Groene-energiespelers slaan alarm

©Saskia Vanderstichele

De groene-energiesector schudt de politici wakker: investeringen blijven uit tot er zekerheid is over de energiepolitiek.

De groene-energiesector zit in zak en as. Ondanks allerlei klimaatakkoorden, studies en rapporten ontbreekt het ons land aan een duidelijke energievisie op lange termijn. Die is niet alleen nodig om de klimaatdoelstellingen concreet te kunnen realiseren, maar is ook essentieel voor de bedrijven in de sector, van zonnepaneleninstallateurs, kleine windparkcoöperaties tot warmtepompbedrijven en groene energieleveranciers. De koepelorganisaties ODE en Edora trekken aan de alarmbel.

‘We zitten echt in een impasse’, zegt Noémie Laumont, de secretaris-generaal van Edora. ‘De samenwerking tussen de federale overheid en de gewesten, en de gewesten onderling loopt niet goed. Er is geen duidelijkheid over het beleid op lange termijn. Door dat institutioneel falen blijven investeringen uit.’

Licht aan

Het Franstalige Edora en de Vlaamse tegenhanger ODE willen vandaag tijdens een colloquium in de Senaat de politici wakker schudden. ‘De boodschap is dat de regering het dossier ter harte moet nemen’, vindt Bram Claeys, de algemeen directeur bij ODE. ‘Vlaanderen presenteert binnenkort zijn energievisie, maar die kan enkel zinvol zijn als ze in overeenstemming is met die in België en Europa. Onze energiesystemen zijn verbonden met die van de buurlanden.’

De groene-energiefederaties pleiten voor CO2-heffingen op bijvoorbeeld het wegtransport en de verwarming. Daarbij zou er ook een groene taxshift moeten komen. ‘Elektriciteit wordt nu zwaarder belast dan aardgas en stookolie. Het is zinvol om wat lasten van elektriciteit te verschuiven naar die andere energiedragers’, vindt Bram Claeys van ODE.

En die visie moet ook meer zijn dan enkel kijken hoe het licht blijft branden bij de sluiting van de kerncentrales, vult Laumont aan. ‘Het is jammer dat de netbeheerder Elia en minister van Energie Marie-Christine Marghem enkel kijken naar elektriciteit en hoeveel gascentrales we als back-up nodig hebben. We moeten ook kijken naar het transport, de verwarming en de energiebesparing’, zegt Claeys.

Door over te schakelen op elektrisch rijden, zal de uitstoot van broeikasgassen dalen. Maar er zal wel meer elektriciteit verbruikt worden en het energienet zal flexibeler worden door alle batterijen. Dat moet allemaal meegenomen worden, klinkt het bij de groenestroomfederaties die samen meer dan 300 leden tellen.

Ambitie

‘Het huidige energiebeleid doodt alle ambitie’, zegt Laumont. Heel wat bedrijven uit de sector zijn de voorbije jaren failliet gegaan. De blijvers rusten op hun lauweren en nemen geen risico’s meer. Ze doen alleen eenvoudige projecten met bestaande technologie op de korte termijn. Ze wagen zich niet aan nieuwe dingen omdat ze vrezen dat de overheid de regels weer kan veranderen.’

300
Het Vlaamse ODE en zijn Franstalige evenknie Edora tellen zo’n 300 leden, zoals groenestroomleveranciers, zonnepanelenbedrijven, windparkontwikkelaars, technologiebedrijven en ingenieursbureaus.

En toch zijn er in ons land heel wat bedrijven die mooie dingen kunnen doen in de energietransitie. ‘Het zou een goede zaak zijn als België een leidersrol in de energietransitie opneemt. Dat levert economische activiteit, werkgelegenheid en opportuniteiten voor innovatie op.’

Maar de kosten voor de ondersteuning van alternatieve energie zijn toch hoog? Claeys: ‘De kosten zijn een aandachtspunt en we moeten nieuwe technologie niet onverantwoord gaan ondersteunen. De competitiviteit van onze bedrijven en de factuur van de gezinnen zijn belangrijk. Maar het federaal planbureau heeft berekend dat de macro-economische baten groter zijn dan de kosten. Dat is dus voor de maatschappij een positieve zaak.’

Zon en wind

Maar hij benadrukt dat het om een investering in de toekomst gaat. ‘We moeten niet enkel kijken naar het kortetermijneffect op de factuur, maar ook naar de handelsbalans.’ En investeren zullen we sowieso moeten doen in onze infrastructuur die veroudert. ‘Er zijn belangrijke vervangingsinvesteringen nodig, zowel in de elektriciteitsproductie als in de netten.’

En wat als er geen duidelijke energievisie komt? ‘Dan blijven de investeringen die we nodig hebben om de Europese doelstellingen te halen uit. Tegen 2020 moeten we nog flink versnellen in zon en wind. Als we blijven aanmodderen, komen we in 2030 maar aan 20 procent hernieuwbaar terwijl we tussen 30 en 40 procent nodig zullen hebben.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud