Plastics krijgen eeuwige leven

©AFP

Heel wat bedrijven zeggen dat ze oud plastic op magische wijze kunnen omzetten in nagelnieuw plastic of in brandstof. Hoe serieus moeten we die claims nemen?

Wie de jongste tijd het nieuws volgde, krijgt bijna de indruk dat het wereldwijde plasticprobleem op het punt staat voorgoed te worden opgelost. Grote multinationals zoals Coca-Cola en Unilever pakten uit met de belofte dat ze veel meer gerecycleerd plastic gaan gebruiken, en verwijzen daarbij vaak naar zogenaamde chemische recyclage.

Voor chemische recyclage op grote schaal is nog veel testwerk en onderzoek nodig.
kevin van geem
professor chemische technologie, ugent

Op zich is dat geen nieuwe uitvinding, zegt Kevin Van Geem, professor aan het Laboratorium voor Chemische Technologie aan de Gentse universiteit. Via pyrolyse bijvoorbeeld - een verhitting bij hoge temperaturen en zonder zuurstof - kan je de lange koolstofketens waaruit de meeste plastics zijn opgebouwd (polymeren) uit elkaar doen vallen in kleinere stukjes (monomeren), die je als bouwsteen kan gebruiken voor een nieuwe grondstof, of die als brandstof kunnen dienen.

Het lijkt een wonderoplossing om plastic eeuwig te hergebruiken, maar toch wordt chemische recyclage niet op industriële schaal toegepast. Volgens een recente studie van de chemiefederatie Essenscia spreken we in ons land over minder dan 1 procent van de gerecycleerde plastics. Waarbij we niet mogen vergeten dat twee derde van alle plastics nog helemaal niet gerecycleerd worden, maar terechtkomen in verbrandingsovens of stortplaatsen.

Obstakels

Er zijn nog veel technische en economische obstakels, legt Van Geem uit. ‘Je hebt niet alleen een (dure) installatie nodig, maar ook een constante aanvoer van plastic afval dat zo goed mogelijk uitgesorteerd is. Vervuilingen met andere stoffen kunnen schade veroorzaken aan de installatie en het rendement fors naar omlaag halen. Dankzij robotica en infrarood- en kleurencamera’s lukt het zuiveren van de afvalstromen de jongste jaren wel veel beter en is zelfs sorteren op kleur niet meer ondenkbaar. Maar om de onzuiverheden verder te doen dalen en de techniek efficiënt op grote schaal toe te passen is nog veel test- en onderzoekswerk nodig.’

Het regent dure beloftes

De berichtgeving over de plasticsoep in de oceanen en de microplastics in onze voeding missen hun uitwerking niet. Veel consumentenbedrijven beloofden onlangs het plasticprobleem aan te pakken.

Coca-Cola belooft tegen 2025 evenveel flessen en blikjes in te zamelen als het verkoopt, en al zijn verpakkingen 100 procent recycleerbaar te maken. De helft moet ook gemaakt zijn van gerecycleerd materiaal. De frisdrankenreus werkt samen met het Nederlandse Ioniqa, dat in Geleen PET-afval chemisch recycleert.

Unilever zegt in 2025 alleen nog ‘herbruikbare, recycleerbare of composteerbare’ verpakkingen te zullen gebruiken. Minstens een kwart van de verpakkingen moet uit gerecycleerd materiaal bestaan.

Procter & Gamble ging in zee met het Amerikaanse Pure Cycle Technologies, dat een methode ontwikkelde om gebruikt polypropyleen te recycleren tot een kwalitatief plastic, zonder kleur- en geurcontaminatie. P&G hoopt het ook op andere plastics te kunnen toepassen.

 

De vele recyclagebeloftes wijzen er wel op dat de mentaliteit van bedrijven verandert, onder druk van de publieke opinie. ‘Door die maatschappelijke druk zien we dat ook de chemiesector meer openstaat voor het gebruik van gerecycleerde grondstoffen’, bevestigt Paul De Bruycker, CEO van de Vlaamse afvalverwerker Indaver, die een voortrekkersrol wil spelen in chemische recyclage. Indaver gaat een demo-installatie bouwen op de Antwerpse rechteroever, die vanaf midden 2021 zo’n 50 ton plastics per dag zal omzetten in grondstoffen voor de petrochemie. Het gaat om polystyreen en polyolefines (PP en PE), die onder meer worden gebruikt als verpakkingsmateriaal en in elektronische toestellen, en die met de huidige technieken moeilijk te hergebruiken zijn.

Grote installaties

Indaver mikt op een rendement van 80 procent, wat inhoudt dat van elke 10 kilo ingevoerde plastics 8 kilo als grondstof aan de petrochemie moet worden aangeleverd. Als het project succes heeft, hoopt het bedrijf op termijn grote installaties te bouwen in heel Europa. ‘We hebben er vertrouwen in dat dat zal lukken, maar we spreken over investeringen van zo’n 200 miljoen euro per fabriek. Daarom testen we het eerst op kleinere schaal uit. Deze investering bedraagt 25 à 30 miljoen’, zegt De Bruycker.

Ook in Nederland werden al initiatieven aangekondigd om plastics op een duurzamere manier te recupereren. In Terneuzen komt een testfabriek voor de recyclage van het isolatiemateriaal polystyreen. In het Limburgse Geleen gaan enkele bedrijven plastic afval omzetten in olie, die vervolgens in de klassieke petrochemie verwerkt kan worden.

Geen oplossing voor plasticprobleem

Maar het omzetten van plastics in brandstoffen is niet per definitie duurzaam, waarschuwen specialisten. ‘Wij hebben daar nooit in geloofd’, zegt De Bruycker. ‘In dat proces verlies je zoveel energie dat het eigenlijk efficiënter is het afval rechtstreeks te verbranden, ook al horen mensen dat niet graag.’

De Bruycker wijst er ook op dat chemische recyclage dan wel een oplossing is voor afval van goede kwaliteit, maar dat het nooit het hele plasticprobleem zal oplossen. ‘Het kan wel helpen de Europese doelstelling te halen, om tegen 2030 55 procent van alle verpakkingsafval te recycleren. Maar ook andere methodes, zoals het vermalen en verwerken tot andere producten, zullen nodig blijven.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud