Transfers vergiftigen planeet voetbal

De Braziliaan Neymar (links) en Fransman Kylian Mbappé zijn de exponenten van de prijsinflatie op de transfermarkt. PSG betaalde afgelopen zomer voor de twee samen ruim 400 miljoen euro. ©Photo News

Het Europese voetbal begint op 1 januari zijn halfjaarlijkse stormloop op de transfermarkt. Die is gebouwd op juridisch wrakhout, maar blijft drijven dankzij een dubieus herenakkoord tussen bobo's, clubs en politiek.

Dik 20 jaar geleden ontketende een bescheiden Belgische voetballer een revolutie in het voetbal. In zijn befaamde Bosman-arrest bepaalde het Europees Hof van Justitie dat profspeler zonder contract Jean-Marc Bosman vrij zijn volgende werkgever mocht kiezen.

Jean-Marc Bosman in betere tijden. ©BELGAIMAGE

De beslissing zorgde voor een aardverschuiving in het voetbal. Er kwam een einde aan de praktijk dat clubs nog altijd een transfersom konden eisen voor voetballers van wie het contract afliep. Spelers veranderden van een soort lijfeigenen in werknemers met een drukkingsmiddel tegenover hun bazen. De dreiging dat de beste spelers hun contract gewoon konden uitdoen om daarna een hoger salaris bij een nieuwe club te krijgen, leidde tot prijsinflatie. Jean-Marc Bosman is deel van de verklaring waarom Rode Duivels Eden Hazard en Kevin De Bruyne anno 2017 miljoenen verdienen.

Daar eindigt het heldenverhaal voor Bosman. Hij werd als klokkenluider door de clubs zo uitgekotst dat het neerkwam op een officieus beroepsverbod. Hij kreeg zijn voetbalcarrière na jaren procederen nooit meer van de grond en is op zijn 53ste een gebroken en berooid man.

Lopend contract

Met het Bosman-arrrest begon het succesvol gelobby voor een nieuw transfermodel. De wereldvoetbalbond Fifa en zijn Europese pendant Uefa begonnen gesprekken met de Europese Commissie om de transfermarkt te behouden voor spelers met een lopend contract. Hun grote vrees was dat het Europees Hof helemaal een einde zou maken aan transfers. Profvoetballers zouden dan net als op de gewone arbeidsmarkt op elk moment hun contract kunnen opzeggen.

De top van het voetbal kreeg stevige politieke rugdekking. Twee zwaargewichten – de toenmalige Britse premier Tony Blair en zijn Duitse collega Gerhard Schröder – waarschuwden in een gezamenlijke verklaring voor de negatieve gevolgen van een te radicale hervorming. Hun tussenkomst leidde tot een akkoord tussen de twee grote voetbalbonden en de Europese Commissie dat het nieuwe transfersysteem een vrijgeleide gaf.

Een politieke deal tussen Tony Blair en GerhardSchröder gaf na het Bosman-arrest een doorstart aan het transfersysteem.

Dat akkoord kreeg nooit officiële status. Het blijft tot vandaag een informele ‘gentleman’s agreement’. Slotsom: een cruciale economische draaischijf van het moderne topvoetbal – de transfermarkt – haalt zijn bestaansrecht uit een afspraak zonder enige juridische waarde.

Wankele ijsberg

Het dubieuze herenakkoord is enkel het topje van een wankele ijsberg. Er zijn stevige argumenten om het transfersysteem als illegaal te beschouwen. Een peloton topjuristen en academici heeft in vuistdikke studies en papers omstandig onderbouwd waarom de transfermarkt de Europese regels van vrij verkeer en concurrentie tart.

Op welk juridisch wrakhout transfers drijven, wordt nog maar eens pijnlijk blootgelegd door Niels Verborgh van de faculteit rechten aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij won deze week de Vlaamse Scriptieprijs met een juridische en economische analyse van het transfersysteem.

Zijn conclusie: transfersommen - en zeker de excessieve bedragen die vandaag circuleren - beperken het vrij verkeer van spelers op de arbeidsmarkt en werken kartelvorming onder een rijke elite van topclubs in de hand. Beide fenomenen worden door de Europese Commissie in andere sectoren met hand en tand bestreden. In het voetbal is het business as usual. ‘Een transfersom is in principe niets anders dan een verbrekingsvergoeding voor een contract van bepaalde duur. Maar de excesssieve sommen zijn volgens mij wel strijdig met de regels van het Europees recht’, aldus Verborgh.

Het originele doel van transfersommen was te zorgen voor een competitief en financieel evenwicht tussen clubs en competities. In de praktijk zorgt de transfermarkt voor het omgekeerde effect. De rijkste clubs – zeker met de prijsinflatie in de huidige markt – domineren de mercato omdat alleen zij nog de beste spelers kunnen betalen, stelt Niels Verborgh.

De markt evolueert naar een gesloten systeem van topclubs – een kartel - waar het talent zich concentreert en groot competitief onevenwicht ontstaat. Kleinere clubs moeten het met de kruimels stellen omdat zij in veel gevallen wel nog de salarissen maar niet langer de transferbedragen kunnen ophoesten. Dat verstoort het normale spel van vraag en aanbod, wat eerlijke concurrentie belemmert.

Ongelijkheid

De kloof is zo groot geworden dat het herverdelend effect van transfers – de uitgaven van de rijkste clubs sijpelen door naar de kleinere clubs – de markt niet langer corrigeert. Die ongelijkheid vertaalt zich zowel binnen competities als op internationaal niveau. Binnen landen verdeelt sinds het arrest-Bosman een krimpend keur van topclubs de prijzen onder elkaar. Europees worden de prijzen verdeeld onder clubs uit de grote Europese competities, met de 'big five' Engeland, Spanje, Duitsland, Italië en Frankrijk op kop.

Een tweede effect is dat de transfersommen de bewegingsvrijheid van spelers inperken. Verborgh: ‘Door de transfersommen slinkt de kans voor een pak spelers om een nieuwe club te vinden, omdat veel teams uit de subtop die bedragen niet meer kunnen betalen. Veel spelers wisselen uiteraard nog altijd vrij van club, maar het blijft een onnodige beperking op het vrij verkeer.’

Door de transfersommen slinkt de kans voor een pak spelers om een nieuwe club te vinden, omdat veel teams uit de subtop die bedragen niet meer kunnen betalen.
Niels Verborgh
Faculteit rechten Vrije Universiteit Brussel

De transfermarkt is het laatste obstakel om van het voetbal een normale economische sector te maken. Transfers belemmeren niet alleen een eerlijk speelveld, ze zijn de belangrijkste reden voor veel wat verkeerd loopt in het voetbal. De Europese top werkt steeds professioneler, maar daaronder zijn met transfers nog altijd weinig transparante geldstromen gemoeid.

Dat leidt tot witwassen, offshore constructies en onderhandse commissies voor makelaars en schimmige tussenfiguren. Volgens de laatst beschikbare cijfers roomden makelaars vorig jaar 45,5 miljoen euro, zo'n tien procent van de totale omzet, af bij de 24 Belgische profclubs. Een andere omstreden praktijk is Third Party Ownership, waarbij vaak onduidelijke buitenstaanders aandeelhouder zijn in de eigendomsrechten van een voetballer. Dat is sinds 2015 officieel verboden door de Fifa, maar nog altijd schering en inslag, zonder dat er echt tegen opgetreden wordt.

Voor de vorstelijk betaalde topvoetballers is er geen probleem. Makelaars maken hen het leven gemakkelijker als bemiddelaar tussen clubs en spelers, in ruil voor stevige commissies op de transfersom en het loon. Alleen zijn de topverdieners in het voetbal een kleine elite die uitkomt in het Europese topvoetbal. De grote bulk profs speelt voor een loon dat flirt met het minimumloon. De doorsnee voetballer verdient tussen 850 en 1.700 euro bruto per maand, blijkt uit een studie van de internationale spelersbond Fifpro. Die bevroeg vorig jaar 14.000 profs uit 54 landen in Europa, Afrika en Noord- en Zuid-Amerika.

850
Doorsnee loon.
De doorsnee voetballer verdient tussen 850 en 1.700 euro bruto per maand.

Dat 'precariaat' van voetballers is in veel gevallen aan handen en voeten van maffieuze figuren en organisaties gebonden. Ze zijn een speelbal in handen van makelaars én clubs – die dankzij het transfersysteem alle macht hebben. Overal in Europa – met ex-Joegoslavië als geografisch centrum - liggen bij de politiediensten vuistdikke dossiers over afpersing, bedreiging, fysiek geweld, gedwongen matchfixing en mensenhandel in de voetballerij. De transfermarkt en louche makelaars vormen een symbiose binnen een door en door verrot ecosysteem.

Juridische actie

Ondanks wankele juridische status en vele kwalen is tot nu amper juridische actie ondernomen tegen het systeem. De voetbalbond Fifa en clubs willen status quo om hun almacht te behouden. Internationale transfers gebeuren volgens regels van de Fifa. Die zorgt er met draconische regels voor dat geen club een speler durft halen die zijn contract bij een club heeft verbroken.

Voor binnenlandse transfers geldt in België een eigen regeling en kunnen spelers op basis van de omstreden wet van '78 hun contract verbreken tegen gelimiteerde vergoeding. In reactie hierop sloten Belgische clubs een 'gentleman's agreement' - wat in feite onwettig is - om weg te blijven van spelers die hun contract verbraken. Spelers en makelaars gaan daarom in de praktijk nooit verder dan dreigen met de opstapclausule om een transfer af te dwingen. Verder durft niemand het drijven, uit schrik voor de banvloek van het machtige voetbalkartel.

Het is de grote paradox van het hedendaagse voetbal. Jean-Marc Bosman brak het oude transfersysteem, maar is tegelijk de levensverzekering dat het nieuwe model blijft bestaan. Door zijn onfortuinlijke lot durft geen speler vandaag de volgende stap te zetten: het transfersysteem voor een rechtbank aanvechten. De voetballer die dat aandurft, weet dat zijn carrière dan net als Bosman meteen over is.

Kaduke zootje

Met de afschaffing van de transfermarkt zouden spelers vrijer en rijker worden. Zij zouden meest profiteren van het vrijgekomen geld uit de transfermarkt via hogere lonen. Volgens arbeidsmarktexperts hebben zij ook de grootste kans op succes door individueel een zaak in te spannen bij een nationale rechter. ‘Die zal het advies inwinnen van het Europees Hof van Justitie, waarna een nationale rechter het hele kaduke zootje binnen de kortste keren aan flarden schiet’, stelt een Belgische topadvocaat.

Alleen pleegt elke speler met een klacht professionele harakiri. De topadvocaat: ‘Een jonge speler kan ik het niet aandoen, omdat hij dan nooit meer op topniveau zal spelen. Een oudere speler op het einde van zijn carrière is de beste optie, maar hij zou nooit meer profiteren van profvoetbal zonder transfermarkt. Welk belang heeft hij om een jarenlange dure en slopende procedure beginnen?'

'Het zou helpen dat de publieke opinie zich achter de speler zet. Maar het publiek ziet alleen – voor een stuk terecht - klagende rotverwende ventjes. Alleen is het punt dat transfers de meerderheid van voetballers schaadt - soms tot onderbetaalde slaaf maakt - en criminele praktijken stimuleert.’

Het publiek ziet alleen klagende rotverwende ventjes. Alleen is het punt dat transfers de meerderheid van voetballers schaden - soms tot onderbetaalde slaaf maakt - en criminele praktijken stimuleert.
Een topadvocaat

Voor de fans is het dubbel. Zij worden door de sportmedia constant gevoed met de laatste transferroddels, waarbij de vraag is wie dealer en gebruiker is. Veel supporters vinden ook alles goed zolang er succes is. Het interne reilen en zeilen - waarbij clubs afhankelijk worden van één makelaar of de geldstromen dubieus zijn - is voor veel supporters een ver-van-hun-bed-show. 

Mislukte transfer

Jean-Louis Dupont – de advocaat die in 1995 Bosman verdedigde – kreeg opnieuw een speler zo ver om toch naar de rechter te stappen. Lassana Diarra (32) vecht voor een Belgische rechter zijn mislukte transfer van Lokomotiv Moskou naar Sporting Charleroi aan. De Fifa had hem voor een jaar geschorst toen hij wegens een dispuut met de clubleiding zijn contract in Moskou eenzijdig verbrak.

Voetballer Lassana Diarra vecht voor de rechter in Charleroi het transfersysteem aan. ©Photo News

De rechter in Charleroi veroordeelde zowel Fifa als de Belgische vergoeding tot betaling van een provisionele schadesom, omdat het Fifa-reglement én het transfersysteem 'principieel onwettig' is. De rechter wil nu van Diarra een gedetailleerde rekening van zijn schadeclaim - hij vraagt 6 miljoen - voor hij definitief uitspraak doet. Bij insiders is te horen dat Fifa het niet zover zal laten komen, in beroep zal gaan of Diarra een minnelijke schikking voor te leggen.

Buiten de spelers is iedereen gebaat bij het status quo. Clubs en bonden halen alles uit de kast om het transfersysteem overeind te houden. Het beste bewijs is dat spelersbond Fifpro een klacht bij de Europese Commissie recent weer introk. Dat deed de vakbond officieel omdat de Fifa een aantal ingrijpende wijzigingen toegezegd. Het akkoord gaat niet veel verder dan het recht op contractverbreking bij een lange periode van onbetaald loon.

In bad

De vakbond is volgens insiders door gewezen Fifa-baas Sepp Blatter – rond wiens bewind een parfum van schimmige deals en steekpenningen hing – mee in bad getrokken. De fifpro heeft mannetjes in belangrijke cenakels van de Fifa en krijgt ook een percentage van de inkomsten uit tv-rechten en het populaire voetbalgame Fifa toegeschoven. De vakbond heeft er daarom alle belang bij het systeem in stand te houden.

Clubs en bonden vinden hun uitzondering op de gewone arbeidsregels gerechtvaardigd. Zij zien het als competitievervalsing dat spelers net als een universiteitsprofessor of advocaat op elk moment in het seizoen naar een andere club kunnen overstappen. Zij beschouwen transfers en opleidingsvergoedingen voor jong talent dat naar een andere club overstapt– juridisch een al even wankel concept – als noodzakelijk om hun investeringen te recupereren. ‘Dikke onzin’, stellen experts arbeidsrecht. ‘Het is valabel te stellen dat spelers in één seizoen niet voor twee clubs in dezelfde competitie kunnen spelen. Voor de rest is er geen enkel goed argument voor een uitzonderingsregime.’

De spelers hebben schrik om te eindigen als Bosman, onder de fans leeft het niet en de bobo’s en de vakbond hebben belang bij het status quo. De strijd tegen het transfersysteem zit – hoe illegaal en marktverstorend ook - in een catch-22.

Wat is het alternatief?

De tegenstanders van het transfersysteem wijzen naar de grote Amerikaanse profcompetities. Die schaften een gelijkaardig transfersysteem lang geleden af. De grote vier – het honkbal, American football, basketbal en ijshockey – zijn commerciële en populaire kassuccessen. Zonder transfersommen. Zij bewaken competitief evenwicht door een herverdeling van de inkomsten tussen clubs, evenredige spreiding van talent over de teams en een salarisplafond voor de spelers. Dat model is echter bijzonder moeilijk transporteerbaar naar het voetbal. De Amerikaanse competities draaien op een gesloten model met enkele tientallen clubs. Het internationale topvoetbal is daar het tegenovergestelde van, met clubs die op de mondiale markt tegen elkaar opbieden voor de beste spelers. Het is een prijzenoorlog waar geen regel van een controlerende overheid tegenop kan.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud