulfaat voor herlaadbare lithium-ionbatterijen.’

Eten doen de werknemers van de twee sites niet samen. ‘Wij hebben vorig jaar in een splinternieuwe refter geïnvesteerd’, zegt Vliegen fier. De oude refter werd vereeuwigd in ‘Groenten uit Balen’, een Vlaamse film op basis van het boek van Walter van den Broek over een ophefmakende staking in 1971 in de zinkfabriek van Vieille Montagne in Balen - nu Nyrstar - en de impact op de lokale bevolking. ‘Waarom de refter in Olen?’ Vliegen lacht. ‘Omdat de fabriek in Balen, die toen ook tot Umicore behoorde, geen restaurant had.’

Congo

Het kobalt dat op de site in Olen wordt geproduceerd, wordt gebruikt in herlaadbare batterijen, voor het hardmaken van gereedschap, in pigmenten, in de versterking van autobanden, in dierenvoeding - denk aan de likpalen voor koeien - en in keramiek zoals Delfts blauw. ‘De belangrijkste groeimarkt zijn natuurlijk herlaadbare batterijen voor smartphones en elektrische auto’s.’ Umicore raffineert hier ook germanium uit China en Rusland. Dat wordt gebruikt voor zonnecellen in satellieten, lenzen van infraroodcamera’s en ledverlichting.

Umicore verwerkt in Olen nikkel tot nikkelsulfaat. Dat wordt onder meer gebruikt in lithium-ionbatterijen. ©Jonas Lampens

De roots van de gigantische site gaan terug tot 1912. De Kempenaar Jozef Leemans, die in Oud-Turnhout een schoensmeerbedrijf had, leerde in die periode de mogelijkheden kennen van ertsen die ons land uit Katanga haalde, de mijnprovincie van onze voormalige kolonie Congo.

Hij verkaste naar Olen en begon er met de productie van bichromaat en chroomaluinkristallen. In 1919 werden fabrieken in Hoboken - een specialist in lood - en Reppel - een arsenicumfabriek - gekocht en ontstond MHO. In de jaren nadien werden een radiumfabriek, een kobaltfabriek en een koperraffinaderij gebouwd.

Van 1922 tot de jaren 70 werden hier radium en uraniumproducten geproduceerd voor medische toepassingen. Dat uranium gebruikten de VS voor de aanmaak van de atoombommen die ze in de Tweede Wereldoorlog op Hiroshima en Nagasaki dropten. In 1989 ging MHO met Vieille Montagne en Acec-Union Minière op in Union Minière, dat in 2001 Umicore werd.

De radiumfabriek is er niet meer. En het lab waar ooit de Nobelprijswinnares Marie Curie, de Franse radioactiviteitspionier en uitvinder van radium, werkte, is afgebroken. Maar de radioactieve periode is niet weggewist. Iets voorbij de warmtekrachtkoppeling passeren we een gigantische ommuurde berg. ‘Alle materiaal dat ooit met radioactief radium in contact kwam, tot heftrucks toe, zit hier in die loodbunker’, zegt Vliegen. ‘Dat materiaal mag niet vervoerd worden en blijft hier. Voor altijd waarschijnlijk. Volledig in overleg met de overheid.’

Vliegen doorliep alle regionen van de groep - van researcher, over fabriekshoofd tot directie - en gaat over enkele weken met pensioen. Na 35 jaar non-ferro is de doctor in de scheikunde nog altijd verbaasd over de nieuwe ontwikkelingen die hier tot stand komen. ‘Wat Umicore doet in de recyclage, raffinage en transformatie van de 25 elementen in de tabel van Mendelejev, is uniek in de wereld.'

‘Wat Umicore doet in de recyclage, raffinage en transformatie van de 25 elementen in de tabel van Mendelejev, is uniek in de wereld.’
Jan Vliegen
senior vice president Umicore cobalt & specialty materials

'Metallurgie is geen oldskool industrie, zoals veel mensen denken. Overal waar je rondkijkt, vind je onze metalen. En we ontwikkelen steeds nieuwe dingen. Olen is de basis van wat wij wereldwijd doen. Hier werken 230 researchmensen. Toen je naar hier reed, zag je ongetwijfeld het nieuwe technologiecentrum voor batterijmaterialen dat we aan het bouwen zijn. Ons onderzoek op dat vlak is gigantisch. Batterijrecyclage klinkt simpel. Maar uit 300 batterijtypes efficiënt materialen halen is niet evident. Het is niet omdat je soep kan maken in een terrine dat je 100 m³ soep per dag kunt maken.’

Campine en Metallo

Umicore werkt ook samen met Campine en Metallo, twee non-ferrorecyclagebedrijven 20 kilometer verderop in Beerse, langs het kanaal Dessel Schoten. ‘Die samenwerking zal in de toekomst alleen maar groter worden’, voorspelt Wim de Vos, de topman van Campine, dat er een gigantische loodrecyclagefabriek uitbaat.

‘Er wordt steeds meer gerecycleerd, recyclage wordt steeds complexer en elk restmetaal is altijd wel voor iemand interessant en wordt dan doorgestuurd naar een andere bedrijf. Tegelijk behoudt elk bedrijf zijn specialisatie. Wij focussen hier op lood en antimoon, Metallo op koper en tin, het iets verder gelegen Nyrstar - de afgesplitste zinkdivisie van Umicore - op zink, Aurubis op koper en Umicore op vele andere metalen. Daardoor zijn we eigenlijk geen concurrenten.’

Jo Rogiers, de vroegere CEO van Aurubis en nu bevoegd voor technologie bij de Duitse groep, noemt de samenwerking tussen en de complementariteit van de Kempense metaalrecyclagebedrijven uniek in de wereld. ‘De Kempen zijn het Belgische Silicon Valley van non-ferrorecyclage’, zegt hij zonder schroom. ‘De recyclage-expertise, de metalenkennis ontstond hier een eeuw geleden, toen vanuit Congo allerlei metalen - eerst koper, dan zilver - naar Vlaanderen kwamen. Zo werd hier een unieke kennis ontwikkeld. Hier gaat niets verloren. Als wij niets met een metaal kunnen aanvangen, kan een ander er wel mee verder, en omgekeerd.’

‘Hier gaat niets verloren. Als wij niets met een metaal kunnen aanvangen, kan een ander er wel mee verder, en omgekeerd.’
Jo Rogiers
senior vice president technology Aurubis Group

Vrees dat die non-ferrokennis ooit naar het buitenland verhuist, heeft Rogiers niet. ‘Je kan dat niet zomaar verhuizen. Bovendien zijn hier de afgelopen decennia honderden miljoenen euro’s in de sector geïnvesteerd. Dat garandeert een stevige verankering.’

Overname

Toch volstaat de samenwerking niet voor iedereen. Vorige week maakte het Duitse Aurubis bekend dat het Metallo overneemt voor 380 miljoen euro. Metallo recycleert koper, tin, lood en nikkel uit metaalafval van containerparken, metaalverwerkers en autoshredders. Het afval komt van koper- en bronsgieterijen, radiatoren, koperkabels en elektrische motoren.

Metallo is de grootste producent ter wereld van gerecycleerd tin en de enige ter wereld die uit tinafval tin met een tingehalte van 99,97 procent produceert. De tinnen blokken worden verhandeld op de Londen Metal Exchange. Doordat het tin een laag loodgehalte heeft, wordt het gebruikt in de voedings- en elektronicasector, onder meer in smartphones en andere elektronica. Het bedrijf recycleert ook metaalslakken tot innovatieve producten voor de bouw.

‘De verwerkingsexpertise en de metalenkennis van Metallo is complementair met de onze’, legt Dany Lloret, fabrieksdirecteur van Aurubis Olen, uit. ‘Metallo raffineert het koper tot ongeveer 98 procent. In onze fabriek wordt koper verder geraffineerd tot een zuiverheid van 99,99 procent. Door de overname kunnen we diversifiëren naar andere materialen en onze productieflows optimaliseren. Metallo stuurt materiaal naar ons, en wij kunnen nu makkelijker onze tussenproducten na raffinage terug naar Metallo sturen. Metallo heeft een zerowastemodel. Dat is heel belangrijk.’

Metallo wordt binnenkort dan wel een onderdeel van het grote Aurubis, historisch is het nauwer gelinkt aan zijn overbuur Campine. Ooit maakten ze samen deel uit van de in 1912 opgerichte Compagnie Métallurgique de la Campine. Die ontwikkelde zich - net als Umicore - in de nasleep van de kolonisatie van Congo. Na de Eerste Wereldoorlog splitste het bedrijf zijn koperproductie af in Metallo Chimique. De verwerking van antimoon, koper en brons bleef bij Campine.

Meer dan recyclage

Campine is uitgegroeid tot een specialist in de recyclage van klassieke autobatterijen - 90.000 ton vorig jaar of meer dan 3 miljoen batterijen - waaruit het lood puurt. ‘Wereldwijd gaat 80 procent van al het lood naar batterijen. Lood wordt in de toekomst alleen maar belangrijker’, zegt De Vos. ‘Veel mensen weten dat niet, maar een elektrische auto heeft nog altijd een loodbatterij nodig om de vele elektronica - airco, radio, ramen, gps - van stroom te voorzien.’

‘Veel mensen weten dat niet, maar ook een elek trische auto heeft een loodbatterij nodig om alle elektronica van stroom te voorzien.’
Wim De Vos
CEO Campine

Campine mag dan een van de grootste Europese spelers in loodrecyclage zijn, in Beerse-dorp weet ruim de helft van de inwoners niet wat het bedrijf precies doet. ‘Een probleem om personeel te vinden’, geeft De Vos toe. ‘Daarom zijn we met een rebranding begonnen en gaan we ons actiever profileren op sociale media.’ In samenspraak met milieuverenigingen is op het natuurdomein waar de fabriek is ingeplant een vleermuizenhotel gebouwd.

Behalve lood verwerkt Campine ook antimoon - een zilvergrijs metaal - tot antimoontrioxide, een poedervorming vlamvertragend ingrediënt. De plasticindustrie maakt er haar kunststof voor dashboarden, zitjes in voetbalstadions, kledij (Sioen is klant), isolatiepanelen, kabels en elektrische apparaten brandvertragend mee.

De Vos: ‘Antimoontrioxide is een van de meest gebruikte brandvertragers op de markt. Brandvertragend materiaal is een groeimarkt. Onze woningen zijn volgestouwd met plastic en dus veel brandgevoeliger. In de jaren 60 had je acht minuten om bij een brand je huis veilig te verlaten, nu ben je bij een kortsluiting het best al na twee minuten buiten. Na de brand in 2017 van de Grenfell Tower in Londen is de verkoop van onze antimoontrioxide flink de hoogte ingegaan.’

Ook bij Campine wordt constant geïnnoveerd. Op de site komt een installatie om de plasticbehuizing rond de klassieke autobatterijen te recycleren. Dat maakt deel uit van een investeringsplan van 25 miljoen euro. Begin 2021 wordt daarmee begonnen.

‘Alle batterijproducenten, maar ook chemische bedrijven, zijn nu al geïnteresseerd in dat gerecycleerde polypropyleen omdat het zo zuiver is’, zegt De Vos. ‘Wat we hier doen, is een schoolvoorbeeld van circulaire economie. De overname van Metallo toont aan dat de non-ferrorecyclage gegeerd is.’

Ook Aurubis wil in Olen meer doen dan koperschroot recycleren en koperdraad produceren. Ook al vormt die koperdraad de basis van op maat gemaakte profielen die onder meer werden gebruikt voor de deeltjesversneller van het CERN in Genève en in magneettreinen.

‘We hebben een spin-off opgericht waarmee we grafeencoatings gaan commercialiseren’, zegt Rogiers. ‘Dat is geen recyclage meer, maar echte productinnovatie. Met die coatings kunnen we de elektrische en thermische geleidbaarheid van koperen stroomgeleiders in onder meer elektrische auto’s verbeteren. Dat maakt het mogelijk een stroomgeleider kleiner te maken, wat het gewicht van de batterij van de e-auto vermindert. Maar je kan er ook voor kiezen meer stroom door je kabel te jagen, wat de actieradius van je batterij verbetert. Een andere applicatie is de verbetering van het transport van elektriciteit op lange afstanden, zoals van windmolens op zee naar het vasteland. Met onze coating is een hoogspanningslijn veel beter bestand tegen doorbranden tijdens piekbelastingen.’

Kruisbestuiving

Ook de technologiefederatie Agoria is overtuigd van de unieke expertise van de Belgische non-ferro. Specialist Patrick Van den Bossche vindt de Silicon Valley- omschrijving voor geen meter overdreven. ‘België produceert bijna alle non-ferrometalen. Dat gaat van basismetalen als koper, zink, lood, tin, nikkel, over edele metalen als zilver, goud, iridium, rhodium tot speciale metalen als kobalt, germanium, antimoon, seleen. Elke smartphone bulkt ervan. Die metalen zijn de bron van alle toekomstige elektronica.’

Volgens Europese cijfers produceert ons land per capita het grootste aandeel non-ferrometalen in Europa. Een groot deel van die grondstoffen komt uit de Kempen. Van den Bossche: ‘Hoe dat komt? Alles is begonnen met Congo natuurlijk, maar het unieke is dat die Kempense bedrijven hun procestechnologie altijd verder ontwikkeld hebben. Ze zijn niet blijven steken in basismetalen. Iedereen kan een oven kopen. Maar je hebt het savoir-faire nodig om er iets mee te doen. Dat die bedrijven op zo’n kleine oppervlakte zo veel verschillende metalen recycleren en produceren, met elk hun niches en hun links, is uniek. Nergens anders vind je zoveel kennis. Veel mensen denken dat non-ferro een oubollige basisindustrie is, iets easy. Niets is minder waar. Het is een complexe industrie, die werkt aan de uitdagingen van de toekomst. Een ervan is: hoe maken we batterijen van de e-auto efficiënter? Maar er zijn er veel meer.’

Volgens Van den Bossche leidt die unieke Kempense kruisbestuiving ook tot tal van innovaties bij andere bedrijven, tot ver buiten de Kempen. ‘Umicore is natuurlijk toonaangevend, maar in het zog van de Kempense bedrijven ontwikkelen zich kmo’s die hun eigen ding doen in hun niche. Kijk naar Affilips in Tienen. Dat bedrijf maakt voorlegeringen van heel exotische metalen die het dan verkoopt aan andere bedrijven, zoals de aluminiumproducent Aleris in Duffel, dat er zijn eigen aluminiumlegering van maakt. Een wereldspeler in zijn vak.’

Een andere parel, aldus Van den Bossche, is Rezinal uit Heusden-Zolder. Dat bedrijf hersmelt volgens een eigen ontwikkeld proces zinkschroot tot nieuw zuiver zink. Zijn klanten zijn galvanisatoren. ‘Dat maakt de cirkel rond. Er wordt nergens zoveel gegalvaniseerd als in de Kempen. Ook Lamifil uit Hemiksem is een pareltje. Dat bedrijf maakt aluminium kabels voor hoogspanningslijnen en koperen kabels voor elektriciteitstoepassingen. Ook daar is goede kennis van metalen voor nodig. Het Leuvense PEC is dan weer een wereldspeler in de bouw van machines om batterijen samen te stellen. De afgelopen tien jaar werd in de Belgische non-ferrosector - die ongeveer 7.800 werknemers telt - gemiddeld 200 miljoen euro per jaar geïnvesteerd. Veel geld toch?’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect