Drones klaar voor versnelling dankzij soepeler regels

©Tim Dirven

Over exact een jaar vervangen soepeler Europese regels over het gebruik van drones de vrij strikte Belgische beperkingen. Dat kan de toepassing van drones in het bedrijfsleven een flinke zet geven.

Er wacht de Belgische dronesector een versnelling, iets meer dan drie jaar nadat die officieel gestalte heeft gekregen. In april 2016 bepaalde de overheid voor het eerst wie zo’n onbemand vliegend toestel mocht besturen. Die regels gaan over een jaar op de schop. Vanaf juli 2020 gelden nieuwe, door Europa voorgeschreven, regels.

De nieuwe regels zijn een pak soepeler dan de Belgische, menen waarnemers. Bij de ontwikkeling van de wetgeving stonden twee blokken tegenover elkaar: landen met soepeler regels, zoals het Verenigd Koninkrijk, versus landen met striktere, zoals België. ‘Het eerste kamp heeft het gehaald’, erkent Sven Hendryckx, woordvoerder van de federale overheidsdienst Mobiliteit.

De nieuwe regels gaan uit van een radicaal andere visie op de inzet van drones, stelt Seppe Oyen, community manager bij de Limburgse dronecampus Droneport. ‘De huidige regels vertrekken vanuit het idee dat niets mag, tenzij we zeggen dat het mag. Bij de Europese wetgeving is dat omgekeerd: alles mag, tenzij we zeggen van niet.’

In de nieuwe regels wegen de risico’s die bij een vlucht horen zwaarder dan het soort drone dat ingezet wordt. Dat risicoprofiel bepaalt welke acties een dronepiloot moet ondernemen voor hij zijn drone het luchtruim in kan sturen. Vooral voor vluchten met een laag risicoprofiel wordt veel meer mogelijk.

Dat blijkt onder meer uit de maximumhoogte voor dronevluchten. Die lag tot nu op 45 meter voor exemplaren onder 5 kilogram, en op 90 meter voor drones tussen 5 en 150 kilogram. Met de nieuwe regels kunnen drones tot 25 kilogram meteen naar 120 meter hoogte gaan. De voorwaarde is dat ze wegblijven van mensenmassa’s, waardoor ze een ‘laag risicoprofiel’ hebben.

Procedure

Europa grijpt ook in op de procedure die een dronepiloot moet doorlopen voor zijn certificering en op de vereisten voor de toestellen zelf. In ons land heeft de federale overheidsdienst Mobiliteit sinds 2016 iets meer dan 1.500 licenties en attesten voor recreatieve of professionele dronebestuurders afgeleverd. Voor een deel van die piloten zwakt Europa de trainingsvereisten af van een fysieke opleiding naar een online test.

De lat gaat wel omhoog voor de uitrusting van de drone. Alle drones die meer dan 250 gram wegen, moeten voortaan een signaal kunnen uitsturen met data zoals positie, hoogte, vliegrichting, maar ook de identiteit van de piloot. Tegelijk moet de drone een apparaatje dragen dat de piloot waarschuwt als hij een zone betreedt waar hij niet mag komen. Die eisen kunnen hobbyisten misschien afschrikken.

Het bedrijfsleven is wel gebaat bij de nieuwe regels, meent Marc Lambotte, de gedelegeerd bestuurder van de technologiekoepel Agoria en zelf een gecertificeerd dronevlieger. ‘Vandaag kon een drone maar tot 90 meter hoogte gaan, onvoldoende voor de inspectie van sommige windmolens. Nu kan het al tot 120 meter. Bovendien zijn uitzonderingen boven 120 meter mogelijk mits toelating.’

De komende weken en maanden moet ons land de Europese regels verder concretiseren. Daarvoor kwam gisteren voor het eerst de Belgian Civil Drone Council bijeen. Daarin zetelen vertegenwoordigers van de overheden, de luchtverkeersleiding, de politie, het leger, de dronefederaties en de industrie. Zij moeten de wetgeving onder de loep nemen en de blinde vlekken tegen midden volgend jaar invullen.

Droneverkeerbeheer

Het Antwerpse Unifly, dat een platform ontwikkelt om droneverkeer te managen, hijst de federale investeringsmaatschappij FPIM aan boord als investeerder.

In december voerde Unifly een stevige kapitaalronde door: het haalde 14,6 miljoen euro op bij de Duitse luchtverkeersleider DFS en bestaande aandeelhouders. DFS kreeg zo een belang van 23,3 procent in Unifly.

Die kapitaalronde krijgt nu een vervolg. FPIM, de financiële arm van de federale regering, stopt 2 miljoen euro in Unifly. ‘We beschouwen dat als een belangrijke verankering’, zegt Unifly-CEO Marc Kegelaers. ‘FPIM investeert in bedrijven die strategisch zijn voor de Belgische economie.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect