Antwerps modehuis Essentiel zoekt geldschieter

Oprichters Inge Onsea en Esfan Eghtessadi: ‘We willen dit jaar de knoop doorhakken.’ ©Dries Luyten

Het Belgische modelabel Essentiel wil zich internationaal op de kaart zetten. Om sneller te groeien zoekt het een externe investeerder. ‘We dromen van Amerika.’

Wat in 1999 begon met een collectie van vier T-shirts in meer dan 40 verschillende kleuren is uitgegroeid tot een Belgisch modelabel dat zijn vaak kleurrijke luxemode voor mannen en vrouwen in Azië en Europa verkoopt. De kleding ligt intussen in 35 landen in de rekken, in 55 Essentiel-winkels en in meer dan 900 onafhankelijke winkels die ook andere merken verkopen. De gestage expansie van de afgelopen 19 jaar betaalden Essentiel-oprichters en -eigenaars Esfan Eghtessadi en Inge Onsea met het geld dat hun modehuis verdiende.

We willen absoluut groeien, maar we waken erover dat we de controle behouden.
Esfan Eghtessadi
Eigenaar Essentiel

Maar om de nieuwe grootse internationale expansieplannen van de ondernemers te betalen is meer dan alleen de winst van het bedrijf nodig. ‘Daarom zijn we op zoek naar een investeerder’, zegt Eghtessadi in het Essentiel-hoofdkantoor in het hartje van de Antwerpse modebuurt. ‘We praten met verschillende geïnteresseerden. Het gaat zowel om investeringsfondsen als om sectorgenoten uit België, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Het zou leuk zijn om een Belgische partner te vinden, maar enkele buitenlandse kandidaten zijn erg geschikt omdat ze veel ervaring hebben met internationale expansie. Ach, we zien wel. Er is nog weinig concreet, maar we willen dit jaar de knoop doorhakken.’

Op eigen kracht

De vraag of hij overweegt de controle over het bedrijf uit handen te geven onderbreekt Eghtessadi met een vinnig ‘nee’. ‘We willen aan het roer blijven staan. We staan ervoor open om ideeën uit te wisselen met een zakenpartner, maar we willen de uiteindelijke beslissingen nemen. We hebben bewezen dat we succesvol zijn in het buitenland. We zijn naar de moeilijkste markten getrokken, maar we kunnen niet alles op eigen kracht doen.’

PROFIEL Essentiel

 1999> Het Antwerpse modehuis Essentiel werd in 1999 werd opgericht door het echtpaar Esfan Eghtessadi en Inge Onsea.

2000De eerste winkel opende in 2000 in Antwerpen. Daarna begon Essentiel ook kleding te exporteren naar onder meer Frankrijk, Neder-land, Spanje en Italië.

2007In 2007 ging in Azië voorhet eerst een Essentiel-kledingstuk over de toonbank.

2018Essentiel heeft vandaag35 eigen winkels in Europa en20 Aziatische winkels die door partners worden uitgebaat. Via onafhankelijke multimerkenwinkels is de kleding te koop in 35 landen.

50 miljoen> In het boekjaar dateind dit jaar eindigt, boekt Essentiel volgens de prognose 50 miljoen euro omzet. De nettowinstmarge bedraagt zo’n 10 procent. Bij het bedrijf werken 220 mensen.

 

In Europa heeft Essentiel winkels in België, Frankrijk en Spanje. In Nederland gingen de voorbije jaren vier winkels open. ‘Dit jaar komen er verkooppunten in Utrecht, Rotterdam en Maastricht.’ Ook Duitsland staat op de radar. ‘Vorige maand openden we onze eerste winkel in Keulen. In 2018 trekken we naar Berlijn, München en Hamburg.’

In die landen hanteert Essentiel een strategie die leunt op twee pijlers: het zet in op eigen winkels en op onafhankelijke multimerkenwinkels. ‘Beide versterken elkaar’, zegt Eghtessadi. ‘In Nederland zijn we pas sinds 2016 met eigen winkels actief, maar we maken al winst. Dat komt omdat onze kleding er al tien jaar in multimerkenboetieks ligt. Veel Nederlanders kenden ons label al toen we er onze eerste winkel openden.’

In Azië heeft Essentiel winkels in Zuid-Korea en China. ‘In Europa openen we zelf winkels, maar in Azië werken we samen met partners. De cultuur is er anders en daarom hebben we mensen nodig die de lokale markt kennen’, zegt Eghtessadi.

Met de hulp van een investeerder wil hij nog meer winkels openen in Azië en Europa. Onder andere Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Italië staan op het verlanglijstje. ‘In modesteden als Londen, Parijs of Milaan is het peperduur om een winkel te openen. Alleen nog maar om een huurcontract voor een mooi pand af te sluiten moet je soms op voorhand miljoenen euro’s betalen. En dan zijn er nog de torenhoge huurprijzen. Als we op zoek gaan naar panden in die steden en de bedragen horen, denk ik wel eens: is dit een grap?’

Eghtessadi en Onsea dromen ervan opnieuw winkels te openen in de Verenigde Staten. ‘Het blijft een van de grootste modemarkten ter wereld’, zegt Eghtessadi. Tot twee jaar geleden was zijn bedrijf er actief. ‘Maar we hebben ons teruggetrokken omdat we vonden dat onze lokale partner ons merk niet goed in de markt zette. We willen absoluut groeien, maar we waken erover dat we de controle behouden.’

Terugschakelen

Die les leerde het duo in 2000, toen het moeilijk ging met het bedrijf. ‘Tussen 2000 en 2006 was het groeien, groeien, groeien. Onze attitude was go with the flow. Als jong en ambitieus bedrijf voerden we kleding naar overal uit: Scandinavië, Londen. Maar door dat te snelle tempo verloren we onze ziel. Dat zagen we net op tijd in. We schakelden enkele versnellingen terug en dokterden een strategie uit met meer focus. Van daaruit begonnen we opnieuw op te bouwen en nu kijken we weer naar de VS. Wanneer we de stap zetten? Als we een investeerder vinden, kan het snel gaan.’ (lacht)

Ook in Zalando-tijden focust Essentiel voluit op winkels. De webwinkel, die pas vier jaar geleden werd gelanceerd, is goed voor amper 5 procent van de omzet. Heel wat massamodemerken boeken tientallen procenten omzet met hun webwinkel. Maar in het hogere modesegment leidt e-commerce niet tot de revolutie die aan de gang is in de sector van mode voor het grote publiek, klinkt het. ‘Onze webwinkel groeit met tientallen procenten per jaar, maar onze klanten vinden service het belangrijkste’, zegt Eghtessadi. ‘Het advies van ons winkelpersoneel is voor hen cruciaal. Onze webwinkel kan doorgroeien naar 15 tot 20 procent van de omzet, maar groter zie ik het aandeel niet worden.’

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content