analyse

Kerncentrales langer openhouden is financiële gok

©Hollandse Hoogte / Marcel van den Bergh

De zeven Belgische kerncentrales bleken vorig jaar een blok aan het been van Engie Electrabel. De onverwachte pannes kostten de uitbater ruim 700 miljoen euro. Toch ziet de energieleverancier nog toekomst in kernenergie.

Tot 2021, zo lang zal het duren, voor de Belgische kerncentrales weer bijdragen aan de operationele winst van de Franse moedergroep Engie. CEO Isabelle Kocher vatte de situatie gisteren bij de presentatie van de jaarresultaten ietwat eufemistisch samen als ‘nucleaire tegenwind’. Door onvoorziene problemen, inspecties en onderhoud lagen eind vorig jaar zes van de zeven Belgische kerncentrales stil. Over het hele jaar leverden de reactoren slechts de helft van de tijd stroom.

De nucleaire problemen duwden Engie in de Benelux diep in de rode cijfers. De brutobedrijfswinst (ebitda) bedroeg in 2017 nog 550 miljoen euro, maar werd vorig jaar door de stilliggende kerncentrales een verlies van 186 miljoen euro. Ruim 700 miljoen euro ging verloren.

De vooruitzichten zijn inmiddels weer wat verbeterd - Engie mikt voor 2019 op een beschikbaarheid van 78 procent - maar de problemen zijn nog niet helemaal van de baan. De drie oudste centrales - Doel 1, Doel 2 en Tihange 1 - zullen komende winter opnieuw stilliggen voor bijkomende inspectie- en onderhoudswerken.

Ambitieus

Engie gaat ervan uit dat de nucleaire activiteiten pas tegen 2021 weer bijdragen aan de operationele winst van de groep. Tegen dan zouden de kerncentrales 93 procent van de tijd moeten draaien. Een ambitieus vooruitzicht aangezien de voorbije jaren telkens weer onverwachte tegenslagen opdoken. In de hyperbeveiligde en streng genormeerde omgeving van een kerncentrale is niet veel nodig om de boel te moeten stilleggen. Engie weet dat en heeft voor 2020 en 2021 samen 350 miljoen euro ingecalculeerd voor onvoorziene uitgaven aan de kerncentrales.

©Mediafin

De herhaaldelijke problemen zijn symptomatisch voor de verouderende centrales. De oudste drie centrales, die in 2015 toestemming kregen om na 40 jaar nog eens tien jaar langer te draaien, behoren tot de zorgenkindjes. De ‘scheurtjesreactoren’ Doel 3 en Tihange 2 zullen zelfs niet langer dan 40 jaar meegaan. Engie gaat er niet langer van uit dat een levensduurverlenging voor beide centrales mogelijk is en boekte vorig jaar een waardevermindering van 615 miljoen euro op beide centrales. Voor Doel 3 en Tihange 2 is het in 2022 en 2023 definitief gedaan.

Ook voor de oudste drie centrales verwacht Engie niet dat er een tweede levensduurverlenging in zit. Maar het ziet wel nog toekomst voor de twee modernste centrales, Doel 4 en Tihange 3. Hoewel de wet tegen 2025 de kernuitstap vastlegt en de regering-Michel dat engagement vorig jaar nog herbevestigde, gaat Engie ervan uit dat de politiek nog terugkomt op haar beslissing. Bij de goedkeuring van het Energiepact een jaar geleden, met flankerende maatregelen, bouwde premier Charles Michel (MR) nog enige reserve in door als voorwaarde te stellen dat de nucleaire exit de Belgische elektriciteitsbevoorrading niet in het gedrang mocht brengen.

Garanties

Engie houdt dan ook vast aan het idee van een levensduurverlenging voor de twee jongste centrales. De energiereus rekent dat beide centrales 20 jaar langer kunnen openblijven, tot 2045. Dat scenario schuift ook de voormalige federale coalitiepartner N-VA steeds prominenter naar voren sinds hij geen deel meer uitmaakt van de regering. De nucleaire waakhond FANC heeft het voorbereidend onderzoek om na te gaan aan welke extra veiligheidsnormen de centrales na 2025 zouden moeten voldoen al opgestart.

Het lijkt er wel op dat Engie in de onderhandelingen over een levensduurverlenging forse garanties zal vragen van de overheid. Een centrale langer openhouden gaat gepaard met miljoeneninvesteringen. Engie heeft in het verleden al laten verstaan dat het niet aan zo’n avontuur begint zonder de garantie dat de nucleaire investering ook rendeert. Het wil niet het risico lopen miljoenen te pompen in kerncentrales die dan onverwacht stil komen te liggen. Engie weet sinds 2018 hoe zwaar zulke tegenvallers op de winst kunnen wegen.

Engie weg uit 20 landen

De Franse moeder van het Belgische energiebedrijf Electrabel wil tegen eind 2021 800 miljoen euro besparen. Het concern gaat met de grove borstel door de activiteiten en zet een groot besparingsprogramma voor de komende drie jaar op poten.

In de voorbije drie jaar zijn al voor 14 miljard euro activiteiten afgestoten, vooral door de verkoop van vervuilende kolencentrales. De komende drie jaar wil Engie voor 6 miljard euro activa van de hand doen.

CEO Isabelle Kocher gaat de energiegroep meer richten op hernieuwbare energie, energiediensten en infrastructuur. Tussen 2019 en 2021 plant Engie voor 11 à 12 miljard euro uitbreidingsinvesteringen. Daarvan gaat 2,3 à 2,8 miljard euro naar hernieuwbare energie, die 9 gigawatt extra capaciteit moet genereren.

De groep gaat focussen op de20 belangrijkste landen en zal zich terugtrekken uit ongeveer 20 - niet-prioritaire - landen. Welke is niet bekend, maar België blijft buiten schot. België is na Frankrijk de belangrijkste markt voor Engie.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud