Europa pakt 'kamperende truckers' uit lageloonlanden aan

©Photo News

Europa heeft nieuwe regels voor het wegtransport goedgekeurd. Die pakken onder meer sociale dumping en oneerlijke concurrentie aan. Maar sommige Belgische transporteurs verslikken zich in de nieuwe regeling voor 'cabotage'.

'Er zijn pro en contra's aan het nieuwe Europese mobiliteitspact', zegt Lode Verkinderen van de Vlaamse transportfederatie TLV. 'Positief is dat de oneerlijke concurrentie fundamenteel wordt aangepakt.'

Alle truckchauffeurs moeten volgens het Europese 'Mobility Package' om de vier weken thuis weekendrust nemen. Elk voertuig moet om de acht weken verplicht terugkeren naar zijn thuisland.

Met die maatregelen wil Europa een einde maken aan schrijnende toestanden waarbij chauffeurs uit lageloonlanden wekenlang op parkings in hun cabine leven en permanent in Europa rondrijden.

Met de terugkeer naar de standplaats in de lidstaat van de vestiging en de verplichting daar 'substantiële activiteiten' te hebben wil Europa ook de postbusbedrijven aanpakken. Slimme tachografen moeten de naleving afdwingen.

De transportvakbonden zien de twee maatregelen als een belangrijke stap in de verbetering van de werkomstandigheden van de chauffeurs.

Door de nieuwe cabotageregel zien veel Vlaamse transportbedrijven die op Frankrijk rijden hun businessmodel in duigen vallen.
Lode Verkinderen
Directeur Transport en Logistiek Vlaanderen (TLV)

Een ander positieve beslissing, aldus Verkinderen, is de aanpak van de 'camionettisering'. Steeds meer vrachtvervoerders rijden met bestelwagens in plaats van trucks omdat de regels daar veel soepeler zijn. Europa besliste dat alle bestelwagens vanaf 2,5 ton voor internationale transporten ook een transportvergunning en een tachograaf moeten hebben. Ze moeten ook dezelfde rij- en rusttijden als de truckchauffeurs hanteren.

Afkoelingsperiode

Maar er is ook minder goed nieuws, zegt Verkinderen. 'Europa voert een 'cooling-off' periode in voor transporteurs die in het buitenland aan cabotage doen'. Dat zijn nationale transporten uitgevoerd door een transporteur uit een ander land. Nu mag een Belgische transporteur maximaal drie 'cabotageritten' uitvoeren in een andere lidstaat in een periode van zeven dagen. Dan moet hij het land uit. Dat blijft zo, maar Europa voegt daar nu een afkoelingsperiode van vier dagen aan toe.

'Dat is vooral slecht nieuws voor Oost- en West-Vlaamse transporteurs die regelmatig op Frankrijk rijden', zegt Verkinderen. 'Nu zijn er veel die dagelijks naar Parijs rijden, daar nog iets oppikken, dat afzetten in zeg maar Rijsel en dan naar België komen en thuis gaan slapen. Maar zodra je in je thuisland terugkeert, moet je volgens de nieuwe wet vier dagen wachten vooraleer je in Frankrijk weer een 'nationale rit' kan uitvoeren. Als dat je businessmodel is - volgens een enquête rijden 10 procent van de Belgische transporteurs dagelijks van en naar Frankrijk op die manier - heb je een groot probleem.' Voor Nederland en Luxemburg, twee Beneluxlanden, gelden die cabotageregels niet.

Volgens de Belgische transportfederatie Febetra voert een kwart van de 9.700 Belgische transporteurs wekelijks cabotageopdrachten uit in de buurlanden. Cabotageritten zijn voor veel transporteurs, die werken met winstmarges van 1 à 2 procent, de enige manier om concurrentieel te blijven omdat ze na een internationale rit op de terugweg vracht in andere steden oppikken of afzetten. Nu zullen ze vaak leeg moeten terugrijden of weer internationale vrachten meenemen, maar daar is de concurrentie veel groter.

De Belgische transportfederaties Febetra en TLV ijverden om die maatregel te laten vallen. Dat is niet gelukt. Verkinderen: 'Grote landen zoals Frankrijk en Duitsland willen op die manier hun markt beschermen.'

Over het Mobility Package is drie jaar gediscussieerd. De nieuwe rij- en rusttijden treden waarschijnlijk in september al in voege. Voor de toepassing van de andere regels krijgt de sector anderhalf jaar.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud