De Backer plant nieuwe windmolenparken op zee

©ANP

Staatssecretaris Philippe De Backer legt de regering volgende week een traject voor om het aantal offshore windmolenparken te verdubbelen. ‘Maximale hernieuwbare energie tegen minimale prijzen’, is zijn motto.

Staatssecretaris voor de Noordzee Philippe De Backer (Open VLD) trekt de procedure op gang om vanaf 2024 nog meer windmolenparken op zee te bouwen. De bedoeling is dat uiterlijk 2030 de opgewekte windenergie bijna verdubbelt van 2,3 naar 4 gigawatt. De offshore windmolens zouden dan evenveel hernieuwbare energie opwekken als alle windmolens op land samen.

Daarbij wil De Backer de subsidiekraan niet meer opendraaien. Voor de negen windmolenparken die gebouwd worden, kon hij na onderhandelingen uiteindelijk de subsidies met enkele miljarden verminderen. Nu wil hij het over een andere boeg gooien. Hij wil geen concessies meer toekennen, maar ‘tenders’ uitschrijven, zoals Nederland met succes heeft gedaan. Daar worden nieuwe windmolenparken gebouwd zonder één euro subsidies.

Drie opties

De Backer schuift drie opties naar voren. Een tendering zoals in Nederland zonder subsidies of met minimale subsidies. Een tendering zoals in het Verenigd Koninkrijk met een vaste prijs, waarvoor de parken dan worden gebouwd. Of een veiling, waarbij uitsluitend wordt gekeken naar de laagste prijs.

De Backer stelt voor dat er een kaderwet komt waarin de principes staan voor het tenderen van offshore windenergieprojecten op de Noordzee. Die kaderwet moet ook meteen de mogelijkheid creëren voor de exploitatie van andere hernieuwbare energiebronnen, zoals golfslag- en getijdenenergie. Er wordt ook voorzien dat bedrijven en particulieren financieel kunnen participeren en dus een dividend kunnen meepikken van de windmolenparken.

De volgende windmolenparken op zee moeten, net zoals in Nederland, zonder subsidies worden gebouwd.

De Backer stelt nog voor dat de bodemstudies en windstudies gebeuren op kosten van de overheid, zoals in Nederland. Anders moeten bedrijven die doorrekenen en dreigen er toch weer subsidies aan te pas te komen. ‘We zullen onderzoeken of bestaande middelen kunnen worden gebruikt, zoals die van het energietransitiefonds, de Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij (FPIM), het Europees langetermijninvesteringsfonds of de groene obligaties’, zegt De Backer.

Kabels

Voor de transformatieplatformen en de kabels naar land stelt De Backer voor dat de netbeheerder Elia die kosten op zich neemt. ‘Dat verlaagt de financiële risico’s voor de windmolenparken opnieuw aanzienlijk. Hun project wordt duidelijk afgebakend tot de bouw en exploitatie van het offshore windmolenpark’, zegt de staatssecretaris. De hoogspanningsnetbeheerder Elia zal zijn elektriciteitsnet aan de kust versterken om de extra offshore energieproductie te kunnen opvangen. De nieuwe windmolenparken moeten aansluiten op het net van Elia.

Een gevaar van de tendering zonder subsidies is dat de parken er uiteindelijk niet komen, waardoor België de Europese doelstellingen niet zou halen. Daarom wil De Backer, zoals Nederland, een bankgarantie vragen van 10 miljoen euro per 100 megawatt. Die zou dan als een verzakingsvergoeding dienen, mocht het project in de laatste rechte lijn alsnog worden afgeblazen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content