De Balans | François Brabant (hoofdredacteur Wilfried)

Francois Brabant ©Wouter Van Vooren/ID

Door in het jongste nummer een interview met Tom Van Grieken te publiceren doorbreekt het politieke magazine Wilfried het cordon médiatique in Wallonië. Hier maakt medeoprichter en hoofdredacteur François Brabant (38) zijn persoonlijke balans op.

 

Wat zijn uw belangrijkste activa?

‘Mijn vriendin en ik zijn eigenaar van een huisje in Namen. Daarnaast zijn mijn vijf fietsen belangrijk. Een rijbewijs heb ik niet, dus zijn ook de bus en de trein essentieel. Immaterieel is er onze zoon van twee, en mijn tweede kind: Wilfried. Nieuwsgierigheid is mijn eerste kwaliteit. Ik spreek of heb noties van zes talen: Frans, Spaans, Engels, Nederlands, Portugees en Turks. Of dat een actief is, weet ik niet goed, maar een andere taal spreken is een van mijn grootste pleziertjes. Als ik Nederlands of Spaans hoor, word ik blij.’

Wie heeft in u geïnvesteerd?

‘Mijn ouders en mijn vriendin. Sinds ik vader ben, denk ik er soms aan hoe onrechtvaardig ik ben geweest tegenover mijn ouders. We waren met z’n vieren, en ik besefte niet welke offers ze brachten. Mijn moeder was leerkracht Latijn en Grieks in Borgworm, mijn vader was bediende bij Mölnlycke Health Care. Pure middenklasse dus. Voorts sta ik echt in het krijt bij Benoît Grevisse, mijn prof journalistiek aan de UCL, en bij mijn voormalige hoofdredacteurs: Jacques Gevers, Stéphane Renard, Jean-François Dumont en Christine Laurent bij Le Vif/L’Express, en Francis van de Woestyne bij La Libre Belgique. Dagelijks doe en zeg ik wel iets waarvoor ik hen schatplichtig ben.’

Investeert u in anderen?

‘Ik ben nog niet oud, maar journalisten van 30 vormen toch al een andere generatie. Het geeft een speciaal gevoel om talent te zien en dat te helpen groeien. Het probleem: in Franstalig België is journalistiek talent schaars. Ik zoek mensen die zowel stilistisch als inhoudelijk sterk zijn. Het is misschien pretentieus, maar ik ben soms teleurgesteld. Recent trok een medewerker naar een ministerieel kabinet, en een andere naar Nieuw-Caledonië. Dat is altijd een ontgoocheling: ze zijn heel moeilijk te vervangen. Maar goed, toen ik Le Vif en La Libre verliet, waren mijn hoofdredacteurs ook teleurgesteld. Het was niet zoals een liefdesbreuk, maar toch.’

‘Toen we in 2017 Wilfried begonnen, haalden we 35.000 euro op via crowdsourcing. Daarna werden we een coöperatie met 300 aandeelhouders. Het rendement zit in de trots op een buitengewoon medium. Ik wil niet pompeus klinken, maar we dragen bij tot een beter begrip tussen de landsdelen. Nu is het debat erg agressief, maar de dingen zijn ingewikkeld en genuanceerd. We kijken naar België zoals antropologen. Als een Braziliaan naar hier komt, hoe kijkt hij naar ons vreemde landje? En Simenon indachtig: we willen begrijpen en niet beoordelen. Wie gelijk heeft, interesseert me minder. In de strategie kan ik onverschrokken zijn, in de tactiek ben ik bedachtzaam. In Franstalig België is het interview met Van Grieken ongezien. Maar vooraf heb ik eindeloos afgewogen en overlegd met oud-hoofdredacteurs en vrienden - op oudjaar was het al een gespreksthema.’

Gaat u soms in het rood?

Ik heb nooit zo hard gewerkt, en nooit zo weinig verdiend als de jongste twee jaar.

‘Ik heb nooit zo hard gewerkt, en nooit zo weinig verdiend als de jongste twee jaar. De rekening stond geregeld in de min. Ik klaag niet. Het is mijn keuze. Ik heb wel een kleine opslag gevraagd. Mentaal en fysiek word ik vlug moe, maar tot dusver heb ik een goede weerstand en kan ik doorgaan. Al is het mijn wens dat te minderen.’

‘Vorig jaar gingen mijn vriendin en ik na 17 jaar bijna uit elkaar. We hebben een nieuwe start kunnen nemen, maar toen was het een soort persoonlijk faillissement. Het verlies van mijn moeder twaalf jaar geleden was geen persoonlijk falen, maar ook heel zwaar. Ik leerde dat alles morgen kan stoppen. Dat had ook gevolgen voor mijn professionele keuzes.’

Wie zetelt in uw raad van bestuur?

‘Mijn vriendin in de eerste plaats. Zij heeft alle moeilijke momenten beleefd. Mijn oudste broer is vakbondsman en heeft een totaal andere kijk op het leven. Tegenover mijn emotionele momenten kan hij zijn nuchterheid plaatsen. Voorts stel ik vast dat mijn beste vrienden vrouwen zijn. Ik ben 100 procent man en hetero, maar ik denk dat ik een zekere vrouwelijke intuïtie heb. Alle grote beslissingen nam ik nadat ik met vrouwen had gesproken. Nu, tussen alle geluiden en adviezen door moet je vooral luisteren naar dat eigen, kleine stemmetje binnenin.’

Schrijft u soms mensen af?

‘In 2015 verliet ik Le Vif in een slechte verstandhouding. Het was een tweede familie geworden, nadat ik er als student stage had gelopen en elf jaar had gewerkt. Maar de laatste maanden waren niet aangenaam en mijn beslissing ontaardde in een koude oorlog met de hoofdredactrice (Christine Laurent, red.). We hebben elkaar nooit meer gesproken. In februari zag ik toevallig haar dochter, die me zei dat ik haar maar beter eens kon schrijven, of dat we eens iets moesten gaan eten. Door de lockdown is dat er nog niet van gekomen. Ook mijn vader en ik hebben enkele maanden niet met elkaar gesproken. Dat werd bijgelegd. Ik heb niet graag vijanden, ik ben niet de man van conflicten.’

Staat er winst op uw balans?

‘Deze speciale periode is niet eenvoudig met een klein kind, maar de voorbije vijf weken heb ik meer tijd met mijn zoon doorgebracht dan in de drie of vier maanden ervoor. Elke ochtend en namiddag ga ik alleen met hem wandelen langs de Samber. Hij is gek op de bootjes die hij onderweg ziet. Dat is pure winst. Het hoofdredacteurschap van Wilfried is de beste job die ik me kan wensen. Maar het is een job. Als ik niet meer hoefde te werken, zou ik ook nog schrijven, maar wellicht persoonlijkere dingen, en voor de lange termijn. En weer meer fietsen. Dat is een rode draad in mijn leven. Iets existentieels zelfs. Het is een zeer lichamelijke sensatie van lichtheid en snelheid, zeker in de Pyreneeën. En ik gééf me graag, zie graag af. Fietsen is een groot gemis, ja.’

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud