‘Windenergie kan in vijf jaar verdubbelen'

Het installatieschip Aeolus tilt zich op via vier pijlers uit het water tot een reuzenplatform. ©BELGA

Terwijl de bouw van windparken voor de kust van Zeebrugge in de laatste fase zit, vraagt de sector dat de tweede zone voor windparken op zee sneller opengaat. ‘Het zou zonde zijn als we weer tien jaar moeten wachten.’

Na een woelige week is de wind eindelijk gaan liggen. De meeste windmolens op zee staan er bewegingloos bij. ‘Voor de productie van windenergie is de luwte een spijtige zaak, maar het biedt ons de ideale gelegenheid om nieuwe turbines te plaatsen’, zegt Thierry Aelens, de operationeel directeur van Norther, het zesde en grootste windmolenpark in de Noordzee. Het wordt gebouwd op 23 kilometer voor de kust.

Hij wijst naar het installatieschip Aeolus, dat zich op vier pijlers uit het water heeft getild tot een stabiel reuzenplatform. De hijskraan op het dek brengt zich in gereedheid om drie wieken van 80 meter lang te bevestigen aan de pyloon die een paar uur eerder werd geplaatst op een van de funderingspalen die boven het water uitsteken. Het duurt amper een dag om de windmolen te installeren. Aan boord van het installatieschip staan nummer 19 en 20 al klaar voor de komende dagen. Tegen het einde van de zomer moet Norther voltooid zijn, met 44 windturbines van elk 180 meter hoog, bijna twee keer het Atomium.

Zolang je niet zeker weet dat er een netaansluiting zal zijn, kan je als investeerder niets beginnen.
Miguel de Schaetzen
oprichter Norther

Aelens knikt goedkeurend vanop de Pollux, een patrouilleschip van de Belgische marine, waarop hij samen met premier Charles Michel (MR) en verschillende vertegenwoordigers van de Belgische offshoresector een bezoek brengt aan de windparken. Tien jaar nadat met C-Power het eerste Belgische windpark op de Thornton-zandbank in gebruik werd genomen, is de eindfase in zicht voor de bouw van de laatste windparken. Na Norther moeten volgend jaar nog Seamade Mermaid, Seamade Seastar en Northwester 2 worden afgerond. De negen windparken hebben dan samen een productiecapaciteit van 2.300 megawatt.

‘Offshore windenergie staat dan in voor jaarlijks ongeveer een tiende van de totale Belgische elektriciteitsvraag, maar daar houdt het niet op’, zegt Annemie Vermeylen, de secretaris-generaal van het Belgian Offshore Platform (BOP), een vereniging van vijftien bedrijven die investeren in windenergie op zee. ‘Als we willen, kunnen we tegen 2024 verdubbelen naar 4.000 megawatt. Maar dan moet er wel een serieus tandje bijgestoken worden.’ Vermeylen overhandigt op zee het memorandum van de sector aan premier Michel en benadrukt de vraag om de tweede zone voor windparken sneller open te stellen.

Nieuwe windparken

De regering-Michel legde in het Marien Ruimtelijk Plan 2020-2026 een nieuw gebied vast tegen de Franse grens waar opnieuw 2.000 megawatt aan windmolens gebouwd kan worden. De overheid wijst de nieuwe parken via een veiling toe aan het consortium dat de minste of geen overheidssteun nodig heeft, maar de sector vreest dat hij nog jaren moet wachten op duidelijkheid. De procedure moet door de volgende regering nog in detail worden uitgewerkt en zou pas tegen eind 2022 klaar zijn. De concessies kunnen dan pas in 2023 toegekend worden. De netbeheerder Elia liet bovendien verstaan dat de kabelverbinding en de aansluiting voor de nieuwe windparken pas tussen 2026 en 2028 opgeleverd kunnen worden.

Windparken
Gebouwd:

C-Power (2009): 325MW

Belwind (2010): 171MW

Northwind (2014): 216MW

Nobelwind (2017): 165MW

Rentel (2018): 309MW

In aanbouw:

Norther (2019): 370MW

Gepland:

Seamade Seastar (2020): 252MW

Seamade Mermaid (2020): 235MW

Northwester2 (2020): 219MW

De sector wil dat alles veel sneller gaat, zodat de windparken tegen 2024 kunnen worden gebouwd, nog voor de geplande kernuitstap in 2025. De aanbesteding zou dan al volgend jaar moeten worden uitgeschreven, de concessies in 2021 toegewezen en de netaansluiting voor de nieuwe parken zou in vier tot vijf jaar klaar moeten zijn. ‘Offshore windenergie behoort tot de meest competitieve energiebronnen’, zegt Vermeylen. ‘Het zou zeer jammer zijn als we opnieuw tien jaar moeten wachten.’ 

Als de netaansluiting en de toewijzing van concessies te lang duren, vreest de sector dat de dynamiek in de ontwikkeling van offshore windparken stilvalt en dat ons land zijn positie in het Europese koppeloton kwijtspeelt. ‘Zolang je niet zeker weet of er een netaansluiting zal zijn, kun je als investeerder niets doen’, zegt Miguel de Schaetzen, de oprichter en bestuurder van Norther. ‘Onze ontwikkelingsploegen hebben nu nog de handen vol, maar als het werk hier straks klaar is, kunnen wij onze mensen moeilijk drie jaar betalen terwijl we wachten om mee te dingen. Zo lopen we het risico om zeer gespecialiseerd personeel en knowhow te verliezen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud