‘IT maakt iedereen kwetsbaar'

©BELGA

De panne bij Argenta dwingt de Belgische IT-managers tot zelfreflectie. ‘We moeten af van de gewoonte nieuwe systemen met een big bang te lanceren.’

Wie nog betwist dat onze maatschappij kwetsbaar is geworden door de grote afhankelijkheid van digitale technologie hoeft er maar de kranten van de voorbije weken op na te slaan. De klanten van de bank Argenta konden dagenlang niet online bankieren door een IT-panne. De openbaarvervoermaatschappij De Lijn verspilde de voorbije jaren tientallen miljoenen aan het geflopte ICT-project Retibo. En in heel Europa moesten vorige week vliegtuigen aan de grond blijven door een systeempanne bij de luchtverkeersleiders van Eurocontrol. Er gaat geen dag voorbij of ergens op deze aardbol draait het grondig in de soep omdat de IT-systemen van een grote organisatie het laten afweten.

De verleiding is groot die problemen te reduceren tot geïsoleerde incidenten, die al dan niet het gevolg zijn van slecht management. Maar de realiteit is dat veel IT-managers zich in stilte afvragen of zo’n debacle ook niet in hun bedrijf zou kunnen voorkomen.

In elke vergadering die ik de voorbije twee weken heb meegemaakt, was Argenta hét gespreksonderwerp.
Danielle Jacobs, directeur bij de ICT-vereniging Beltug

‘In elke vergadering die ik de voorbije twee weken heb meegemaakt, was Argenta hét gespreksonderwerp’, zegt Danielle Jacobs, directeur bij Beltug, de vereniging van ICT-verantwoordelijken bij bedrijven en overheden. ‘Niet dat er veel onbegrip was voor wat de bank heeft meegemaakt. Mensen herkenden veel van de problemen. Dit had evengoed bij ons kunnen gebeuren, was veeleer de teneur.’

Dat is ook het aanvoelen van Renaat Truijen, de ICT-directeur van de ziekenhuisgroep ZNA, die negen ziekenhuizen in het Antwerpse omvat. ‘Honderd procent ‘uptime’, de garantie dat alles voortdurend naar behoren draait, is helaas niet meer van deze wereld. Net voor ik bij het ZNA aan de slag ging, hadden we ook een panne waarbij de systemen in ons ziekenhuisnetwerk enkele uren plat gingen. Maar zelfs giganten als Google of Facebook kampen ermee. Dat is nu eenmaal de prijs die we betalen voor die complexe structuren die bedrijven wel veel efficiënter doen draaien.’

Verweven

IT kreeg de voorbije jaren zo’n centrale operationele rol dat bijna elke onderneming verveld is tot een IT-bedrijf. ‘Alles is vandaag via IT-systemen met elkaar verweven’, legt Jacobs uit. ‘Vroeger moest een personeelsdienst bij wijze van spreken alleen registreren wie erbij kwam en wie vertrok. Als vandaag iemand het bedrijf verlaat, moet je er ook op toezien dat die geen toegang meer heeft tot de IT-infrastructuur en dat al zijn mobiele toestellen worden afgesloten.’

IT is doorgedrongen in nagenoeg alle afdelingen van bedrijven doordat werknemers en managers zelf vragen naar digitale oplossingen waarmee ze productiever en concurrentiëler kunnen zijn. Maar dat plaatst de eindverantwoordelijken voor veel uitdagingen: niet alleen moeten er steeds meer verschillende toepassingen en toestellen geïntegreerd worden, in de digitale ratrace moet dat ook altijd maar sneller gebeuren. Jacobs: ‘Als een bedrijf vroeger een nieuw systeem wilde installeren, werd dat ingetekend in een jaarplanning waar iedereen zich aan kon houden. Nu gaat dat niet meer.’

Koterijen

Veel bedrijven modderden jaren aan door ‘koterijen’ bij te bouwen boven op hun bestaande IT-infrastructuur. Maar het kost steeds meer tijd en geld om die complexe systemen te onderhouden.

‘Het wordt ook steeds moeilijker om mensen te vinden die nog in staat zijn die verouderde systemen te onderhouden’, vult Truijen aan. De ICT’er geeft de financiële sector als voorbeeld. ‘Veel grootbanken draaien op systemen die soms veertig tot vijftig jaar oud zijn. Op zich is daar niets mis mee: als je een rijhuis van tachtig jaar oud volledig renoveert, blijft dat ook bewoonbaar. Maar je vindt nauwelijks nog informatici die de computertalen willen leren om die oudere systemen aan de praat te houden. Vergelijk het met de discussies op school. Waarom zou je Latijn studeren als Engels vandaag dé wereldtaal is? Net om die reden willen IT’ers vandaag geen oude codeertalen zoals Cobol leren.’

Veel grootbanken draaien op systemen die soms veertig tot vijftig jaar oud zijn. Op zich is daar niets mis mee: als je een rijhuis van tachtig jaar oud volledig renoveert, blijft dat ook bewoonbaar. Maar je vindt nauwelijks nog informatici die de computertalen willen leren om die oudere systemen aan de praat te houden.
Renaat Truijen
ICT-directeur ZNA

De problematiek verklaart ook waarom veel bedrijven na verloop van tijd overschakelen op een compleet nieuwe ITinfrastructuur. Maar vaak lopen bij die transitie de zaken fout.

Volgens Jan Sabbe, een freelance softwarearchitect met veel ervaring in zulke transitieprojecten, maken veel bedrijven de fout te kiezen voor een ‘big bang release’, waarbij ze een heel IT-systeem in één keer door een nieuw proberen te vervangen.

‘Bij Argenta is dat jammerlijk mislukt. Maar het is geen alleenstaand geval’, zegt hij. ‘Veel bedrijven die zo’n big bang hebben geprobeerd, gingen de mist in. Niet zelden gaat het om investeringen van miljoenen euro’s die nooit in de productiefase geraken. In het geval van Argenta kwamen de problemen in de openbaarheid, maar je mag ervan uitgaan dat veel onder de radar blijft.’

De top van Argenta omschreef de IT-transitie meermaals als een openhartoperatie. Volgens Sabbe wijst die beeldspraak erop dat bedrijven de complexiteit van wat ze doen niet goed vatten. ‘Bedrijven hanteren nog vaak de verkeerde methodes om complexe IT-veranderingen door te voeren. Het gebruik van die metaforen geeft aan dat ze zelf het overzicht niet hebben.’

Liever geleidelijk

Truijen is het daarmee eens. ‘Ik merk inderdaad dat in veel bedrijven wordt overwogen meteen alles te veranderen. Dat is aantrekkelijk, want als alles goed gaat, ben je ineens van alle miserie af. Maar eigenlijk is die aanpak te mijden. Je kan beter alles geleidelijk opbouwen en twee systemen een poos naast elkaar laten bestaan. Al vergt dat veel van je werknemers, want zij moeten constant rekening houden met twee complexe motoren waarop hun bedrijf draait.’

Net omdat alles zo complex is geworden, zijn ondernemingen geneigd veel van hun cruciale IT-infrastructuur uit te besteden aan meer gespecialiseerde ondernemingen. Bedrijven die met grote IT-problemen kampen, wijzen overigens vaak naar die externe partners als medeverantwoordelijken. Ook Argenta liet op zeker moment uitschijnen dat een trage connectie met de datacenters van zijn outsourcingpartner Cegeka aan de basis van het probleem lag. Beide bedrijven werken al samen sinds 1995, en Argenta vernieuwde pas begin vorig jaar een contract om al zijn banktoepassingen in de cloud van Cegeka te laten draaien.

Volgens de meeste specialisten is het te simpel externe leveranciers met de vinger te wijzen. ‘Heel vaak is het een gedeelde verantwoordelijkheid’, vindt Sabbe. ‘Maar uiteindelijk blijft elk bedrijf verantwoordelijk voor zijn eigen acties. Je kan moeilijk jaren samenwerken met een externe partner en als het mis gaat plots zeggen dat je niet tevreden bent.’

Voorkomen is ook hier beter dan genezen. ‘Veel managers onderschatten vandaag de juridische kant van de digitale omwenteling’, stelt Jacobs. ‘Je kan veel zaken outsourcen. Maar je juridische verantwoordelijkheid als er iets fout loopt, kan je niet uitbesteden. Ook daarvoor moet je vooraf duidelijk vastleggen waar de risico’s zitten.’

Mee groeien

Veel bedrijven staan vroeg of laat voor de vraag of ze hun data bij een extern datacenter moeten hosten, dan wel hun eigen datacenter moeten beheren. Daar komen massa’s factoren bij kijken, zoals de garanties inzake privacy en beveiliging, de snelheid en de kostprijs. Maar bedrijven onderschatten ook vaak dat hun datacenter mee moet groeien met hun eigen IT-systeem, zegt Laurens van Reijen van LCL Belgium, dat in ons land drie datacenters uitbaat voor bedrijfsklanten. ‘De computerkracht en de datavolumes zijn de voorbije tien jaar enorm toegenomen. Ook de energie en de koeling van een datacenter moeten dan mee evolueren.’

Wat het gevolg kan zijn van slecht onderhouden datacenters weten ze in de luchtvaart maar al te goed. Meerdere maatschappijen, onder meer Delta Airlines en British Airways, liepen de voorbije jaren tientallen miljoenen mis door geannuleerde vluchten als gevolg van storingen in hun datacenters. De luchtvaart is niet toevallig een hyperconcurrentiële sector, waar de verleiding groot is om te besparen op de IT-budgetten.

Volgens Jacobs wordt in veel raden van bestuur wel volop gediscussieerd over de vraag of en wat nog moet worden uitbesteed aan derde partijen. ‘Je merkt dat veel bedrijven hun IT-infrastructuur nu opdelen in verschillende ‘bouwblokken’ en nagaan welke ze kunnen overlaten aan andere spelers.’

Door die manier van werken ontstaat soms ook een nieuwe dynamiek. ‘Een chemiebedrijf als Prayon, uit Ruisbroek, begint nu ook eigen software te verkopen aan klanten in regio’s waar het zelf niet actief is. De heftruckspecialist Thermote en Vanhalst werkte via het internet der dingen een systeem uit om een efficiënte inventaris te kunnen maken van al zijn vervangstukken en wil die technologie nu commercialiseren via een apart dochterbedrijf.’

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content