Wielerploegleiders vervolgd voor fraude

©BELGA

Het parket vervolgt de wielerploegleiders Dirk Demol en Lorenzo Lapage in een grote fraudezaak. Zij lieten bij dezelfde adviseur een constructie opzetten in Luxemburg en Cyprus.

Op 30 april 2009 richtte ex-Parijs-Roubaix-winnaar en wielerploegleider Dirk Demol een vennootschap op in het Groothertogdom Luxemburg. Die kreeg de naam Rivista Lux. Demol was officieel de zaakvoerder van Rivista Lux, maar de vennootschap bestond alleen op papier.

Ze kreeg het Luxemburgse postbusadres van een Belgische belastingadviseur. Op hetzelfde huisnummer van een villa in Pétange waren nog tientallen soortgelijke postbusvennootschappen gevestigd. Een ervan was de vennootschap Olympus, die gebruikt werd voor de wielerploeg Astana, bij wie Demol in 2008 een contract had getekend.

Hoewel Demol officieel zaakvoerder was van de Luxemburgse postbusvennootschap, was driekwart van de aandelen in handen van een andere, gelijknamige vennootschap, Rivista Limited. Die vennootschap was dan weer in Cyprus gevestigd, met een postbus in de hoofdstad Nicosia. Het resterende kwart van de aandelen in de Luxemburgse vennootschap stond op Demols eigen naam, met zijn thuisadres in België.

Belastingtarief: minder dan 2 procent

Het valt moeilijk te ontkennen dat de constructie in Luxemburg en Cyprus om fiscale redenen is opgezet. Het belangrijkste doel van de Luxemburgse vennootschap was het opstrijken van inkomsten uit intellectuele eigendomsrechten. Het is bekend dat ook profwielrenners een deel van hun vergoeding laten uitbetalen in ‘portretrechten’.

De Luxemburgse belastingwet is dan zeer interessant omdat je maar belast wordt op 20 procent van de inkomsten uit intellectuele eigendom. Voor Demols Luxemburgse vennootschap betekende dat voor de jaren 2009 tot en met 2013 dat nog geen 5.000 euro belasting werd betaald op bijna 300.000 euro aan nettowinsten, of een belastingtarief van minder dan 2 procent.

Ook het toevoegen van een postbusvennootschap in Cyprus is niet toevallig. Dat heeft dan weer te maken met de belastingvrijstelling die op het eiland geldt voor dividenden die niet-inwoners laat toestromen uit buitenlandse activiteiten. In dit geval stroomden er dividenden vanuit Rivista Lux naar Cyprus.

Schijnvertoning

Maar het parket van West-Vlaanderen beschouwt de constructie als een fiscale schijnvertoning. Al in mei 2013 kreeg Demol speurders over de vloer en een jaar later liet de wielerploegleider zijn Luxemburgse vennootschap opdoeken.

Nu vervolgt het parket Demol samen met 17 andere personen in hetzelfde dossier voor fiscale fraude, valsheid in geschrifte en witwassen. Dat bevestigt parketwoordvoerster Karlien Ververken. ‘De zaak is hangende voor de raadkamer in Kortrijk, maar ze is voor onbepaalde tijd uitgesteld omdat bijkomende onderzoeksdaden zijn gevraagd.’

De 58-jarige Demol leidt momenteel de wielerploeg Trek-Segafredo, met renners zoals Jasper Stuyven en John Degenkolb. Hij wenst geen commentaar te geven op zijn vervolging. Wie dat wel doet, via zijn advocaat Michel Maus, is een andere ploegleider die in de zaak wordt vervolgd, Lorenzo Lapage, momenteel ploegleider van Orica-Scott, met renners als Mathew Hayman, Caleb Ewan en de broers Yates.

Ook Lapage was in een vorig leven aan de slag bij de ‘Luxemburgse’ ploeg Astana, van 2010 tot 2011. Op 8 februari 2010 liet Lapage net dezelfde constructie opzetten met de vennootschappen Tempnix Lux in Luxemburg en Tempnix Limited in Cyprus. Net als Demol liet Lapage die begin 2014 opdoeken.

Verleiden

‘Iedereen heeft zich in deze zaak laten leiden, verleiden of misleiden - hoe je het ook wil verwoorden - door een  belastingadviseur die deze constructie op vrij grote schaal verkocht, vooral in het wielermilieu’, stelt Lapages advocaat Maus.

‘Dit is een klassieke constructie voor ‘belastingontwijking’. Er is niets mis mee als je de ‘bijsluiter’ respecteert. En daar draait de discussie om. Zo stelt het openbaar ministerie dat de vennootschappen niet echt bestuurd werden vanuit Luxemburg en Cyprus, maar vanuit België en dat ze dus hier belastingen moesten betalen. Maar dat betwisten wij, onder meer omdat het hoofdkwartier van Astana in Luxemburg zat.’

Maus sluit niet uit dat de zaak op een minnelijke schikking uitdraait. ‘We praten daarover met de fiscus en het gerecht.’

Financieel planner BFO mocht vervolging afkopen

In dezelfde fraudezaak worden ook (ex-)toplui vervolgd van de financieel planner BFO uit Zwijnaarde. BFO liet bij dezelfde belastingadviseur als de wielerploegleiders constructies opzetten in Luxemburg en Cyprus. Dat gebeurde op dezelfde postbusadressen in het Luxemburgse Pétange en het Cypriotische Nicosia. BFO probeerde op die manier een gunstige verloning uit te werken voor een twintigtal medewerkers. Zo droegen de Luxemburgse postbusvennootschappen vaak gewoon de familienaam van de BFO-medewerker gevolgd door ‘& Cie’. In de ogen van het openbaar ministerie was ook bij BFO sprake van een schijnvertoning omdat de medewerkers gewoon in België werkten en dus hier belastingen hadden moeten betalen. Hoewel er bij de 18 personen die worden vervolgd in de zaak nog (ex-)toplui van BFO zitten, mocht het bedrijf zelf al zijn vervolging afkopen met een minnelijke schikking. BFO was gisteren niet bereikbaar voor een reactie. 

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content