Failliete leverancier veroorzaakt turbulentie bij windpark C-Power

C-Power was het eerste windpark in de Belgische Noordzee en levert jaarlijks stroom voor 300.000 gezinnen. ©BELGA

Het windpark C-Power mag voorlopig geen dividend meer uitkeren. De banken eisen eerst duidelijkheid over wie het park op zee gaat onderhouden nu de Duitse turbineleverancier failliet is.

Het faillissement van de Duitse windmolenbouwer Senvion bezorgt C-Power hoofdbrekens. De pionier van de Belgische offshorewindparken moest vorig jaar in allerijl op zoek naar een oplossing voor het onderhoud van zijn 54 windmolens. De producent Senvion ging over de kop en kon niet langer instaan voor het onderhoud. C-Power nam noodgedwongen Senvion Benelux over, een onderhoudsteam van zo’n 30 mensen in de haven van Oostende die exclusief voor C-Power werkten.

C-Power betaalde in oktober 150.000 euro voor de overname, zo blijkt uit het jaarverslag. Dankzij de noodingreep viel het onderhoud niet stil, maar daarmee is de kous niet af. De banken die het windpark financierden, eisen een structurele oplossing. Voor hen houdt de overname immers een extra risico in. C-Power is door het faillissement de producentengarantie van Senvion kwijt en moet nu zelf opdraaien voor onvoorziene gebreken.

C-Power

C-Power is het eerste van de negen windparken op de Belgische Noordzee. Het werd in 2009 in gebruik genomen en levert jaarlijks stroom voor zo’n 300.000 gezinnen. De bouw van de 54 turbines vergde een investering van 1,3 miljard euro.

De aandeelhouders zijn de Belgische baggeraar DEME, het Duitse energiebedrijf Innogy, de Franse energiegroep EDF, het investeringsfonds Marguerite, de Waalse holdings Socofe en SRIW, de Vlaamse Energieholding en het Limburgs klimaatbedrijf Nuhma (Z-Kracht).

Eigen beheer is goedkoper

Er liggen twee pistes op tafel. C-Power kan zelf het onderhoud blijven doen of het kan reparaties uitbesteden aan een externe firma. ‘Onze voorkeur en die van de aandeelhouders is het onderhoud in eigen beheer te houden’, zegt Johan Calliauw, financieel en administratief manager bij C-Power. ‘We hebben in november een onderhoudstender uitgeschreven en daaruit is één offerte gekomen die min of meer acceptabel is. Maar het zou zeer belangrijke extra kosten betekenen tegenover het vorige contract en een groot verschil met als we het onderhoud zelf blijven doen.’

Als je met een Mercedes naar een Citroën-garage gaat, staan die ook niet in voor technische problemen die opduiken.
Johan Calliauw
Financieel en administratief manager C-Power

Het is aan de banken om finaal de knoop door te hakken. Omdat er grote financiële risico’s mee gemoeid zijn, hebben zij als projectfinanciers het laatste woord. Het management hoopt de onderhandelingen tegen eind september af te ronden. ‘Het uitbesteden zou niet evident zijn’, zegt Calliauw. ‘Het is alsof je met een Mercedes naar een Citroën-garage gaat. Die doen dan wel onderhoud, maar ze staan niet in voor eventuele technische problemen die opduiken.’

Dividendenstop

Voor de aandeelhouders van C-Power is de kwestie direct voelbaar. Het windpark is in handen van de Belgische baggeraar DEME , het Duitse energiebedrijf Innogy, het Franse EDF, het investeringsfonds Marguerite, de Waalse holdings Socofe en SRIW, de Vlaamse Energieholding en het Limburgs klimaatbedrijf Nuhma (Z-Kracht). C-Power mag van de banken voorlopig geen dividenden meer uitkeren. Met de dividendstop willen ze vermijden dat te veel cash uit het bedrijf wegvloeit en C-Power plotse herstellingswerken niet meer kan betalen. Tegen januari 2021 evalueren de banken of het windpark weer dividenden mag uitbetalen.

-7,8%
stroomproductie
Door de onderhoudsproblemen en minder wind dan gewoonlijk, produceerde C-Power vorig jaar 7,8 procent minder stroom dan verwacht.

Het faillissement van Senvion liet zich vorig jaar meteen voelen in de resultaten van C-Power. Het overgenomen onderhoudsbedrijf, dat intussen voortgaat onder de naam Thornton Bank Maintenance Services (TBMS), eindigde 2019 met een nettoverlies van 1,6 miljoen euro. Omdat een paar onderhoudsactiviteiten on hold gingen, lagen de turbines iets vaker stil dan anders. In combinatie met minder wind dan gewoonlijk kwam de stroomproductie 7,8 procent lager uit dan verwacht. Dat resulteerde in een daling van de nettowinst met een kwart, naar 16,6 miljoen euro.

Fabricagefouten

Toch verwacht Calliauw niet dat de strubbelingen in het onderhoud structureel tot een lager rendement leiden. ‘Zoals het er nu uitziet, zijn we niet duurder af dan voorheen. Maar pas in oktober, na het onderhoudsseizoen, kunnen we de rekening opmaken’, zegt Calliauw. Een belangrijke vraag wordt ook het verzekeringscontract, waarover volgend jaar opnieuw onderhandeld wordt. De verzekeraars zullen ongetwijfeld extra voorwaarden opleggen nu ze ook eventuele fabricagefouten die vroeger onder de garantie van Senvion zaten, moeten indekken.

Met een dividendstop willen de banken vermijden dat te veel cash wegvloeit uit C-Power.

Dit jaar moest C-Power al zelf een paar schakelkasten vervangen, onderdelen die normaal twintig jaar meegaan. Ook de wieken van de eerste zes windmolens moesten al na zes jaar vervangen worden door minieme scheurtjes. Die productiefout viel nog onder de garantie en werd wel betaald door Senvion.

C-Power is het eerste van de negen windparken in de Belgische Noordzee en werd in 2009 in gebruik genomen. Het is het enige offshorepark dat windmolens bestelde bij Senvion, in die tijd baanbrekend met de eerste turbines van meer dan 6 megawatt. De andere windparken op zee zijn niet getroffen door het faillissement, maar voor ontwikkelaars aan land ligt dat anders.  Bedrijven zoals de groenestroomproducent Aspiravi zagen projecten vertraging oplopen omdat Senvion niet langer kon leveren.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud